Wie kom ik tegen? in het ziekenhuis



Verpleegkundige

Als je in het ziekenhuis ligt, zie je de verpleegkundige het vaakst. Hij of zij zorgt voor jou als je in het ziekenhuis ligt. Samen met je ouders helpt de verpleegkundige jou met wassen en aankleden. Ook krijg je jouw medicijnen van de verpleegkundige.  

Er hangt een bel bij je bed. Daarmee kun je de verpleegkundige roepen als het nodig is. Bijvoorbeeld als je je niet lekker voelt of pijn hebt.  Dan proberen ze zo snel mogelijk bij je langs te komen. Je kunt ook altijd al je vragen stellen aan de verpleegkundige.

Er zijn heel veel verschillende verpleegkundigen op de afdeling. Daarom zie je niet altijd dezelfde. Maar je leert ze snel genoeg kennen.


Arts

Een arts noemen we ook wel dokter. De arts probeert jou beter te maken.

meer

Arts

Een arts noemen we ook wel dokter. De arts probeert jou beter te maken. Er zijn een heleboel verschillende soorten artsen. De ene arts weet bijvoorbeeld heel veel over nieren, de andere weer over het hart. Er zijn ook dokters die operaties doen. Die noemen we chirurgen. Soms heeft een dokter een moeilijke naam, bijvoorbeeld uroloog of neuroloog. Als je niet weet wat dit betekent, mag je het natuurlijk altijd vragen.

Meestal is er één arts die vaak bij jou langskomt. Hij vertelt jou en je ouders alles over de behandeling. Dit is de afdelingsarts. Je kunt hem of haar al je vragen stellen.

Bij je bed hangt een bord met de naam en een foto van je hoofdbehandelaar. Je ziet deze dokter minder vaak. Maar dat is wel de dokter die alles wat er met je gebeurt, in de gaten houdt.  


Voedings­assistent

De voedingsassistenten zorgen voor het eten.

lees meer

Voedings­assistent

De voedingsassistenten zorgen voor het eten. Ze brengen jouw ontbijt, drinken, fruit en brood tussen de middag. Meestal komen ze ’s morgens bij je langs om te vragen wat je ’s avonds wilt eten. Bij de voedingsassistent kunt je ook doorgeven als je papa, mama, broertje, zusje, opa of oma mee wil eten.  

Verpleeg­assistent

De verpleegassistent of zorghulp helpt de verpleegkundige op de afdeling.

lees meer

Verpleeg­assistent

De verpleegassistent of zorghulp helpt de verpleegkundige op de afdeling. Ze zorgen ervoor dat alle spullen die in de kasten liggen er zijn. Zoals handdoeken en dekens. Soms maken ze je bed op. Ze helpen de verpleegkundigen ook met het schoonmaken van spullen. Of bijvoorbeeld met het ophalen van medicijnen bij de apotheek.


Pedagogisch medewerker

Soms is het best moeilijk of spannend om in het ziekenhuis te moeten liggen. De pedagogisch medewerker kan jou hierbij helpen. Ze legt alles goed uit. Ze vertelt je bijvoorbeeld wat er gaat gebeuren als je geopereerd moet worden of als je een onderzoek gaat krijgen. Dan weet je van te voren hoe het gaat.

Als jij het fijn vindt, kan de pedagogisch medewerker ook met je meegaan naar een onderzoek. Zij kan je helpen tijdens spannende of moeilijke momenten, zoals bijvoorbeeld het krijgen van een prik of het eraf halen van een pleister.

Ook doet ze leuke dingen met jou. Bijvoorbeeld spelletjes of knutselen. Dat kan op je kamer, maar ook in de speelkamer of op het buitenterras. Als dat tenminste mag van jouw dokter. Want voor sommige kinderen is het beter als ze op hun eigen kamer blijven.



Kinderfysio­therapeut

Soms kan het na een operatie best moeilijk of spannend zijn om te bewegen. Bijvoorbeeld omdraaien in bed of in een stoel gaan zitten. De kinderfysiotherapeut helpt je dan. Je doet samen oefeningen zodat het bewegen makkelijker gaat en minder pijn doet.  


Anesthesist

In het ziekenhuis wordt de anesthesist ook wel de ‘slaapdokter’ genoemd. De anesthesist brengt je in slaap als je geopereerd wordt of bijvoorbeeld een bepaald onderzoek krijgt. Ook zorgt hij ervoor dat je weer wakker wordt als de operatie klaar is.  

Je ziet de slaapdokter al van te voren. De slaapdokter vraagt je wat jij zelf het fijnst vindt. Hij spreekt dan met jou en je ouders af hoe je gaat slapen. Als je vragen hebt, mag je die natuurlijk altijd stellen.  



Leerkracht

Sommige kinderen moeten langer in het ziekenhuis blijven en kunnen dan niet naar hun eigen school. Dan komt de leerkracht bij je langs op je kamer. Of je gaat naar de school toe in het ziekenhuis als dit mag van dokter.


Kinder­psycholoog

Soms is het spannend om ziek te zijn of in het ziekenhuis te liggen. Je kunt je daardoor niet fijn voelen of je zorgen maken. Dan kan de kinderpsycholoog je helpen. Ze kijkt samen met jou wat er aan de hand is. Ze kan je helpen bij dingen die je moeilijk vindt of waar je tegenop ziet. Ze kan je bijvoorbeeld leren minder bang te zijn. Of hoe je aan anderen kan vertellen wat voor ziekte je hebt.

Schoonmaker

De schoonmaker zorgt ervoor dat alle kamers goed schoongemaakt worden.

lees meer

Schoonmaker

De verpleegassistent of zorghulp helpt de verpleegkundige op de afdeling. Ze zorgen ervoor dat alle spullen die in de kasten liggen er zijn. Zoals handdoeken en dekens. Soms maken ze je bed op. Ze helpen de verpleegkundigen ook met het schoonmaken van spullen. Of bijvoorbeeld met het ophalen van medicijnen bij de apotheek.
inloggen