Diagnosefase
op één dag
Onderzoek
Diagnose-onderzoek
Afdeling gynaecologie
Uitslag eerste diagnose
10 dagen
Verdere diagnose
Onderzoek
Extra onderzoek
Afdeling gynaecologie
Behandelfase
Uw arts bespreekt met u welke behandeling voor u de juiste is.
Behandeling
Behandeling van baarmoederhalskanker
Afdeling gynaecologische oncologie
Controlefase
Na de behandeling blijft u onder controle.
Controle

Diagnosefase

Diagnose-onderzoek


Colposcopie en lisexcisie

U bent door uw huisarts doorverwezen naar het ziekenhuis. Een gynaecoloog voert een colposcopie uit bij u. Een colposcopie is een onderzoek waarbij we uw baarmoedermond en schede onderzoeken. Dit onderzoek verrichten we als er afwijkende cellen worden gevonden bij een uitstrijkje. lees meer

Conisatie

Er is bij u een voorstadium van baarmoederhalskanker vastgesteld, of baarmoederhalskanker in een vroeg stadium. De mogelijke behandelingen zullen met u besproken worden. Een van de mogelijke behandeling is een conisatie. lees meer

Conisatie

Er is bij u een voorstadium van baarmoederhalskanker vastgesteld, of u heeft baarmoederhalskanker in een vroeg stadium. De mogelijke behandelingen zullen met u besproken worden. Een van de mogelijke behandeling is een conisatie.

Wat is een conisatie?

Bij een conisatie verwijdert uw gynaecoloog met een mesje een kegelvormig stukje van de baarmoedermond. De baarmoeder zelf blijft intact. Deze operatie vindt meestal plaats onder narcose, of soms met een ruggenprik. De ingreep gebeurt via de schede. U krijgt dus geen litteken op uw buik. Na de conisatie wordt soms een tampon in de schede aangebracht. Deze tampon bestaat meestal uit een lang gaaslint. De urinebuis kan hierdoor een beetje dichtgedrukt worden, waardoor het plassen moeilijk kan zijn. Soms wordt daarom ook een urinekatheter in de blaas ingebracht.

Na de ingreep

U mag meestal op de dag van de ingreep weer naar huis. Voordat u naar huis gaat wordt de tampon verwijderd. Wanneer een urinekatheter is geplaatst wordt deze ook verwijderd.

Houd na de operatie een week rust. Doe in die periode ook geen huishoudelijk werk. In verband met de genezing van de wond, raden we u aan geen geslachtsgemeenschap te hebben in de eerste 4 tot 6 weken na de ingreep. Ook kunt u voorlopig beter geen tampons gebruiken. We raden baden af, douchen mag wel.

De eerste 4 tot 5 weken heeft u kans op abnormale afscheiding. De eerste dagen is de afscheiding vermengd met bloed. De afscheiding verschilt per persoon. Het hangt ook af van de diepte van de gemaakte wond. Als u last heeft van hevige bloedingen, heviger dan een normale menstruatie, sterk geurende afscheiding of koorts, dan raden we u aan telefonisch contact op te nemen met de polikliniek.

Mogelijke bijwerkingen

Na een conisatie bestaat er een kleine kans op problemen tijdens de zwangerschap. De kans op een vroeggeboorte is meestal iets verhoogd. Dit is afhankelijk van hoeveel weefsel is weggenomen.

Verdere diagnose

Extra onderzoek


Stadium van de tumor

Als bij de colposcopie en het weefselonderzoek blijkt dat er sprake is van baarmoederhalskanker, is het belangrijk om verder onderzoek te doen. Het stadium van de kanker wordt met één of meerdere onderzoeken vastgesteld. lees meer

Stadium van de tumor

Als bij de colposcopie en het weefselonderzoek blijkt dat er sprake is van baarmoederhalskanker, is het belangrijk om verder onderzoek te doen. Het stadium van de kanker wordt met  één of meerdere onderzoeken vastgesteld, bijvoorbeeld:

  • MRI-scan van de buik: een onderzoek naar ingroei van de tumor in andere organen (vagina, ophangbanden van de baarmoeder, blaas of darm) en naar uitzaaiingen.
  • Inwendig onderzoek onder narcose. Hierbij kijken de gynaecoloog en de radiotherapeut nog eens goed naar de grootte van de tumor. Ook voelen ze om te bepalen of de tumor doorgroeit in het steunweefsel van de baarmoeder. Soms plaatst de radioloog markeringspuntjes. Dit wordt gedaan als tijdens het onderzoek wordt ingeschat dat behandeling met bestraling nodig is.  

Onderzoek MRI-scan

MRI (Magnetische Resonantie Imaging) is een techniek om afbeeldingen van het lichaam te maken met een zeer sterke magneet en radiogolven. lees meer

Onderzoek Inwendig onderzoek onder anesthesie

Tijdens dit onderzoek stellen we zowel de plaats als het stadium van het gezwel vast. Minimaal 3 specialisten voeren het onderzoek uit: een gynaecologische oncoloog, een radiotherapeut en een assistent gynaecoloog. lees meer

Behandelfase

Uw arts bespreekt met u welke behandeling voor u de juiste is.

Behandeling van baarmoederhalskanker


Over de behandeling

Welke behandeling voor u het meest geschikt is, hangt af van de grootte en plaats van de tumor en of u een kinderwens heeft. De arts bepaalt in overleg met u welke behandeling(en) u krijgt en in welke volgorde. De behandeling kan gericht zijn op genezing of op het remmen van de ziekte.

Behandeling Radicale vaginale trachelectomie

Een radicale vaginale trachelectomie is een operatie waarbij we de baarmoederhals en het steunweefsel daaromheen verwijderen. Daarnaast verwijderen we de lymfeklieren in het bekken via een kijkoperatie. lees meer

Behandeling Wertheim-Meigsoperatie

De Wertheim-Meigs operatie is de standaard operatie bij baarmoederhalskanker, waarbij de baarmoeder inclusief baarmoedermond, steunweefsels en bovenste deel van de vagina verwijderd worden. lees meer

Behandeling Bestraling na operatie voor baarmoederhals­kanker

Met een aanvullende bestraling (radiotherapie) na de operatie proberen we alle mogelijk achtergebleven kankercellen te vernietigen en daarbij zo veel mogelijk gezonde cellen te besparen. lees meer

Behandeling Bestraling (met chemotherapie) bij baarmoeder­halskanker

Met bestraling (radiotherapie) proberen we zo veel mogelijk kankercellen te vernietigen en daarbij zo veel mogelijk gezonde cellen te besparen. Bij baarmoederhalskanker is bestraling de beste behandeling als de kanker in een gevorderd stadium is. lees meer

Controlefase

Na de behandeling blijft u onder controle.

Controle


Hoe vaak komt u op controle?

U komt tijdens het eerste jaar 4 keer voor controle naar de polikliniek. In het tweede jaar komt u 3 keer op controle. Tijdens de controlebezoeken krijgt u een algemeen lichamelijk en inwendig onderzoek. lees meer

Hoe vaak komt u op controle?

U komt tijdens het eerste jaar 4 keer voor controle naar de polikliniek. In het tweede jaar komt u 3 keer op controle. 

Tijdens de controlebezoeken krijgt u een algemeen lichamelijk en inwendig onderzoek. Er wordt alleen bloed geprikt of verder onderzoek verricht als daarvoor een aanleiding is. 

Uitstrijkje na radicale trachelectomie

Heeft u een radicale trachelectomie gehad, dan maakt de arts bij elk controlebezoek een uitstrijkje. Dat is nodig omdat er nog een rest baarmoederhals is.

Controle na rediotherapie

Heeft u radiotherapie gehad, dan komt u afwisselend bij de gynaecoloog en bij de radiotherapeut. Uiteraard kunt u altijd tussendoor contact opnemen met de casemanager en/of behandelend arts

  • Medewerkers
  • Intranet