Radboudumc

print
Blaassteenverwijdering

Blaasstenen zijn verkalkingen die ontstaan uit stoffen die in de urine zitten (zoals urinezuur). Vaak zijn de stenen gevormd in de nieren en voert de urine ze naar de blaas. Als u ze vervolgens niet uitplast, kunnen de stenen aangroeien en de doorgang belemmeren. Hierdoor kunt u moeilijker plassen en doet het plassen soms ook pijn of krijgt u een brandend gevoel. Blaasstenen kunnen bovendien terugkerende urineweginfecties veroorzaken.

Blaasstenen komen het meest voor bij mannen met een vergrote prostaat die de plasbuis wat dichtdrukt. Ook vrouwen kunnen na een operatie tegen incontinentie last krijgen van blaasstenen. Net als mensen bij wie de zenuwprikkeling voor het legen van de blaas is verstoord.

Indien er sprake is van kleine blaasstenen zijn kunnen deze met instrumenten via de plasbuis worden vergruisd, en uitgespoeld. Indien er sprake is van grote stenen, dan moeten die via een buikwond worden verwijderd. De blaas wordt dan geopend, de stenen worden eruit gehaald en de blaas wordt weer waterdicht gesloten, en de buikwond wordt ook gesloten. Enige dagen is er een buisje in de plasbuis (catheter) nodig om te zorgen dat de blaas goed geneest(operatiemethode: Sectio alta).

Na de operatie

De eerste weken na ontslag uit het ziekenhuis moet u het nog rustig aan doen. Neem voldoende rust. Pijn en vermoeidheid zijn meestal signalen dat u te veel hebt gedaan. De hechtingen lossen meestal vanzelf op. Als ze eruit moeten, kunt u dit (ongeveer tien dagen na de operatie) door de huisarts of op de polikliniek laten doen.