Nieuws Speurwerk rondom de schildklier

14 september 2023

Te langzaam, te snel, opgezwollen of met vreemde knobbels, de schildklier vertoont regelmatig afwijkingen. Bij de schildklierpoli brengen artsen die razendsnel in kaart met de multidisciplinaire echo. Daarnaast zoeken ze naar nieuwe behandelopties voor schildklierkanker.

‘Soms kijk ik televisie en denk ik: die nieuwslezer heeft iets aan zijn schildklier’, zegt Romana Netea-Maier. Een beroepsdeformatie. Toch meldt ze zo’n observatie nooit. ‘Volgens de richtlijnen starten we pas een medisch traject als mensen last krijgen van hun schildklier. Overbehandeling is bij dit orgaan namelijk echt een probleem. Daarom moeten we goed afwegen wanneer we overgaan tot diagnostiek en zijn we afwachtend met behandelen.’

Romana is endocrinoloog en hoogleraar Endocriene Tumoren bij de afdeling Interne Geneeskunde. Een endocrinoloog houdt zich bezig met ziekten van het hormoonstelsel. Romana weet het meest van de schildklier, die in de hals drie soorten hormonen maakt die de stofwisseling en groei stimuleren. Ze doet onderzoek naar zeldzame en moeilijk te behandelen vormen van schildklierkanker. Mede onder haar leiding veranderde de schildklierdiagnostiek in het Radboudumc drastisch.

Snel duidelijkheid

‘Toen ik in 2004 de polikliniek schildklier startte in het Radboudumc, was schildklierdiagnostiek een traject van weken’, vertelt Romana. ‘We stuurden patiënten met grote tussenpozen heen en weer tussen Interne Geneeskunde en Beeldvorming. Want de endocrinoloog was wel de behandelend arts, maar deed toen zelf geen echo’s. En als we een biopt wilden analyseren, liet de Pathologie soms wel een week op zich wachten.’

Samen met onder andere internist-endocrinoloog Nike Stikkelbroeck, nucleair geneeskundige Martin Gotthardt en patholoog Ilse van Engen-van Grunsven, zette Romana daarom de schildklierpoli op. Daar krijgt inmiddels 85% van de patiënten binnen 24 uur een diagnose en behandelplan. In plaats van minstens drie afspraken op verschillende dagen, krijgt de patiënt nu veelal met één afspraak duidelijkheid.

Afwachtend beleid

De schildklierpoli is georganiseerd rondom de schildklierecho. Tegenwoordig voeren zowel endocrinologen als nucleair geneeskundigen deze echo uit, afhankelijk van de klacht. Als een patiënt een uitgebreide operatie nodig heeft, dan kijkt de chirurg vaak mee. Die echo kan zelfs in de operatiekamer plaatsvinden, zodat een chirurg vlak voor de ingreep ziet waar de moeilijk te vinden afwijkingen zitten. Neemt een arts een biopt af tijdens de echo, dan haakt de patholoog direct aan voor een analyse van het weefsel binnen 24 uur. Zo komen alle experts bij elkaar rondom de patiënt.

Voor deze multidisciplinaire aanpak, waarmee het Radboudumc in Nederland voorop loopt en waar patiënten van ver voor komen, kregen de betrokken artsen een Betaalbaar Beter-subsidie. Ze laten zien dat deze aanpak veel voordelen biedt. Romana: ‘We willen dit nog strakker organiseren. We bouwen interdisciplinaire expertise op, ontwikkelen betere protocollen en maken steviger onderbouwde keuzes. Bij veel schildklierafwijkingen kun je afwachtend beleid voeren, maar je moet wel precies op basis van je diagnostiek kunnen inschatten wanneer dat verantwoord is. Zo dringen we overbehandeling terug. De patiënt ervaart snelheid, sterkere communicatie en minder onnodige operaties.’

Jodium

Op de schildklierpoli kan van alles aan de hand blijken met de schildklier. Die werkt soms te snel of juist te langzaam, kan vergroot zijn of ontstoken. In zeldzame gevallen blijkt dat een patiënt kanker heeft. In ons Radboudumc expertisecentrum Schildklierkanker bestaat de behandeling meestal uit een operatie, aangevuld met therapie met radioactief jodium.

Voor de meest voorkomende vormen van schildklierkanker werkt deze aanpak en is de prognose goed. Maar bij de minst voorkomende vorm, zogenaamde anaplastische schildklierkanker (zie kader), werkt jodiumtherapie niet. Voor dit type kanker werkt eigenlijk geen enkele therapie voldoende en is de prognose slecht: al na een half jaar is de helft van de patiënten overleden.

Onderzoek: welke therapie werkt? 

Romana ontwikkelt met haar team nieuwe vormen van therapie voor deze aandoening. Zo onderzoekt ze, samen met de Technische Universiteit München en Maastricht UMC+, of bestaande medicijnen die ontwikkeld zijn voor een andere ziekte, kunnen werken bij een individuele patiënt.

Ze maakt daarbij slim gebruik van een slechte eigenschap van tumorcellen, namelijk dat ze ongeremd delen. Romana: ‘We isoleren de tumorcellen uit een biopt afkomstig van de patiënt, en kweken die cellen verder op in het laboratorium. Daar blijven ze doorgroeien, we noemen dat een cellijn.’

In het lab analyseert het team van Romana die tumorcellen tot in detail. Welke moleculen zitten er op de buitenkant van de cellen en welke eigenschappen zijn veranderd in het erfelijk materiaal van deze cellen? Vervolgens bepaalt ze met de hulp van slimme computersoftware welke medicijnen er op die moleculen zouden kunnen aangrijpen. In het lab kan ze vervolgens die medicijnen daadwerkelijk aan de tumorcellen toevoegen en kijken hoe die reageren. Zo zoekt haar team naar een persoonlijke therapie voor elke individuele patiënt.

Kraamkamer

In een ander project onderzoekt Romana de rol van afweercellen bij schildklierkanker. Ze ontdekte dat tumorcellen stoffen afgeven aan de bloedbaan, die de afweercellen in verwarring brengen. ‘En dat gebeurt niet alleen in het bloed, maar zelfs al in de kraamkamer van de afweercellen, in het beenmerg waar ze gemaakt worden. De afweercellen worden door de afgegeven stoffen tolerant voor de tumor en ruimen tumorcellen daardoor minder effectief op’, aldus Romana.

Ze vroeg zich af of de verwarde afweercellen misschien getraind en geactiveerd kunnen worden, zodat ze tumorcellen alsnog opruimen. ‘We gebruiken daarvoor stoffen zoals eiwitten uit bacteriën of schimmels, waarvan bekend is dat ze de aangeboren afweer stimuleren en versterken. Die stoffen werken als een soort trainers voor afweercellen. We zoeken nu uit welke trainer het geschiktst is. En hoe we die trainer het beste kunnen toedienen aan een patiënt, eventueel in combinatie met andere therapieën. Hopelijk kunnen we zo de perspectieven voor mensen met anaplastische schildklierkanker verbeteren.’


Schildklier op hol

Een gezonde schildklier produceert drie soorten hormonen die de stofwisseling en groei stimuleren, T4, T3 en calcitonine. Werkt de schildklier te snel, dan ontstaan te veel van die hormonen T4 en T3. Een trage schildklier leidt juist tot een gebrek aan die hormonen. Daarnaast kan een schildklier vergroot zijn of ontstoken. Ook kunnen in de schildklier zowel goedaardige gezwellen als kanker ontstaan. De klachten bij al deze aandoeningen zijn heel divers. In Nederland hebben 500.000 mensen een aandoening aan hun schildklier.

Vormen van schildklierkanker

Schildklierkanker is zeldzaam. In Nederland krijgen ongeveer 900 mensen per jaar de diagnose. De behandelmogelijkheden en vooruitzichten hangen af van het type kanker. Er zijn vier soorten. De meest voorkomende vormen zijn papillair (75%) en folliculair (15%), beide met een goede prognose. Voor de meest zeldzame vorm, anaplastische schildklierkanker (minder dan 5%), is bijna geen effectieve behandeling beschikbaar. Deze drie vormen van kanker ontstaan uit de cellen die de hormonen T4 en T3 maken. Medullaire schildklierkanker (tussen 5 en 10%) ontstaat uit de cellen die het hormoon calcitonine maken, en is soms erfelijk.

Dit artkel verscheen eerder in Radbode #4 van 2023.
 

Meer informatie


Annemarie Eek

wetenschapsvoorlichter

neem contact op

Meer nieuws

  • Medewerkers
  • Intranet