Over droge ogen

Om de ogen te beschermen tegen uitdroging, knipperen mensen regelmatig met hun ogen. Wanneer het traanvocht het oog niet vochtig genoeg houdt, ontstaan vervelende klachten, zoals droge ogen.

lees meer

Over droge ogen

Bij het knipperen van de oogleden wordt een dun gelijkmatig laagje traanvocht over het oog verdeeld. Dit laagje heet de traanfilm en zorgt dat het oog vochtig blijft.
 
Als het traanvocht het oog niet vochtig genoeg houdt, ontstaan vervelende klachten. Droge of rode ogen, branderigheid, een gevoel alsof er iets in het oog zit, lichtschuwheid en tranen. Bij tranen denkt lijkt het alsof  de ogen niet droog zijn, maar dat kan wel zo zijn.
Droge ogen kunnen leiden tot ontstekingen en blijvende beschadigingen van het hoornvlies.

Oorzaken

  • Laag knipperreflex. Te weinig knipperen veroorzaakt droge ogen. Een veelvoorkomende oorzaak is stress, omdat dit de knipperreflex onderdrukt. Bij een niet volledige knipperreflex raken de bovenoogleden de onderoogleden niet en droogt vooral de onderste helft van het hoornvlies uit.
  • Tekort aan traanvocht (keratoconjunctivitis sicca (KCS)). De traanfilm wordt dikker en uiteindelijk ontstaat uitdroging van het oogoppervlak. KCS komt relatief veel voor bij vrouwen in de overgang. In combinatie met een droge mond en een ontsteking van de gewrichten (artritis), kan er sprake zijn van het syndroom van Sjögren.
  • Het syndroom van Sjögren is een auto-immuunziekte waarbij  de traan- en speekselklieren ontstoken zijn. Hierdoor worden delen van het functioneel klierweefsel vernietigd. Ook andere klieren, zoals van de huid, de grote luchtwegen, de slokdarm, de maag en de schede kunnen gaan ontsteken. Het syndroom komt voor als een op zichzelf staande chronische aandoening, maar ook in combinatie met reumatische ziekten. De 3 meest voorkomende klachten zijn: droge ogen, een droge mond en vermoeidheid die u plotseling overvalt. Ook andere oogklachten zoals overgevoeligheid voor licht, wind, rook, een afnemende gezichtsvermogen en het gevoel dat er een zandkorreltje in het oog zit komen voor. Het syndroom van Sjögren komt op iedere leeftijd voor, maar meestal bij mensen tussen de 40 en 60 jaar oud. De ziekte komt veel meer voor bij vrouwen dan bij mannen.
  • Tekort aan mucine (slijmstof). Dit zorgt, ook bij voldoende traanvocht, voor een instabiele traanfilm. Dit kan onder andere door een tekort aan vitamine A komen.
  • Afwijking van de vetachtige laag. Chronische ooglidontsteking (blepharitis) kan de samenstelling van de vetachtige laag veranderen. Hierdoor wordt de traanfilm instabiel.
  • Stoornissen van de ooglidfunctie. Bepaalde ooglidafwijkingen en aangezichtsverlamming kunnen de werking van het ooglid verstoren.
  • Littekens in het hoornvlies. Door littekens in het hoornvlies wordt de traanfilm minder gelijkmatig verdeeld. Hierdoor is de traanfilm minder stabiel.
  • Omgevingsfactoren. Sommige omgevingsfactoren kunnen voor droge ogen zorgen:
o droge lucht, bijvoorbeeld airconditioning, centrale verwarming, lucht in een vliegtuig
o sterke luchtstromingen, zoals autorijden met een open raam of fietsen in de wind.
o rook, luchtvervuiling en stof
o beeldschermwerkzaamheden
o gebruik van bepaalde geneesmiddelen
o allergieën
o contactlenzen

Preventie

Probeer omstandigheden waarin u meer last heeft van droge ogen te veranderen of vermijden.
  • Verbeter de luchtvochtigheid in huis. Vermijd zaken die extra droogte of irritatie geven zoals een ventilator, haarföhn of rook. Buiten kan een speciale (fiets)bril, die aan de zijkanten is afgesloten, ervoor zorgen dat uw ogen door de wind niet te veel uitdrogen.
  • Draag geen of zo min mogelijk contactlenzen. Als u vaak na het slapen last heeft van droge ogen, vraag dan aan uw partner (of iemand anders die u ziet slapen) om te kijken of uw ogen goed sluiten tijdens het slapen.
  • Voorkom complicaties door uw ogen te laten controleren door de oogarts en door regelmatig oogdruppels te gebruiken, volgens de aanwijzingen van de oogarts.

Contact

Afdeling Oogheelkunde

ma t/m vr 8.00 – 16.30 uur (024) 361 67 00.
contact

Onderzoeken bij droge ogen

We gebruiken verschillende onderzoeken om de oorzaak van de droge ogen te achterhalen en een diagnose te stellen.

lees meer

Onderzoeken bij droge ogen

  • Spleetlamponderzoek. Met een spleetlamponderzoek bekijkt de oogarts de traanfilm en ziet hij of zij of het hoornvlies is uitgedroogd.
  • Break Up Time. We meten de stabiliteit van de traanfilm door de ‘Break Up Time’ te meten. Dit is de tijd totdat de traanfilm breekt. We voegen een kleurstof toe aan het traanvocht en zien dan met een spleetlamp de breking van de traanfilm (‘dry spot’).
  • Schirmertest. Bij de schirmertest houden we een strookje filtreerpapier tegen de rand van het onderooglid aan. We kijken hoeveel traanvocht het strookje papier heeft opgezogen en zien daaraan hoeveel traanvocht uw oog produceert.
  • Bengaals rood. Bengaals rood is een in water oplosbare kleurstof die dode epitheelcellen van het hoornvlies en bindvlies kleurt. Deze dode cellen komen veel voor bij Keratoconjunctivitis Sicca. De test geeft een beeld van de beschadiging van het weefsel.
  • Lysozymtest. Lysozym is een eiwit dat voorkomt in het traanvocht. Het beschermt het oog tegen bacteriën. We testen bij een lysozymtest de kwaliteit van het traanvocht.
  • ANEL proef. Soms zijn de traanwegen nauw of minder doorgankelijk dan normaal. Dit kan kan leiden tot tranende ogen. Bij een ANEL proef testen we of en hoe goed de traanbuisjes vocht doorlaten. Met een stomp naaldje spuiten we een zoutoplossing in de traanbuisjes. Als het water niet in de neus of keel komt, zijn de traanwegen verstopt.
Op de pagina 'Onderzoeken aan uw oog' leest u meer.

Behandeling

De behandeling van de klachten bij droge ogen is niet altijd eenvoudig. Voor een goede behandeling is het belangrijk eerst de oorzaak te vinden. Tot die tijd kunt u bijvoorbeeld met behulp van kunsttranen de klachten verminderen.

lees meer

Behandeling

Kunsttranen leggen een kunstmatig laagje over het hoorn- en bindvlies. Dit is een aanvulling op, of vervanging van het traanvocht. Kunsttranen zijn verkrijgbaar als oogdruppel, ooggel en oogzalf. In sommige gevallen kan de oogarts besluiten om de afvoer van het traanvocht naar de neus tijdelijk of blijvend af te sluiten. Daardoor krijgen uw ogen meer traanvocht.
  • Kunsttranen genezen droge ogen niet. Zij verzachten de symptomen en nemen deze weg.
  • De resultaten met bepaalde soorten en merken kunsttranen zijn per patiënt verschillend. Als een middel u niet goed helpt, kunt u in overleg met uw (oog)arts een ander merk proberen.
  • U gebruikt oogdruppels meestal 4 tot 5 maal per dag. Volg altijd de doseringsinstructies in de bijsluiter of van uw arts op. Wacht niet met druppelen tot uw ogen droog aanvoelen.
  • 's Nachts kunt u zalf gebruiken. Zalf heeft een langere werking en is daardoor goed geschikt voor de nacht.
  • Op de verpakking staat op welke temperatuur u de druppels moet bewaren. Staat er niets op de verpakking? Bewaar de druppels dan op een donkere plaats bij kamertemperatuur.

Behandeling Toedienen van oogdruppels en oogzalf

Bij het gebruik van oogdruppels en oogzalf moet u op een aantal dingen letten.

lees meer

Afdeling Oogheelkunde

De afdeling Oogheelkunde onderzoekt en behandelt patiënten met aandoeningen van het oog en de omliggende organen.

lees meer

Deelnemen aan wetenschap­pelijk onderzoek Oogheelkunde

Wilt u deelnemen aan een van de lopende wetenschappelijke onderzoeken? Bekijk dan voor welk onderzoek wij momenteel nog deelnemers zoeken.

lees meer

Onze mensen