Als je broer of zus ziek is

Het kan soms best lastig zijn als je broer of zus (lang) ziek is. Je kunt verdrietig zijn omdat je broer of zus dingen niet (meer) kan. Of omdat bij jullie thuis de dingen niet gaan zoals je gewend was of omdat het anders gaat dan bij andere gezinnen. Misschien moet jij je aanpassen. 

Sommige kinderen zijn ook wel eens jaloers omdat er veel tijd en aandacht naar hun broer of zus gaat. Of ze voelen zich schuldig omdat ze dingen kunnen doen die hun zieke broer of zus niet kan. Ook kun je bezorgd zijn om je ouders omdat je ziet dat ze verdrietig zijn. 

Het is niet vreemd om dit soort gevoelens te hebben. Veel broers en zussen van zieke kinderen hebben ze. De meeste kinderen lukt het na een tijdje om met de ziekte van hun broer of zus om te gaan. Ze hebben genoeg hulp en steun van hun ouders, familie, vrienden of leraren en kunnen zich weer gewoon gelukkig voelen, ondanks de ziekte van hun broer of zus. Maar als je je rot blijft voelen, kun je wel wat tips gebruiken. Die vind je op deze pagina.

Als je broer of zus ziek is

Het kan soms best lastig zijn als je broer of zus (lang) ziek is. Zo kun je verdrietig zijn omdat je broer of zus dingen niet (meer) kan. Of omdat bij jullie thuis de dingen niet gaan zoals je gewend was. Als je je rot voelt, kun je wel wat tips gebruiken. Die vind je op deze pagina.

lees meer

Filmpje speciaal voor brussen

Wat kun je doen?


Praat erover als je je rot voelt

Als je je rot voelt, kun je wel wat hulp gebruiken. Bespreek het daarom met je ouders. Je kunt ook praten met kinderen die hetzelfde meemaken. Die ook een zieke broer of zus hebben.

lees meer

Praat erover als je je rot voelt

Als je je rot voelt, kun je wel wat hulp gebruiken. Bespreek het daarom met je ouders. Ook al heb je misschien het gevoel dat je hen niet lastig wilt vallen met jouw zorgen, zij willen graag weten hoe het met jou gaat. En hoe ze jou kunnen helpen. 

Je kunt ook met andere mensen in je omgeving praten over je gevoelens, bijvoorbeeld vrienden of een oom of tante. Of misschien vind je het fijn om te praten of chatten met lotgenoten. Dat zijn kinderen die hetzelfde meemaken. Ze hebben net als jij een zieke broer of zus. Broers en zussen van zieke kinderen worden ook wel ‘brussen’ genoemd.

Contact met lotgenoten

Je kunt op verschillende manieren met lotgenoten in contact komen:
  • De Facebookpagina: Lotje&co Brussen.
  • Een speciaal boek voor brussen, waarin broers en zussen vertellen. Daarnaast staan er puzzels, raadsels en tips in, bijvoorbeeld waar je verhalen van brussen kunt volgen. Of hoe praten over je gevoelens makkelijker wordt.
  • Op YouTube vind je een leuk filmpje waarin brussen vertellen.
  • Een cursus speciaal voor brussen.
  • FunCare4Kids organiseert speciale dagen voor brussen.

De arts is er ook voor jou

Het is goed om te weten dat de arts in het Amalia kinderziekenhuis er ook voor jou is. Hij/Zij kan je meer informatie geven over wat je broer of zus heeft.

lees meer

De arts is er ook voor jou

Het is goed om te weten dat de arts in het Amalia kinderziekenhuis er ook voor jou is. Hij/Zij kan je meer informatie geven over wat je broer of zus heeft. Dit kan helpen om beter te begrijpen wat er allemaal gebeurt thuis en in het ziekenhuis. Vraag dus aan je ouders of je een keer mee mag naar het ziekenhuis. Ook als je zelf hulp nodig hebt, kan de huisarts of de arts in het ziekenhuis jou helpen. Samen kunnen jullie bepalen aan wie je hulp kunt vragen. Dat kan soms een familielid of kennis zijn, en soms een zorgverlener.

Als je je alleen voelt

Ook als er veel mensen om je heen zijn, kan je je alleen voelen. Zo kun je het gevoel hebben dat de mensen om je heen niet goed snappen wat jij voelt.

lees meer

Als je je alleen voelt

Ook als er veel mensen om je heen zijn, kan je je alleen voelen. Zo kun je het gevoel hebben dat de mensen om je heen niet goed snappen wat jij voelt. Sommige kinderen zijn tevreden met één goede vriend, anderen hebben een grote groep kennissen om zich heen nodig om zich tevreden te voelen. Het kan ook zijn dat je veel vrienden hebt, maar een diepe band mist. Ook al heb je dus veel vrienden, dan kan je je nog steeds alleen voelen. En als je je alleen voelt, kun je je ook onzeker voelen of somber of moe. Je kunt zelfs hoofdpijn krijgen. Of misschien krijg je wel geen hap door je keel.

Wat kun je doen om je beter te voelen?

  • Deel je gevoel met iemand die je vertrouwt. Deze persoon heeft misschien wel goede ideeën of tips voor je. Denk aan je ouders, een vriend(in), broer, zus, oom of tante. 
  • Kom in actie. Ga bij een sportclub, stel voor om met je hele klas iets leuks te doen, ga samen met een vriend(in) naar de stad of ga samen koken met je vader of moeder. 
  • Schaam je er niet voor. Alleen zijn is een heel normaal gevoel wat veel mensen hebben. Vraag maar eens aan de mensen om je heen of ze zich wel eens alleen voelen. Waarschijnlijk antwoordt bijna iedereen met ‘Ja'.

Omgaan met gevoelens en stress

Als je erg bang, boos of verdrietig bent, is het goed om dit aan je ouders te vertellen. Dan kun je samen kijken wat je hier aan kunt doen. Maar je kunt het ook delen met iemand anders. En het kan helpen als je leuke dingen doet.

lees meer

Omgaan met gevoelens en stress

Iedereen heeft gevoelens. Je kunt waarschijnlijk zo gevoelens opnoemen die je zelf wel eens hebt. We delen gevoelens in in 4 basisgevoelens: 
  • Blij
  • Bang
  • Boos
  • Bedroefd
We hebben deze gevoelens alle 4 nodig.
  • Als we ons niet bang voelen worden we niet oud, omdat we dan erg gevaarlijke dingen doen. Je zou je dan bijvoorbeeld niet verstoppen als je een leeuw zou zien, want je bent niet bang.
  • Ook boosheid heb je soms nodig. Door boosheid krijg je veel energie en kom je snel in actie. Je komt voor jezelf op.
  • Door verdriet kun je omgaan met vervelende ervaringen.
  • En als je blij bent, denk je even niet aan gevaren of verdrietige dingen en voel je je fijn.
Het kan erg verschillen hoe sterk je deze basisgevoelens voelt. Zo kan boosheid verschillen van iets irritant vinden tot echte woede en haat. Als je je een beetje bedroefd voelt, ben je teleurgesteld. Voel je je heel erg bedroefd, dan ben je verdrietig. Bij bang zijn kun je je onrustig voelen, maar je kunt ook echt in paniek zijn. Dat zijn de gevoelens veel sterker. Bij blijdschap kan je vrolijk zijn tot heel erg gelukkig. 

Wat kun je doen?

Als je erg bang, boos of bedroefd bent, dan is het goed om dit aan je ouders te vertellen. Dan kun je samen kijken wat je hier aan kunt doen. Maar als je geen zin hebt om er met je vader of moeder over te praten, kun je deze gevoelens misschien wel delen met iemand anders. Bijvoorbeeld je oom of tante of een leraar op school. 

Het helpt ook als je leuke dingen doet. Want je hebt meer lol, voelt je meer ontspannen en het helpt je om even aan iets anders te denken. Misschien heb je er helemaal geen zin in, maar het is wel belangrijk dat je het doet. Als je het lastig vindt, doe het dan stapje voor stapje. Hieronder vind je allerlei voorbeelden van dingen die je kunt doen. 

Samen dingen doen (sociale activiteiten)

Sociale activiteiten zijn activiteiten waarbij je iets met iemand samen doet. Het is belangrijk omdat je zo contact blijft houden met je familie en vrienden. Trek jezelf niet te veel terug. Anderen kunnen juist een goede afleiding of je tot steun zijn. Denk aan:
  • samen huiswerk maken
  • samen sporten
  • samen naar de stad gaan
  • samen eten koken 

Bewegen

Als je gefrustreerd of een beetje verdrietig/somber bent, is sporten de ideale afleiding. Van bewegen krijg je een ontspannen en vrolijk gevoel en het is ook nog eens goed voor je gezondheid. Zo word je minder snel ziek, versterk je je spieren en verbeter je je conditie. En van bewegen krijg je energie! Je voelt je dus minder moe. Het is een goed idee om samen met een vriend(in) te sporten. Het is niet alleen gezellig, maar je kunt elkaar ook aansporen als één van jullie geen zin heeft! Je kunt bijvoorbeeld gaan:  
  • hardlopen
  • voetballen
  • wandelen met de hond
  • fietsen
  • dansen
  • Longboarden / skaten

Uitrusten

Soms is het ook goed om even uit te rusten als je veel hebt meegemaakt. Dan heb je later op de dag of de volgende dag weer meer energie om dingen te doen. Denk aan:  
  • knuffelen met je huisdier
  • in bad gaan of een warme douche nemen
  • een boek lezen op bed