Nieuws Vissen naar verbetering

23 juni 2026

De meeste mensen kennen wel iemand met een schisis, zoals cabaretier Jan Jaap van der Wal of rapper Snelle. Maar hoe ontstaat schisis eigenlijk? En hoe kunnen we hen het beste helpen? Celbioloog Hans Von den Hoff van het Radboudumc doet hier onderzoek naar. ‘De zebravis heeft een eigenschap die hem heel geschikt maakt voor dit onderzoek.’

Het gezicht van een baby krijgt al vorm in de allereerste weken van de zwangerschap. Soms nog voordat een vrouw weet dat ze zwanger is. In deze vroege fase groeien verschillende delen van het gezicht naar elkaar toe. Meestal verloopt dat proces probleemloos. Maar soms groeien niet alle structuren helemaal aan elkaar vast. Dan blijft er een spleet achter.

Zo’n aangeboren opening in het gezicht noemen we een schisis. Dat woord komt uit het Grieks en betekent letterlijk ‘spleet’. Elk jaar worden in Nederland ongeveer driehonderd baby’s met een schisis geboren. Daarbij zijn er grote verschillen: de spleet kan voorkomen in de bovenlip, de kaak en/of het gehemelte. Soms loopt die zelfs door tot achter in de mond.

Een schisis wordt dus veroorzaakt doordat onderdelen van het gezicht tijdens de zwangerschap niet goed samensmelten. Maar waarom dit bij sommige baby’s gebeurt, is nog niet precies bekend. ‘Samen met collega-onderzoeker Frank Wagener doe ik daar uitgebreid onderzoek naar’, vertelt celbioloog Hans Von den Hoff.

Visjes

Von den Hoff en Wagener gebruiken daarvoor een verrassend dier: de zebravis. Dit kleine tropische zoetwatervisje lijkt tijdens de vroege ontwikkeling namelijk sterk op de mens en kan, net als wij, een schisis ontwikkelen. ‘Bovendien heeft de zebravis nóg een eigenschap die hem heel geschikt maakt voor onderzoek’, vertelt Von den Hoff. ‘De embryo’s zijn doorzichtig. Daardoor kunnen we de ontwikkeling stap voor stap volgen en letterlijk zien hoe verschillende cellen samen de kop en het gezicht vormen.’

We weten dat een schisis soms ontstaat door een foutje in het erfelijk materiaal: het DNA. Maar hoe zo’n kleine genetische verandering leidt tot een afwijking in het gezicht, is nog onduidelijk. Om dat beter te begrijpen, maakt het team van Von den Hoff een vergelijkbaar foutje in het DNA van de zebravis. Tegelijkertijd geven ze de cellen die de kop en het gezicht vormen een fluorescerende kleur.

‘Onder de microscoop zien we dan allemaal kleine groene puntjes bewegen’, vertelt Von den Hoff. ‘Dat zijn de cellen. Zo volgen we of er genoeg cellen zijn, of ze op de juiste plek terechtkomen en of ze zich normaal ontwikkelen. Dat vertelt ons meer over hoe een schisis precies ontstaat en hoe we deze cellen in de toekomst misschien kunnen bijsturen om een schisis te voorkomen.’

Alcohol in het aquarium

Opvallend is dat kinderen met hetzelfde foutje in hun DNA toch heel verschillende vormen van schisis kunnen hebben. Dat wijst erop dat ook omgevingsfactoren een rol spelen. Denk aan voeding, vitamines of medicatie tijdens de zwangerschap.

Ook dat onderzoekt de groep van Von den Hoff met behulp van de zebravis. Zo bleek al dat wanneer ze een kleine hoeveelheid alcohol aan het water toevoegen, zebravissen met een specifiek foutje in hun DNA een ernstigere schisis ontwikkelen dan vissen zonder alcohol. Erfelijke aanleg en omgeving blijken elkaar dus, net als bij veel andere genetische aandoeningen, te versterken.

Door deze wisselwerking beter te begrijpen, hopen Von den Hoff en zijn collega’s schisis uiteindelijk te kunnen voorkomen, bijvoorbeeld met specifieke medicijnen en gerichte voorlichting. ‘Het zou mooi zijn als we in de toekomst het aantal baby’s dat met een schisis geboren wordt, kunnen verminderen.’

Op de foto: celbioloog Hans Von den Hoff. 

Littekens

Toch zullen er altijd kinderen blijven die met een schisis worden geboren. Gelukkig is de aandoening goed te behandelen. Dat gebeurt met meerdere operaties, bijvoorbeeld een lipsluiting en gehemeltesluiting kort na de geboorte, en een kaaksluiting wanneer het kind ongeveer negen jaar is. Voor een goede spraakontwikkeling krijgen de meeste kinderen logopedie en voor een mooie tand- en kaakontwikkeling een behandeling bij de orthodontist.

Een belangrijk probleem dat door de verschillende operaties ontstaat, is littekenweefsel. Dat kan de groei van het gezicht verstoren en spraakproblemen veroorzaken, vooral wanneer littekens ontstaan in het zachte gehemelte. Daar zitten namelijk spieren die essentieel zijn om goed te kunnen praten. ‘En juist die spraakproblemen vinden kinderen met schisis vaak het vervelendst’, vertelt Von den Hoff.

Gekweekte cellen

Daarom zoekt hij naar manieren om littekenvorming na schisisoperaties te verminderen. ‘Dat doen we door spiercellen te kweken in een kweekbakje’, legt hij uit. ‘Aan deze spiercellen voegen we fibroblasten toe: een type cel dat een belangrijke rol speelt bij de vorming van littekenweefsel. Vervolgens testen we of bepaalde stofjes de activiteit van deze fibroblasten kunnen remmen.

Als dat werkt, wil ik samen met collega-onderzoeker Willeke Daamen zo’n stofje toevoegen aan fibrinelijm’, vertelt Von den Hoff. ‘Deze speciale lijm gebruiken chirurgen nu al om wonden te sluiten. Door de lijm met het remmende stofje toe te passen bij de sluiting van het zachte gehemelte, zou de vorming van littekenweefsel beperkt kunnen worden. Daardoor bewegen de spieren beter en krijgt een kind later hopelijk minder moeite met spreken.’

Deze aanpak is niet alleen veelbelovend voor kinderen met een schisis. Ook bij andere aandoeningen waarbij littekenweefsel in spieren ontstaat, kan deze techniek in de toekomst van waarde zijn. Denk aan mensen met ernstige brandwonden, of aan patiënten die geopereerd zijn voor de behandeling van kanker. ‘Hopelijk kunnen we zo dus niet alleen kinderen met een schisis, maar ook andere patiënten beter helpen’, besluit Von den Hoff.

Over het onderzoek

Von den Hoff voert zijn onderzoek met zebravissen uit in samenwerking met de zebravisfaciliteit van de Radboud Universiteit, onder leiding van Juriaan Metz, universitair docent Planten- en Dierenbiologie. Daarnaast werkt hij nauw samen met patiëntenvereniging Schisis Nederland, waarmee zij bijdragen aan meer kennis en begrip rondom schisis.

Meer informatie


Eline Zwijgers

Telefoonnummer 0646938010
wetenschapsvoorlichter Communicatie

neem contact op
lees meer

Meer nieuws