Sluiten

Instructie voor de 1e 6 maanden

  • Meet uw bloeddruk 2 keer per dag: in de ochtend en in de avond.
  • Heeft u een homograft gekregen? Dan gebruikt u de eerste 6 maanden Naproxen. Dit helpt om een ontstekingsreactie te verminderen en verkleint de kans op een vernauwing.
  • Heeft u een freestyle prothese in de longslagader? Dan hoeft u meestal geen Naproxen te gebruiken.
  • Na 6 weken mag u starten met hartrevalidatie.

Wanneer contact opnemen?

Neem contact op als uw bloeddruk na 3 dagen meten achter elkaar te hoog is (bovendruk hoger dan 110 mmHg).

 

Patiëntenzorg Behandelingen Instructie bloeddrukmeting na een Ross-operatie

Wat is een Ross-operatie?

Bij de Ross-operatie wordt uw zieke aortaklep vervangen door uw eigen longslagaderklep. Op de plek van de longslagaderklep wordt een longslagaderklep van een donor geplaatst (pulmonalishomograft). De Ross-operatie is vernoemd naar de Britse hartchirurg Donald Ross. De operatie gebeurd via sternotomie (het openen van het borstbeen, midden vooraan op de borstkas). Na de operatie blijft u nog gedurende 1 jaar onder strengere controle in verband met de bloeddruk. Het is erg belangrijk uw bloeddruk regelmatig te controleren na deze operatie. 


Contact

Afdeling Cardio-thoracale Chirurgie

Telefoonnummer 024-361 45 90

Bloeddruk meten


Waarom is het belang­rijk uw bloeddruk te meten na de operatie

Uw aortaklep is vervangen door uw eigen longslagaderklep. Om te voorkomen dat de klep te snel uitrekt of slechter gaat werken, is het belangrijk dat uw bloed­druk in het begin laag blijft.

lees meer

Sluiten

Waarom is het belang­rijk uw bloeddruk te meten na de operatie

Uw aortaklep is vervangen door uw eigen longslagaderklep. Normaal staat er minder druk op de longslagaderklep (in de kleine bloedsomloop) dan op de aortaklep (in de grote bloedsomloop). Na de operatie krijgt uw longslagaderklep dus te maken met meer druk dan deze gewend is.

Om te voorkomen dat de klep te snel uitrekt of slechter gaat werken, is het belangrijk dat uw bloeddruk in het begin laag blijft. Zo kan de klep rustig wennen aan de hogere druk. Daarom is het belangrijk dat uw bovendruk (de hoogste waarde) in het eerste jaar na de operatie in rust niet hoger is dan 110 mmHg. De waarden mogen meestal liggen tussen 100 en 120 mmHg.

U krijgt hiervoor medicijnen die uw bloeddruk verlagen. Deze moet u in deze periode blijven gebruiken. Uw bloeddruk wordt gecontroleerd. Dit doet u zelf thuis. Daarna geeft u de metingen door aan het ziekenhuis.
Om uw bloeddruk goed te kunnen meten, is het belangrijk dat u een bloeddrukmeter heeft en thuis metingen doet. Wij informeren u hoe u dit doet en hoe u de resultaten aan het ziekenhuis doorgeeft.


Instructie voor het aanschaffen van een goedgekeurde bloed­druk­meter

Het is belangrijk dat u een goede bloeddrukmeter heeft: een bloed­drukmeter die juist meet en betrouwbaar is.

lees meer

Sluiten

Instructie voor het aanschaffen van een goedgekeurde bloed­druk­meter

Goede bloeddrukmeter

Het is belangrijk dat u een goede bloeddrukmeter heeft: een bloedrukmeter die juist meet en betrouwbaar is. U kunt zien welke bloeddrukmeters goedgekeurd (gevalideerd) zijn op de website van de Hartstichting. Ook kan de (Radboudumc) apotheek of de thuiszorgwinkel u hier informatie over geven.

Manchetmaat (band rond de arm)

Daarnaast is het belangrijk dat u de juiste manchetmaat heeft. De manchet is de bloeddrukband die u om uw bovenarm doet. Controleer voor de aanschaf van uw bloeddrukmeter de manchetmaat door de omtrek van uw bovenarm in het midden van uw arm op te meten. Op de bloeddrukband staat vaak in centimeters de omtrek aangeven. Wij adviseren u geen pols- of vingerbloeddrukmeter aan te schaffen omdat deze niet voldoende betrouwbaar zijn. 


Onderzoek Thuisbloeddrukmeting

De arts kan met u afspreken dat u thuis bloeddrukmetingen doet, zodat we het effect van de behandeling kunnen meten.

naar pagina

Instructie voor thuisbloeddrukmeting

Meet uw bloeddruk rustig en op de juiste manier. Doe meerdere metingen per keer, in een ontspannen houding. Vermijd koffie, roken en inspanning vlak voor het meten en noteer de uitkomst.

lees meer

Sluiten

Instructie voor thuisbloeddrukmeting

  1. Zorg dat u goed weet hoe uw bloeddrukmeter werkt.
  2. Doe elke ochtend 3 metingen in het eerste half uur na het opstaan, voordat u de medicijnen inneemt en voor het ontbijt. Doe elke avond 3 metingen voordat u naar bed gaat.  
  3. Vermijd, vooral tijdens het half uur voor de meting, zoveel mogelijk factoren die de bloeddruk beïnvloeden, zoals alcohol, roken/tabak, koffie en fysieke inspanningen. 
  4. Ga zitten op een stoel met uw rug tegen de rugleuning. Zorg dat uw voeten plat op de grond staan en uw benen niet gekruist zijn. Meet uw bloeddruk altijd in een rustige omgeving. 
  5. Doe de manchet (bloeddrukband) om uw ontblote bovenarm en zorg dat uw kleding niet knelt. Controleer of de onderrand van de manchet zich 2-3 centimeter boven de elleboogplooi bevindt. Leg de slang waarmee de manchet met het apparaat verbonden is aan de binnenkant van uw arm. 
  6. Laat uw arm rusten, bij voorkeur op de tafel of anders zo hoog (eventueel op kussen of stapeltje boeken) zodat het midden van de manchet ter hoogte van het midden van het borstbeen is (‘harthoogte’). Neem steeds dezelfde arm om te meten, zoals afgesproken met uw arts. 
  7. Wacht 5 minuten in deze houding voordat u gaat meten. 
  8. Vermijd spreken en bewegen tijdens het meten (ook tijdens het opblazen en ontluchten). 
  9. Doe 3 metingen en wacht tussen de metingen steeds 60 seconden.
  10. De eerste van de 3 metingen telt niet mee. Bereken van de andere 2 metingen het gemiddelde van de bovendrukken en van de onderdrukken. Schrijf deze getallen op onder vermelding van de datum en het tijdstip. 
     

Instructie voor de 1e 6 maanden

Meet 2x per dag uw bloeddruk, Neem contact op bij 3 dagen te hoge waarden (>110).

lees meer

Instructie na 6 maanden

Houd uw bloeddruk goed onder controle tot 1 jaar na de operatie. Meet regelmatig en weet wanneer u contact moet opnemen bij te hoge waarden.

lees meer

Sluiten

Instructie na 6 maanden

  • Gedurende 6 maanden tot 1 jaar moet uw bloeddruk goed worden geregeld. De streefwaarde voor de bovendruk is 110 mmHg. De waarden in rust mogen meestal liggen tussen 105 en 125 mmHg.
  • Is uw bloeddruk stabiel en verdraagt u de medicijnen goed? Dan hoeft u minder vaak te meten. Dagelijks meten is dan niet meer nodig. Meet wel minimaal 1 keer per week op een rustig moment. 
  • Is uw bloeddruk te hoog? Meet dan de volgende dag opnieuw. Is de bloeddruk dan nog steeds te hoog? Neem dan zelf contact op via MijnRadboud of bel het ziekenhuis.

Afdeling Cardio-thoracale Chirurgie

De afdeling Cardio-thoracale Chirurgie van het Radboudumc richt zich op de chirurgische behandeling van hart- en longziekten.

naar pagina