Ulnaropathie


Wat is ulnaropathie?

Ulnaropathie is een aandoening van een van de drie armzenuwen. Als deze zenuw wordt geïrriteerd, is dat meestal in de elleboog.

lees meer

Wat is ulnaropathie?

Ulnaropathie is een aandoening van een van de drie armzenuwen. Als deze zenuw wordt geïrriteerd, is dat meestal in de elleboog. Daar loopt de nervus ulnaris aan de binnenkant langs een benig uitsteeksel (bekend als het telefoonbotje). Het is kwetsbaar voor beschadiging. De aandoening noemen we ook wel sulcus nervi ulnaris syndroom, naar de gleuf waarin de elleboogzenuw loopt.

Oorzaak

Meestal is er geen aanleiding voor de irritatie van de zenuw in de punt van de elleboog. Maar als u regelmatig krachtige buig- en strekbewegingen met uw elleboog maakt (bijvoorbeeld bij het bedienen van apparaten) kunt u klachten krijgen. Bij sommige patiënten beweegt de zenuw veel en glijdt hij bij het buigen van de elleboog steeds over het botuitsteeksel (epicondylus medialis). Ook kan de zenuw verdukt worden door een te nauwe bindweefselband die over de zenuw loopt. Dit kan de zenuw irriteren. Ook kan de zenuw beschadigen door uitwendige schade, voortdurende druk of door een vroegere schade, zoals een botbreuk.

Symptomen

Klachten komen doordat de zenuw bekneld of geïrriteerd is. U heeft een pijnlijk tintelend gevoel in de pink en een deel van de ringvinger. Ook kunt u minder gevoel in uw pink en ringvinger en minder kracht in uw hand hebben. Uw hand wordt steeds dunner. De pijnklachten en tintelingen worden dan vaak minder. Uiteindelijk kunnen uw vingers van stand veranderen doordat de kleine handspieren kracht verliezen. Vaak heeft u dan al geen tintelingen en pijn meer.

Tintelingen
De tintelingen kunt u doorlopend hebben. Ze kunnen erger worden als u uw elleboog beweegt. De tintelingen zijn vervelend, maar als u gevoelsstoornissen en krachtsvermindereing heeft, bezoek dan een arts. Soms komt ulnaropathie aan allebei de armen voor.


Onderzoek

Door u te onderzoeken kan de arts gevoelsstoornissen in uw pink en uw ringvinger vinden.

lees meer

Onderzoek

De arts heeft op basis van uw klachten vaak al een vermoeden. Door u te onderzoeken kan de arts gevoelsstoornissen in uw pink en uw ringvinger vinden. Soms ontdekt hij ook krachtvermindering van de kleine handspieren, waardoor u uw vingers niet goed meer kunt sluiten en spreiden. De spieren van uw hand kunnen dunner worden (atrofie). Hierdoor wordt uw hand knokkelig en ontstaan er sleuven tussen uw middenhandsbeentjes. Vaak is de zenuw in de elleboog gevoelig voor druk en kunnen we de klachten van pijnlijke tintelingen opwekken door op de zenuw te kloppen.

EMG (elektromyografie)

Om zeker te weten dat u ulnaropathie heeft, krijgt u een spieronderzoek (EMG = elektromyografie). Hierop zien we dat de zenuwgeleiding langzamer is over het deel van de nervus ulnaris rond de elleboog. Met dit onderzoek kunnen we ook zien of de zenuw niet op een andere plaats in de knel zit. Als we een botafwijking vermoeden, maken we een röntgenfoto van de elleboog.

Behandeling Ulnaropathie

Het doel van de operatie is dat de tintelingen in de vingers steeds minder worden.

lees meer

Contact


Afdeling Neurochirurgie
(024) 361 66 04

inloggen