Radboudumc

print
Schildwachtklierprocedure

Bij een operatie voor borstkanker wordt de oksel onderzocht op lymfeklieruitzaaiingen. Het lymfeklieronderzoek vindt meestal plaats via de schildwachtklierprocedure.

Als de tumor via lymfevaten uitzaait, komen de kankercellen eerst in één of soms meer schildwachtklieren terecht. Het doel van de schildwachtklierprocedure is om deze klieren op te sporen en te onderzoeken of er kankercellen in aanwezig zijn. 

Opsporing schildwachtklieren

Schildwachtklieren worden opgespoord met een licht radioactieve stof. Deze stof wordt op de afdeling Nucleaire Geneeskunde met vijf kleine injecties in de borst gespoten. De eerste klier die de ingespoten vloeistof bereikt, is de schildwachtklier.

Kort voor de operatie wordt ook een blauwe kleurstof ingespoten in de borst. De kleurstof zorgt voor een blauwverkleuring van de lymfebanen en de schildwachtklier. Dit is een extra hulpmiddel bij het zoeken naar de schildwachtklier tijdens de operatie. De schildwachtklier is nu zichtbaar (blauw) en zendt meetbaar een zwakke straling uit.

De nieren scheiden de blauwe kleurstof uit. Uw urine kan de eerste dagen na de operatie blauwgroen verkleurd zijn. Ook kan de huid van uw borst rond de plaats van de inspuiting blauw verkleurd zijn. Deze verkleuring verdwijnt meestal binnen enkele maanden. De radioactieve vloeistof heeft geen bijwerkingen en is niet gevaarlijk voor u of uw omgeving. 

Verwijdering schildwachtklier(en)

Tijdens of een aantal dagen voor de borstoperatie verwijdert de chirurg de schildwachtklier(en) via een kleine snede in de oksel. Hij stuurt deze voor onderzoek naar de patholoog. Als de patholoog kankercellen heeft aangetoond, verwijdert de chirurg de overige okselklieren tijdens de operatie.

Direct naar