Vóór start massagegrepen:

Bij een gesloten litteken en een vitopressietest >2 seconden

Voer de grepen uit zoals aangegeven op de video hieronder, waarbij het lijntje het litteken aangeeft. Voer de grepen uit met een tempo van 6-8 seconden, herhaal de grepen 1 tot 3 keer.

Intermitterend drukken: druk voorzichtig op de huid met 2 handen rondom het litteken om de huid te laten wennen en de doorbloeding op gang te brengen.

Effleurages (Lengte- effleurages/ Dwarse-effleurages/ Cirkelvormige effleurages): glij geleidelijk met beide handen plat op de huid en maak verschillende strijkingen (effleurages), voer deze van boven naar beneden van het litteken, van links naar rechts over litteken en cirkelvormig over het litteken.

Intermitterend drukken

1. Huidverschuiving

De techniek houdt in dat je de huid voorzichtig verschuift en iets oprekt. Gebruik hierbij je hand, delen ervan, of je vingertoppen. Oefen voldoende druk uit om de huid mee te nemen, maar niet te veel. Beweeg de huid in verschillende richtingen, zoals omhoog, omlaag, zijwaarts, of cirkelvormig.

Huidverschuiving dwars op het litteken en loodrecht op het litteken

De S-greep is een techniek waarbij je twee handen of je duim en wijsvinger tegenover elkaar plaatst, lichte rek aanbrengt en een S-vorm creëert door de beweging naar elkaar toe. Deze techniek kan op zowel grote als kleine huidoppervlakken worden toegepast, waarbij de handen afwisselend bewegen zonder over de huid te schuiven.

Huidverschuiving door de S-greep grootvlakkig en S-greep klein vlakkig

2. Huidplooi

Bij de pincetgreep pak je de huid stevig vast tussen duim en vingertoppen, dwars of recht op de huidlijnen. De huid kan licht draaien afhankelijk van de genezingsfase. Werk rustig om pijn te voorkomen en plaats de handen schuin om knijpen te vermijden. Bij het optillen ontstaat een huidplooi, die je eventueel in een U-vorm kunt buigen voor meer druk.

Pincetgreep met beide handen wordt een plooi opgepakt en een intensievere U-vorm

3. Huidplukken

Bij deze techniek beweeg je je handen langs de huid, met lichte of stevige druk. Je tilt de huid voorzichtig iets op en "plukt" deze licht, afwisselend met beide handen.

Huidpluk techniek met een of beide handen pak je de huid op en los

4. Huidrollen

Bij deze techniek lijkt het op de dwarse huidrolling, maar de huidplooi wordt in één beweging met de duimen weggeschoven, zonder dat de vingers van hun plek verschuiven.

Gewebswäsche

5. Huidkneden 

Bij deze techniek wordt de huid met een dubbele S-greep samengedrukt. Eén hand maakt een huidplooi door de duim en wijsvinger naar elkaar toe te bewegen, terwijl de andere hand zachtjes de plooi ondersteunt door druk richting de huidplooi te geven. Dit gebeurt zonder de huid te verschuiven, waardoor lichte compressie ontstaat. Voer de techniek rustig en zorgvuldig uit.

Dubbele huidkneding door met beide handen S-greep uit te voeren

6. Fricties cirkelvormig

Bij deze techniek oefen je een constante, lichte druk uit op de huid terwijl je kleine, ronde bewegingen maakt. Het helpt bij het versoepelen van stugge plekken of littekens.

Fricties cirkelvormig door middel of wijsvinger op huid te drukken