Patientenzorg Behandelingen Gastrostomie (maagfistel) bij kinderen

Wat is een gastrostomie?

Een gastrostomie is een kunstmatige toegang (of fistel) naar de maag. De arts kan de fistel endoscopisch (PEG), via kijkoperatie (laparosopie) of met een snede (laparotomie) aanleggen. Door de gastrostomie kunnen voeding en medicijnen door een slangetje rechtstreeks in de maag komen.

Contact

Polikliniek Kinderchirurgie

(024) 366 85 43
contact

Waarom een gastrostomie?

Een gastrostomie kan worden aangelegd bij patiënten met (langdurige) voedingsproblemen. Bijvoorbeeld bij kinderen die zelf onvoldoende kunnen eten of slikken.

lees meer

Waarom een gastrostomie?

Een gastrostomie kan worden aangelegd bij patiënten met (langdurige) voedingsproblemen. Bijvoorbeeld bij kinderen die zelf onvoldoende kunnen eten of slikken. Een belangrijke voorwaarde is dat het maag-darmstelsel vanaf de maag normaal functioneert. Op deze manier kan (sonde)voeding via het maag- darmkanaal worden gegeven en hoeft het niet via een maagsonde via de neus. Voor veel kinderen is het steeds opnieuw inbrengen van een maagsonde via de neus een grote belasting. Slikken is vaak lastig en slijmvliezen van de neus en de keel raken geïrriteerd. De belangrijkste reden voor het aanleggen van een gastrostomie is een voedingsstoornis als gevolg van neurologisch lijden of een slikstoornis, waardoor een kind langdurig niet zelfstandig kan eten.
 
Minder vaak voorkomende redenen zijn:
  • hartafwijkingen, metabole aandoeningen, longafwijkingen (onder andere cystic fibrosis)
  • korte darmsyndroom
  • afwijkingen in het hoofd-hals gebied waardoor normale voedselinname via de mond niet mogelijk is 
Als spugen de oorzaak is van het voedingsprobleem dan zijn we terughoudender met het aanleggen van een gastrostomie, omdat het spugen hierdoor juist kan toenemen. Met een maagkatheter die we via de gastrostomie inbrengen, kan uw kind rechtstreeks via de maag voeding krijgen. De voeding kan dan via een spuit, hevelend of met behulp van een voedingspomp worden toegediend via de katheter. Dit gaat op dezelfde manier als via een neus-maagsonde alleen de toegangsweg wordt anders.

Voor de behandeling

Voor de opname van uw kind heeft u gesprekken met de kinderchirurg, de verpleegkundig specialist/consulent en de anesthesioloog. Ongeveer 2 tot 4 dagen voor de opname krijgt u een oproep van het opnamebureau.

lees meer

Voor de behandeling

Gesprekken

Voor de opname van uw kind heeft u gesprekken met de kinderchirurg, de verpleegkundig specialist/consulent en de anesthesioloog. Bespreekpunten tijdens deze gesprekken zijn:
  • Waarom uw kind een gastrostomie krijgt.
  • Informatie over de verschillende manieren van aanleggen.
  • Benoemen van de mogelijke complicaties; deze komen in 8-30% van de gevallen voor, waarvan ernstige complicaties in 1-4% van de gevallen.
  • Het beleid op gebied van wel of niet reanimeren tijdens de operatie. Dit heeft u waarschijnlijk al eerder met de behandelend kinderarts besproken. Deze afspraken nemen we opnieuw door en leggen we vast in het dossier.
  • Afspraken over voeding en verzorging na de ingreep met hoofdbehandelaar en diëtist.
  • Uitleg over de toedieningsystemen en verschillende katheters.
  • Maken van een keuze voor een procedure van aanleggen (endoscopisch, laparoscopisch of laparotomisch) en vastleggen hiervan in het dossier.

Opname

Ongeveer 2 tot 4 dagen voor de opname krijgt u een oproep van het opnamebureau. Op de dag van opname kunt u zich melden bij de secretaresse. Op de dag van opname heeft u een opnamegesprek met de verpleegkundige. Hij of zij bereidt u en uw kind voor op de behandeling en prikt bloed. De afdelingsarts en de anesthesioloog komen langs om uw kind te onderzoeken en de medicatie voor de operatie af te spreken. De pedagogisch medewerker bereidt uw kind voor op de operatie.
 

Onderzoeken

Voor de behandeling voeren we in de meeste gevallen nog één of meerdere onderzoeken uit.

lees meer

Onderzoeken

  • Maag-darm contrastfoto: deze maken we om een maagontledigingsstoornis en een malrotatie uit te sluiten. Als dit wel het geval is, dan bespreken we opnieuw of het mogelijk is om een gastrostomie aan te leggen.
  • PH-metrie: dit onderzoek doen we bij verdenking op gastro-oesophageale reflux (zie antirefluxoperatie). Ook dit is een reden om een ander soort operatie uit te voeren. 
Beide onderzoeken hoeven niet gedaan te worden bij een zeer ongunstig levensperspectief, bij acute problemen of bij problemen in het KNO- of slokdarmgebied waardoor het onderzoek onmogelijk is.

Plaatsen maagkatheter via de gastrostomie

Een maagkatheter kan op 3 verschillende manieren worden geplaatst: endoscopisch, operatief via een kijkoperatie of operatief met een snede.

  • Een endoscopisch aangelegde maagfistel noemen we een PEG (Percutane Endoscopische Gastrostomie). Voor het inbrengen van de PEG nemen we uw kind ongeveer 3 tot 4 dagen op.

    lees meer


    Endoscopische procedure (PEG)

    Een endoscopisch aangelegde maagfistel noemen we een PEG (Percutane Endoscopische Gastrostomie). Onder anesthesie (narcose) wordt de maag opgeblazen en de buikwand van binnen naar buiten ‘doorgelicht’. Op de plaats waar het licht van de endoscoop van buiten te zien is, drukt de arts de buikwand in. De arts kijkt of de maag op een geschikte plaats indeukt en of deze plaats overeenkomt met een uitwendig geschikte plaats. Via de scoop prikt de arts met een naald door de huid heen de maag aan. Via een plastic buisje brengt hij of zij een voerdraad in de maag. Deze voerdraad trekken we vanuit de maag via de slokdarm en mond naar buiten. De PEG-katheter wordt vastgeknoopt aan de voerdraad en via de mond, slokdarm, maag en de (prik-)opening in de buikwand naar buiten getrokken. Een intern fixatieschildje trekt de maagwand tegen de buikwand. Aan de buitenzijde brengen we een extern fixatieschildje aan zodat de katheter niet meer kan verschuiven en de maagwand tegen de voorste buikwand kan vergroeien. Zo kan een fistelkanaal ontstaan. De maag-darm-leverarts en de kinderchirurg voeren deze procedure gezamenlijk uit. Voor het inbrengen van de PEG nemen we uw kind ongeveer 3 tot 4 dagen op.
     
    De PEG kan mogelijk niet geplaatst worden als uw kind:
    • jonger is dan 1 jaar en/of minder dan 8 kg weegt
    • een scoliose (scheefgroei van de rug) heeft
    • last van verstopping (obstipatie) heeft
    • een vergrote lever heeft
    • een ventriculoperitoneale shunt heeft
    • eerder een buikoperatie ondergaan heeft
    • buikspoeling heeft vanwege een nierinsufficiëntie
    • een ernstige stollingsstoornis heeft
    • een slokdarmvernauwing (stenose) of een verse slokdarmnaad na een operatie heeft
    Nadelen PEG:
    • Tijdens het inbrengen van de PEG bestaat een risico op aanprikken van de darm die voor de maag ligt.
    • De katheter kan alleen door een scopie onder anesthesie worden verwijderd of verwisseld.

  • Operatief plaatsen via een kijkoperatie (laparoscopie)

    De arts maakt een klein sneetje bij de navel. Hierin kan de arts via een laparoscoop (camera) in de buikholte kijken. Hij of zij zoekt het juiste plekje van de maag om een maagkatheter te plaatsen. Via een kleine opening (waar de katheter komt) hecht de arts de maagwand aan de buikwand. Hij of zij brengt ook een ballonkatheter in. Ook deze methode kan alleen worden toegepast als er nog niet uitgebreid in de buik is geopereerd. Uw kind wordt ongeveer 4 tot 5 dagen opgenomen.
     

  • Operatief plaatsen via een snede (laparotomie)

    Bij het operatief plaatsen van de maagkatheter maken we een snee van ongeveer 3 tot 4 cm in de buikwand. Via een opening in de maagwand legt de arts een katheter in de maag. Aan het uiteinde van de katheter zit een ballonnetje dat wordt opgeblazen in de maag. Daarna sluit de arts de maagwand om de katheter heen en hecht hij of zij de maag tegen de buikwand vast. Ook plaatst de arts rondom de katheter (aan de huid) een hechting om de huid goed te laten aansluiten rond de katheter. Deze methode gebruiken we meestal bij kinderen die ook een buikoperatie moeten ondergaan of als een endoscopische of laparoscopische ingreep niet mogelijk is. Uw kind wordt ongeveer 4 tot 5 dagen opgenomen.

  • Voor- en nadelen van beide operatieve procedures

    Nadelen

    • Uw kind krijgt een grotere (laparotomie) of 2 kleine (laparoscopie) sneetjes.
    • De hechting rond de katheter aan de huid moeten we 2 weken na de operatie verwijderen op de polikliniek.
    • Er is meer kans op wondproblemen.

    Voordelen

    • Tijdens deze methode heeft de chirurg meer zicht op het operatiegebied.
    • De ballonkatheter kunnen we 6 weken na de ingreep poliklinisch wisselen voor een button. Dit kan zonder narcose.

  • Mogelijke complicaties

    Korte termijn

    • Lokale wondinfecties.
    • Lekkage maaginhoud naar de buikholte waardoor er kans is op buikvliesontsteking. Dit kan levensbedreigend zijn.
    • Nabloeding in de maag en of slokdarm.
    • Bij PEG procedure: aanprikken van dikke darm, linker leverkwab of milt.

    Langere termijn

    • (Toename) van gastro-oesophageale reflux.
    • Verschuiven van de katheter; met name van het fixatieschildje dat in de maag ligt. Dit komt voor bij PEG.
    • Lekkage van de van maaginhoud vanuit de gastrostomie op de huid waardoor huidirritatie en soms abcesvorming ontstaat.
    • Wild vlees (hypergranulatieweefsel) rond de katheter.
    • Afsluiting van de maaguitgang door de ballon van de maagkatheter.
    • Verschuiven van de katheter naar twaalfvingerige darm. Dit geeft symptomen als zweten en buikpijn.
    • Ingroeien van het fixatieschildje in het maagslijmvlies.

Behandeling Anesthesie bij kinderen

Als uw kind een behandeling of onderzoek onder anesthesie (verdoving) krijgt is het belangrijk om hem/haar goed voor te bereiden.

lees meer

Na de behandeling

De eerste dagen na de operatie kan de buik pijnlijk zijn. Ongeveer 4 uur na de ingreep starten we met voeding via de katheter.

lees meer

Na de behandeling

Pijnmedicatie

De eerste dagen na de operatie kan de buik pijnlijk zijn. Uw kind krijgt hiervoor pijnmedicatie.

Voeding

Ongeveer 4 uur na de ingreep starten we met voeding via de katheter. De eerste keer water, daarna verdunde voeding. Wanneer dit goed gaat krijgt uw kind weer gewone voeding. Uw kind heeft op de
operatiedag en de dag daarna nog het infuus. 

Button

De maagkatheter kan na een aantal maanden worden vervangen door een button. Een button is een korte katheter die net boven de buikhuid eindigt als een ‘knopje’. Hierop kan met behulp van een koppelslangetje voeding worden gegeven. De button kunt u als ouder thuis zelf om de 3 tot 4 maanden wisselen. Op de polikliniek Kinderchirurgie krijgt u daarover instructie. 

Naar huis

Voor het ontslag krijgt u instructies over de verzorging van de maagkatheter en een schriftelijke ouderinstructie. Ook krijgt u een polikliniekafspraak opgestuurd voor 2-3 weken na de behandeling. Tijdens die afspraak verwijdert de verpleegkundige de eventuele hechting en krijgt u verdere instructies voor de verzorging. Na laparoscopische of laparotomische plaatsing bepalen we de maat van de button. Deze kunnen we, als u dat wilt, 6 weken na de operatie plaatsen. U krijgt de instructie op de polikliniek. Als een PEG katheter is geplaatst, krijgt u instructie over het dompelen van de katheter. Ook krijgt u na 3 maanden een afspraak bij de maag-, darm- en leverarts. Hij of zij bespreek met u het verwijderen van de PEG katheter onder narcose en het verwisselen voor een ballonkatheter.

Weer thuis

Ondanks goede verzorging en voorlichting kunnen thuis problemen ontstaan. We hebben de belangrijkste voor u op een rijtje gezet. Bij kinderen die geen voeding via de mond krijgen is een goede mondverzorging erg belangrijk.

lees meer

Weer thuis

  • De eerste dagen kan de buik van uw kind pijnlijk en gevoelig zijn. Ook kan er wat wondvocht en bloed lekken. Dit is niet verontrustend, maar pijn of angst kunnen de verzorging van de maagkatheter wel moeilijker maken.
  • De eerste 2 weken is het belangrijk dat er een fistelkanaal ontstaat tussen de maag en de buikwand. Daarom is het belangrijk om het externe fixatieplaatje niet te verschuiven, zodat de maagwand tegen de buikwand kan groeien.
  • De eerste 7 dagen moet u de stoma desinfecteren en steriel verbinden.
  • Na 7 dagen mag het met water en onsteriele gazen.
  • Vanaf de tweede dag mag uw kind douchen en korte tijd in bad. Vanaf dag 10 mag uw kind normaal in bad. Na de eerste controle op de polikliniek (meestal 2 weken na de operatie) mag uw kind weer zwemmen. 

Mogelijke problemen thuis

Ondanks goede verzorging en voorlichting kunnen thuis problemen ontstaan. We hebben de belangrijkste voor u op een rijtje gezet. In de ouderinstructie leggen we uit wat u moet doen als deze problemen zich voordoen. De meest voorkomende problemen zijn:
  • uw kind heeft buikpijn, diarree of moet braken
  • lekkage van de insteekopening
  • geïrriteerde huid rondom de insteekopening
  • drukplekken rondom de insteekopening
  • bloeden van gastrostomie
  • toedieningsysteem schiet los
  • katheter komt verder uit de maag
  • katheter valt eruit
  • katheter is verstopt

Mondverzorging

Bij kinderen die geen voeding via de mond krijgen is een goede mondverzorging erg belangrijk. Dit kan door tanden poetsen of de mond te verzorgen met een gaasje en water. Lees meer over sondevoeding bij kinderen.

Materialen

Het is belangrijk om in het Radboudumc al te oefenen met de materialen en apparatuur die u thuis gaat gebruiken, zoals de voedingspomp, systemen, spuiten en tussenstukjes. Deze bestellen we voor u tijdens het verblijf in het Radboudumc bij een firma die voortaan ook bij u thuis de spullen komt leveren. Als u al klant bent
bij een firma die materialen levert, dan kunt u dit contact voortzetten. Het is belangrijk dat u voor thuis in elk geval een reservekatheter heeft als er een ballonkatheter is geplaatst.

Contact opnemen

Bij de volgende klachten moet u altijd contact opnemen met de kinderchirurg omdat er een kans is op buikvliesontsteking of maagontledigingsprobleem.

lees meer

Contact opnemen

Bij de volgende klachten moet u altijd contact opnemen met de kinderchirurg omdat er een kans is op buikvliesontsteking of maagontledigingsprobleem:
  • acute buikpijn de eerste 6 weken na de operatie
  • pijn bij toediening van voeding of medicatie
  • lekkage van voeding of maaginhoud
  • bloeding van of rondom het gastrostoma
  • problematische wissel van de katheter

Vragen

Voor vragen over materialen kunt u terecht bij de firma die de materialen levert. Voor vragen of problemen over voeding neemt u contact op met uw diëtist of kinderarts. Voor problemen met het gastrostoma kunt u contact opnemen met de verpleegkundig specialist, consulent of dienstdoende kinderchirurg.

Polikliniek Kinderchirurgie

Ingang: Hoofdingang
Route: 787

bekijk route

Polikliniek Kinderchirurgie

Bezoekadres

Radboudumc hoofdingang
Geert Grooteplein Zuid 10
6525 GA Nijmegen

Routebeschrijving

Reis naar Geert Grooteplein Zuid 10
Ga naar binnen bij: Hoofdingang
Volg route 787