Nieuws Wetenschappers roepen op tot meer alertheid bij E. coli uitbraken

20 november 2023

Meer kennis en bewustzijn over een schadelijke vorm van de darmbacterie E. coli is van groot belang. Deze vorm kan in zeldzame gevallen namelijk nierfalen bij kinderen veroorzaken. Een recente uitbraak op elf kinderdagverblijven in Canada laat zien hoe belangrijk het is dat zorgverleners in de eerstelijn de infectie tijdig herkennen.

Een grote uitbraak van de darmbacterie Escherichia coli (E. coli) op elf verschillende kinderdagverblijven in Canada leidde afgelopen september tot 96 besmette kinderen, van wie 22 in het ziekenhuis moesten worden opgenomen. De oorzaak? Besmet voedsel, bereid in een gemeenschappelijke keuken. Deze uitbraak bevestigde voor kindernefroloog Nicole van de Kar van het Radboudumc andermaal het belang van haar recent afgeronde wetenschappelijke review, die nu gepubliceerd is in New England Journal of Medicine

Dit overzichtsartikel schreef Van de Kar met twee collega's uit Calgary, toevallig het epicentrum van de uitbraak, en het Amerikaanse St. Louis. Hierin benadrukken zij het belang van tijdige actie bij een uitbraak van de schadelijke variant van E. coli. Van de Kar: ‘Juist omdat ze in Calgary zo gespecialiseerd zijn in de gevolgen van een E. coli-besmetting, konden zorgverleners snel handelen. Dat heeft echt schade voorkomen.’

Ernstig nierfalen

De meeste varianten van de darmbacterie E. coli zijn niet gevaarlijk. Maar een bepaalde variant, de shiga-toxine producerende E. coli (STEC) bacterie TEC, leidt in sommige gevallen wél tot schade. Deze variant produceert shiga-toxine, een soort gifstof die door de bacterie wordt gemaakt en schade aan de cellen in de darmwand veroorzaakt. Bij sommige patiënten leidt dit tot ernstige diarree, die gepaard gaat met bloedingen in de darmen. Gemiddeld duren deze klachten vier dagen en gaan ze vanzelf weer over. 

Bij ongeveer 15 tot 20 procent van de patiënten treedt, tot twee weken na aanvang van de diarree, een ernstige complicatie aan de nieren op: het hemolytisch uremisch syndroom (HUS). Deze vorm van acuut nierfalen komt vooral voor bij kinderen tussen 6 maanden en 5 jaar oud, maar ook bij ouderen. Hierbij is er een plotselinge achteruitgang van de nierfunctie door de vorming van kleine stolsels in de bloedvaten van de nieren, en afbraak van rode bloedcellen. Kinderen die deze vorm van HUS doormaken hebben vaak eerst (bloederige) diarree gehad. Deze aandoening kan nierdialyse en zelfs niertransplantatie tot gevolg hebben.

Alertheid bij grote uitbraken

Juist omdat HUS zo zeldzaam is, is het belangrijk dat zorgverleners alert zijn bij grote uitbraken van de E. coli, vertelt Nicole van de Kar. In het Radboudumc Expertisecentrum Zeldzame Nierziekten ziet zij veel patiënten met HUS en weet ze hoe ernstig de gevolgen voor patiënten kunnen zijn. ‘Met dit artikel wilden we met name eerstelijns zorgverleners zoals huisartsen en Spoedeisende Hulp-artsen voorlichten over deze ziekte. Maar ook voor de tweede lijn, zoals kinderartsen en internisten, is deze kennis belangrijk. Een goed begrip van de microbiologie en het natuurlijke beloop van symptomen en complicaties kunnen de diagnose en behandeling enorm verbeteren. Aan de hand van deze richtlijnen konden onze collega's in Canada tijdens de laatste uitbraak snel de juiste zorg bieden, en zo het aantal kinderen met nadelige gevolgen tot een minimum beperken.’

Beloop: achteruitgang na verbetering

Eén van de belangrijke constateringen in het artikel, gaat over het beloop van de infectie. Van de Kar: ‘STEC-infecties zijn lastig, omdat de geïnfecteerde kinderen vaak beter worden voordat ze achteruitgaan. Vervolgens ontwikkelen ze complicaties. Opvolging is heel belangrijk; te vroeg stoppen of niet vaak genoeg opvolgen kan ertoe leiden dat kinderen thuis verslechteren en dat complicaties onopgemerkt blijven.’ 

Tijdige symptomatische behandeling dus, die juist níet bestaat uit het geven van antibiotica. Als HUS het gevolg is van een bacterie, zijn artsen in de behandeling nog steeds aangewezen op symptoombestrijding; er bestaat geen echt specifieke behandeling voor het STEC-HUS. De mogelijkheden zijn beperkt: overname van nierfunctie, balans houden in de vocht- en mineralenhuishouding en toediening van een bloedtransfusie. Bij tijdige maatregelen, herstelt het merendeel van de kinderen, zo'n 85%. 

Tot slot benadrukken de auteurs van het review het belang van nauwe samenwerking met microbiologen. Van de Kar: ‘Zorgverleners hebben de juiste informatie nodig, zodat ze de juiste zorg kunnen leveren. Met dit artikel willen we de werkwijzen in de laboratoria en bijbehorende rapporten met informatie optimaliseren. De informatie die wij in dit onderzoek hebben verzameld, helpt zorgverleners op weg.’ 

Over deze publicatie

Dit artikel verscheen in New England Journal of Medicine: Shiga Toxin–Producing Escherichia coli and the Hemolytic–Uremic Syndrome – Stephen B. Freedman, Nicole C.A.J. van de Kar, and Phillip I. Tarr. DOI: 10.1056/NEJMra2108739. Lees hier informatie over het Radboudumc Expertisecentrum Zeldzame Nierziekten.

Meer informatie


Pauline Dekhuijzen

wetenschaps- en persvoorlichter

neem contact op

Meer nieuws


Wereldwijde focus op antibioticaresistentie

24 mei 2024

Een serie artikelen in The Lancet, met onder meer Heiman Wertheim, roept op tot een daadkrachtige aanpak van antibioticaresistentie. Een voorschot voor de bijeenkomst van de VN, later dit jaar.

lees meer

Vrouwen ontwikkelen vaker milde variant ziekte van Stargardt

23 mei 2024

Bij de milde vorm van de ziekte van Stargardt, een erfelijke oogziekte, krijgen vrouwen vaker problemen met zicht dan mannen. Dit blijkt uit promotieonderzoek van Stéphanie Cornelis.

lees meer

Ruimte voor risicovolle research in Nijmegen

15 mei 2024

Zes Nijmeegse onderzoeksprojecten krijgen een subsidie binnen de NWO Open Competitie ENW-XS.

lees meer

Meer inzicht in genetische en immunologische aspecten van de ziekte van Lyme

14 mei 2024

Welke genen en genetische variaties spelen een rol bij de ziekte van Lyme, zoals bijvoorbeeld bij de gevoeligheid, ernst en duur van de ziekte? Onderzoekers vonden 31 nieuwe genetische locaties die van invloed zijn en een nieuwe genvariant die een verhoogde gevoeligheid geeft voor de ziekte.

lees meer
  • Medewerkers
  • Intranet