Chief Healthcare bij de NZa Anneke van Vught is benoemd tot bijzonder hoogleraar Regionale Geïntegreerde Netwerkzorg aan het Radboudumc / de Radboud Universiteit. Zij zet zich in voor zorg die georganiseerd is rondom de persoon, met name voor mensen met een kwetsbare gezondheid. Daarbij ziet ze een belangrijke rol voor verpleegkundigen.
De organisatie van zorg moet anders, om ook in de toekomst houdbaar te blijven, denkt Anneke van Vught. Zij onderzoekt hoe zorg voor mensen met een kwetsbare gezondheid meer rondom de persoon, en waar mogelijk thuis of dichtbij, georganiseerd kan worden. Deze zorg is veelal sector- en domeinoverstijgend, waarbij intensief samengewerkt wordt door onder andere naasten, professionals uit het sociale domein, publieke gezondheid, de wijkverpleging, eerstelijns paramedici, huisartsen, professionals werkzaam in verpleeghuizen, ggz-organisaties en medisch specialistische zorg. Van Vught: 'Ik zie daarbij een centrale rol voor verpleegkundigen, en ook verpleegkundig specialisten en physician assistants, als verbinders, dwars door de muren van organisaties, sectoren en domeinen. In nauwe samenwerking met andere professionals, maar ook met naasten’.
Van Vught werkt daarbij graag als een verbinder tussen onderzoek, onderwijs, beleid en praktijk. Dankzij haar loopbaan heeft ze met al die vlakken affiniteit: ze is opgeleid als verpleegkundige, doet al jarenlang onderzoek in de organisatie van zorg, geeft onderwijs, en zet zich als Chief Healthcare bij de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) onder andere in voor landelijke regelgeving en beleid om de zorg toegankelijk en betaalbaar te houden. 'Op al die gebieden ligt veel kennis, maar die bronnen van kennis worden nog te vaak niet goed aan elkaar verbonden. Daar ligt een enorme kans.'
Liever thuis
Van Vught draagt bij aan de ontwikkeling van nieuwe zorgconcepten. Een voorbeeld is het Ziekenhuis op Wielen. Medisch specialistische ziekenhuiszorg wordt bij mensen thuis verleend, door verpleegkundig specialisten in nauwe afstemming met wijkverpleegkundigen en als dat nodig is met sociaal werkers, huisartsen of medisch specialisten. Mensen die bijvoorbeeld slecht ter been of dementerend zijn hoeven dan niet naar het ziekenhuis voor medisch specialistische zorg. Dat is niet alleen beter voor de mensen zelf, hun naasten, maar ook voor de continuïteit van zorg. Van Vught: 'We werken daarbij niet alleen aan het ontwerp en de evaluatie van zo'n concept, maar ook aan de implementatie. We onderzoeken bijvoorbeeld de landelijke uitrol van Ziekenhuis op Wielen. En daar komt veel meer bij kijken dan alleen een positieve evaluatie van het concept.'
Samenspel tussen welbevinden, gezondheid en zorg
Het besef groeit dat zorg niet altijd het antwoord hoeft te zijn op vragen die wel vaak in de zorg terecht komen. Denk aan problemen die veroorzaakt worden door eenzaamheid, ongezonde leefgewoontes, ingrijpende gebeurtenissen in het leven of problemen met werk of wonen. Een antwoord vanuit de zorg kan voor deze vragen zelfs averechts werken op de kwaliteit van leven. Dit benadrukt het belang om hulpvragen en samenlevingsvraagstukken breder te benaderen dan alleen vanuit de zorg. ‘Ook dit gaan we in de komende jaren verder onderzoeken. Bijvoorbeeld Samenzorg, waarbij zorgprofessionals en naasten of burgers intensief samenwerken, en ook collectieve preventie waarin in gemeenschappen samengewerkt wordt aan gezondheid en welbevinden.’
De rol van verpleegkundigen, en ook van verpleegkundig specialisten en physician assistants mag daarbij volgens Van Vught flink groeien: 'Deze beroepsgroepen zijn onmisbaar, maar ook nog te onzichtbaar in de noodzakelijke veranderingen en vernieuwingen in het zorg. Terwijl zij met meer dan 230.000 professionals een grote bron van kennis, ervaring en uitvoeringskracht vormen.'
Loopbaan
Anneke van Vught startte haar loopbaan in de zorg op 15-jarige leeftijd. Ze werkte in verschillende functies bij Pantein Zorggroep en de Maartenskliniek. Van Vught studeerde HBO-verpleegkunde aan de HAN University of Applied Science, gevolgd door een Master in Bewegingswetenschappen aan de Universiteit Maastricht. Ze promoveerde in 2009 op haar proefschrift getiteld 'Dietary protein in the regulation of the somatotropic axis', waarvoor ze onderzoek deed aan de Universiteit Maastricht en Copenhagen University Hospital in Denemarken. Daarnaast behaalde Van Vught een Master Public Health, op het gebied van de Epidemiologie.
Ze werkte vervolgens in verschillende functies bij de HAN University of Applied Science, de Erasmus Universiteit Rotterdam en het Canisius Wilhelmina Ziekenhuis, waarin ze de werelden van praktijk, onderzoek en onderwijs aan elkaar verbond. Ze deed uitgebreid onderzoek naar de inzet van physician assistants en verpleegkundig specialisten in allerlei settingen in de Nederlandse gezondheidszorg. Daarnaast deed ze veel onderzoek naar innovatieve sectoroverstijgende zorgconcepten en had ze jarenlang aandacht voor interprofessioneel leren en verbeteren in de wijk, ouderenzorg en ziekenhuis. Momenteel is Van Vught Chief Healthcare bij de NZa. De benoeming tot bijzonder hoogleraar is ingegaan op 1 januari 2026. De benoeming is voor een periode van drie jaar en wordt financieel mogelijk gemaakt door de NZa.
-
Meer weten over deze onderwerpen? Klik dan via onderstaande buttons door naar meer nieuws.





