Wat is een lumbaalpunctie?

Met een ruggenprik (lumbaalpunctie) halen we met een dunne naald een kleine hoeveelheid hersenvocht (liquor) uit het lichaam. De arts prikt in het onderste gedeelte van de rug tussen de werveluitsteeksels. Op die plaats vormt de prik geen risico voor het ruggenmerg.

lees meer

Wat is een lumbaalpunctie?

Een ruggenprik (lumbaalpunctie) is een onderzoek waarbij we met behulp van een dunne naald een kleine hoeveelheid hersenvocht (liqupr) uit het lichaam halen. Liquor is het vocht dat de hersenen en het ruggenmerg spoelt. Door sommige ziekten verandert de samenstelling van het vocht. Bij het stellen van een diagnose kan het daarom nodig zijn het vocht te onderzoeken in het laboratorium. Het ruggenmerg ligt in de wervelkolom. Onderaan de wervelkolom ligt geen ruggenmerg meer, maar is de ruimte gevuld met liquor. Er wordt geprikt in het onderste gedeelte van de rug tussen de werveluitsteeksels. Op die plaats kan de punctie zonder risico voor het ruggenmerg worden uitgevoerd.

Contact

Polikliniek Kinderen en Jeugdigen

(024) 361 44 15

Voor het onderzoek

Soms moet uw kind nuchter zijn voor de punctie, uw kind mag dan niets eten of drinken. De arts bespreekt dit van tevoren met u. U mag als ouder/verzorger bij het onderzoek aanwezig zijn.

lees meer

Voor het onderzoek

Op de polikliniek of de verpleegafdeling wordt uw kind voorbereid door de verpleegkundige. Gebeurt de lumbaalpunctie op de polikliniek, dan is het wenselijk dat (ook de oudere) kinderen worden begeleid bij het onderzoek en bij vervoer naar huis. U mag als ouder/verzorger bij het onderzoek aanwezig zijn. De punctie is voor veel kinderen vervelend en beangstigend. Uw kind mag een eigen knuffel of speen meenemen en mag haar of zijn eigen kleding dragen, alleen de rug zal worden ontbloot.

Verdoving

1 uur van tevoren smeren we op de punctieplaats Emla-zalf. Dit is een verdovende zalf. In overleg met u bespreken we of uw kind rustgevende medicatie nodig heeft. Als uw kind voor een ander onderzoek toch al een slaapmiddel krijgt, dan wordt de lumbaalpunctie direct na dat onderzoek verricht. Zo merkt uw kind er weinig van en heeft hij of zij er zo min mogelijk last van.

Nuchter

Soms moet uw kind nuchter zijn voor de punctie, uw kind mag dan niets eten of drinken. De arts bespreekt dit van tevoren met u.

Het onderzoek

Tijdens het onderzoek ligt uw kind op de behandeltafel met een bolle rug. Door een goede houding, is de kans groter dat de naald meteen goed zit. De arts vangt het vocht op in een aantal buisjes.

lees meer

Het onderzoek

Tijdens het onderzoek ligt uw kind op de behandeltafel met een bolle rug. Door een goede houding, is de kans groter dat de naald meteen goed zit en uw kind geen extra pijn heeft. Uw kind ligt op de zij, trekt zijn of haar knieën op en maakt de rug zo bol mogelijk door de kin naar de knieën te brengen. De verpleegkundige helpt hierbij. Het onderzoek verloopt makkelijker als uw kind zich ontspant. Soms moet de verpleegkundige uw kind stevig vasthouden om een goede houding aan te nemen. Als de punctie op de verpleegafdeling plaatsvindt dan is het ook mogelijk dat de pedagogische medewerker uw kind ondersteunt.

Voordat de lumbaalpunctie wordt uitgevoegd, haalt de arts eerst de verdovende zalf van de huid. Vervolgens bepaalt de arts de prikplaats. Daarna desinfecteert de arts de huid. Dit voelt koud aan. Vervolgens prikt de arts. Het inbrengen van de naald kan pijnlijk zijn, maar de huid is verdoofd door de Emla-zalf. De arts vangt het vocht op in een aantal buisjes. Hier voelt uw kind niets van. Tot slot verwijdert de arts de naald en plakt een pleister op de prikplaats. Het is mogelijk dat uw kind medicijnen krijgt toegediend via de lumbaalpunctienaald. Hierover krijgt u dan vooraf informatie van de arts en/of verpleegkundige.

Na het onderzoek

Het is verstandig dat uw kind na de prik een paar uur rustig aan doet. Meestal verloopt een ruggenprik zonder complicaties. Als uw kind hoofdpijn heeft, kunt u eventueel Paracetamol geven.

lees meer

Na het onderzoek

Het is verstandig dat uw kind na de prik een paar uur rustig aan doet. Meestal verloopt een ruggenprik zonder complicaties. Het kan zijn dat uw kind last krijgt van pijn op de prikplaats, hoofdpijn en/of duizeligheid, pijn in de benen en misselijkheid. Deze klachten verdwijnen meestal snel. Wanneer uw kind last blijft houden, beoordeelt een arts of uw kind wel naar huis kan. Als het nodig is mag uw kind Paracetamol innemen.

Nazorg thuis

Uw kind kan nog een aantal dagen last houden van bovengenoemde klachten. We raden u dan aan uw kind een paar dagen rustig aan te laten doen. Als uw kind hoofdpijn heeft, kunt u eventueel Paracetamol geven. De hoeveelheid paracetamol bepaalt de arts op basis van de leeftijd en het gewicht van uw kind. Napijn op de prikplaats komt zelden voor. Neem contact op met uw huisarts als er geen verbetering optreedt of als uw kind koorts krijgt.

De uitslag

De behandelend arts spreekt met u af wanneer en hoe u de uitslag van het onderzoek krijgt.

Amalia kinder­ziekenhuis

Het Amalia kinderziekenhuis is onderdeel van het Radboudumc. Jaarlijks behandelen wij ongeveer 22.000 kinderen tussen 0 en 18 jaar.

lees meer