Congenitale heupdysplasie


Wat is congenitale heupdysplasie?

Bij congenitale heupdysplasie is de aanleg van de heupkom niet optimaal: de heupkop past dan niet goed in de heupkom.

lees meer

Wat is congenitale heupdysplasie?

Bij congenitale heupdysplasie is de aanleg van de heupkom niet optimaal: de heupkop past dan niet goed in de heupkom. Daardoor kan eerder slijtage van het kraakbeen ontstaan. Vaak is congenitale heupdysplasie een erfelijke stoornis.

Oorzaak en ontstaan

Erfelijkheid speelt meestal een rol bij congenitale heupdysplasie en vrouwen lopen een groter risico op deze aandoening dan mannen. Ook stuitligging tijdens de zwangerschap, een stuitbevalling en grotere bewegingsmogelijkheid (hyperlaxiteit) van de gewrichten vergroten het risico op congenitale heupdysplasie.

Diagnose

We kunnen de vaak wat steilere stand van de heupkom al heel vroeg bij jonge baby’s aantonen. Dit doen we met behulp van beeldvormende technieken, zoals een röntgenfoto of eventueel een echo.

Behandeling van congenitale heupdysplasie

We kunnen congenitale heupdysplasie in de meeste gevallen poliklinisch behandelen, zeker als we de diagnose binnen 3 maanden na de geboorte stellen.

lees meer

Behandeling van congenitale heupdysplasie

We kunnen congenitale heupdysplasie in de meeste gevallen poliklinisch behandelen, zeker als we de diagnose binnen 3 maanden na de geboorte stellen. Uw baby krijgt dan gedurende een aantal weken of maanden een spreidbroekje te dragen.
Soms wordt de aandoening pas later ontdekt. Dan is optimale behandeling niet meer mogelijk en kan een operatie noodzakelijk zijn. Dit is ook mogelijk als het heupgewricht zich ondanks behandeling niet normaal en volledig ontwikkelt.
Dit kan bovendien al op jonge leeftijd (10-20 jaar) leiden tot slijtage (artrose) van het heupgewricht. Soms moeten we dan een heupprothese plaatsen.
 

Contact


Afdeling Orthopedie
(024) 361 44 71

stel een vraag
inloggen