Radboudumc

print
Echografie

Bij een echografie worden beelden gemaakt van weefsels en organen met behulp van ultra-geluidsgolven. Die golven worden uitgezonden door een zogeheten transducer, die de radioloog of radiodiagnostisch laborant over uw huid beweegt. De geluidsgolven weerkaatsen verschillen in dichtheid van het weefsel. De transducer vangt die verschillen op en de computer zet de signalen vervolgens om in beelden. Deze onderzoeksmethode wordt al vanaf 1960 toegepast. Tot nu toe zijn er geen nadelige effecten van het gebruik gemeld; echografie wordt dan ook beschouwd als een veilige onderzoeksmethode. 

Voorbijrijdende auto

Naast de echo hebben ultra-geluidsgolven nog een andere eigenschap: geluid dat zich in de richting van een waarnemer verplaatst, lijkt een hogere toon uit te zenden dan geluid dat zich van de waarnemer verwijdert. Een voorbijrijdende auto toont dit duidelijk aan. Deze eigenschap vormt de basis van het Doppler-onderzoek. Hiermee kan de onderzoeker onder andere bepalen hoeveel en in welke richting het bloed in bloedvaten zich verplaatst. Een radioloog of een radiodiagnostisch laborant voert het onderzoek uit. En een radioloog beoordeelt het onderzoek.

Voorbereiding en nazorg

Voor sommige onderzoeken is het nodig dat uw blaas vol is, of dat u nuchter bent. Als een voorbereiding nodig is, staat dit vermeld in de folder van het onderzoek.