Patientenzorg Behandelingen In Vitro Fertilisatie IVF Hoe ziet mijn behandeltraject eruit?
Verloop van de behandeling

Afspraak op het spreekuur

Plannen van het starten van de behandeling

Medicijnen en echo's

ongeveer twee weken

Follikelpunctie

drie dagen

Terugplaatsing

ongeveer twee weken

Zwangerschapstest

Verloop van de behandeling


Pré IVF of GA

U krijgt voorafgaand aan de start van een eerste IVF/ICSI behandeling een uitnodiging voor een gezamenlijke afspraak (GA) of een Pré-IVF.

lees meer

Pré IVF of GA

U krijgt voorafgaand aan de start van een eerste IVF/ICSI behandeling samen met uw partner een uitnodiging voor een uitgebreide uitleg over de behandeling. Deze afspraak wordt met maximaal twee andere paren gepland, de gemeenschappelijke afspraak (GA). Er kunnen redenen zijn om deze uitleg individueel te geven; dit heet dan een  Pré IVF.
U krijgt tijdens deze afspraak uitleg over het behandelschema, de aanmeldprocedure en een spuitinstructie. Deze voorlichting wordt gegeven door een verpleegkundige of een doktersassistente.
 

Aanmelden voor de behandeling

Wanneer u zich mag aanmelden voor de behandeling, start u op de eerste dag dat u ongesteld bent geworden met de pil.

lees meer

Aanmelden voor de behandeling

Telefonisch aanmelden

Wanneer u de pil moet gebruiken start u deze op de eerste dag van de menstruatie.  Indien u nog niet bent aangemeld voor een behandeling kunt u dit op werkdagen telefonisch doen tussen 08:30 – 11:00 uur, op cyclusdag 1, 2 of 3. De secretaresse zal u enkele vragen stellen, onder andere:
  • of u nog medicatie in huis heeft;
  • of uw partner koorts heeft gehad;
  • en of u zelf medicijnen gebruikt;
  • of u op vakantie bent geweest in gebieden waar het ZIKA virus heerst.
Na de aanmelding zal de secretaresse u een behandelschema via mijnRadboud of per post opsturen. Hierin wordt beschreven wanneer u welke medicijnen moet gebruiken en wanneer de eerste echo afspraak is.

Online aanmelden

U kunt zich ook aanmelden via ons online aanmeldformulier op de website. 

Medicijnen

In een normale cyclus wordt meestal één eicel helemaal rijp. Bij IVF moeten we meer eicellen laten rijpen, zodat de kans op zwangerschap groter wordt. Daarvoor krijgt u medicijnen.

lees meer

Medicijnen

Informatie en toedienen

In een normale cyclus wordt meestal één eicel helemaal rijp. Bij IVF moeten we meer eicellen laten rijpen, zodat de kans op zwangerschap groter wordt. Daarvoor krijgt u medicijnen. Uw behandelend arts beslist welk behandelschema u gaat gebruiken en welke dosering hormonen noodzakelijk is. Alle hormoonpreparaten worden via een injectie in het onderhuids vetweefsel (subcutaan) toegediend. U krijgt van te voren een instructie waarbij u zichzelf leert injecteren. Ook krijgt u een op maat gemaakt schema waarin beschreven is wanneer u de verschillende hormonen moet gebruiken.

Voor het starten van de behandeling

Tijdens de IVF/ ICSI-behandeling moet u beschermd vrijen. Vanaf de dag dat de punctie afgesproken wordt tot en met de terugplaatsing is het advies om geen gemeenschap te hebben.
Voorafgaand aan de hormoonbehandeling is het van belang dat u start met het gebruik van foliumzuur. Foliumzuur helpt afwijkingen bij het kind (zoals een open ruggetje) te voorkomen. Om de behandeling beter te kunnen plannen wordt tijdelijk de anticonceptiepil (Microgynon 30 of Levonorgestrel / Ethinylestradiol) gebruikt. Veel voorkomende bijwerkingen van de anticonceptiepil zijn hoofdpijn, misselijkheid en doorbraakbloedingen. Uw behandelend arts beslist of u de pil mag gebruiken.

Stimulatie van de eierstokken

Tijdens een IVF/ICSI behandeling is het van belang dat er meerdere eiblaasjes groeien. Voor de stimulatie van de eierstokken wordt follikel stimulerende hormoon  gebruikt; Gonal-F, Rekovelle, Menopur en Meriofert. Gonal-F en Rekovelle worden geleverd in een vooraf gevulde injectiepen. Menopur en Meriofert worden geleverd in ampullen die u thuis oplost. De toedieningsvorm voor deze medicatie is nagenoeg gelijk, alleen de bereiding is verschillend.  Klachten die op kunnen treden tijdens het gebruik van deze hormonen zijn; een opgeblazen en gevoelige buik, vermoeidheid, lichte misselijkheid of hoofdpijn.

Tijdens de stimulatie is het van belang dat er geen vroegtijdige eisprong optreedt. Voor het tegenhouden van een vroegtijdige eisprong (zg LH antagonist) worden de volgende middelen gebruikt; Decapeptyl, Cetrotide, Fyremadel of Orgalutran. Decapeptyl, Fyremadel en Orgalutran worden geleverd als losse injecties. Cetrotide wordt geleverd in ampullen en dient voor gebruik nog opgelost worden. Bijbehorende bijwerkingen van deze LH antagonisten kunnen zijn: hoofdpijn, wisselende stemmingen, vermoeidheid, opvliegers, roodheid of jeuk op de injectieplek.

Voor en na de punctie

Voor de laatste uitrijping van de eicellen en het plannen van de follikelpunctie gebruiken we middelen die zwangerschapshormoon (hCG) bevatten; Pregnyl of Ovitrelle. Pregnyl wordt verkregen uit de urine van zwangere vrouwen (via “Moeders voor Moeders”) en geleverd in ampullen. Ovitrelle wordt kunstmatig bereid en geleverd in een injectiepen. Soms kan er op de injectieplek licht jeukende rode huiduitslag ontstaan. Ook gespannen borsten kunnen voorkomen.

Na de punctie wordt er gedurende 18 dagen Utrogestan gebruikt. Deze medicatie wordt gebruikt om het baarmoederslijmvlies te ondersteunen zodat het embryo zich in kan nestelen en houdt de menstruatie tegen. Utrogestan is Progesteron; het zwangerschapshormoon. Deze capsules worden vaginaal ingebracht en veroorzaken vaginale afscheiding. Mogelijke bijwerkingen van Utrogestan zijn maagdarmklachten, gespannen borsten, hoofdpijn, duizeligheid of slaperigheid.


  • Hieronder vindt u de spuitinstructies voor de verschillende soorten medicijnen. In de lijst kunt u het medicijn selecteren waarover u meer informatie zoekt.


Echo

Om te zien hoe de eierstokken op de medicijnen reageren, wordt er een aantal echo’s verricht.

lees meer

Echo

Het doel van een IVF/ICSI behandeling is om meerdere eiblaasjes te laten groeien. Om te zien hoe de eierstokken op de medicijnen reageren, worden gemiddeld twee tot drie echo’s verricht. Het kan voorkomen dat u vaker moet komen. Voor het onderzoek moet de blaas leeg zijn. Tijdens het echo onderzoek wordt de grootte van de eiblaasjes en de dikte van het baarmoederslijmvlies gemeten. Indien nodig kan er na de echo bloed geprikt worden om meer informatie te krijgen over de ontwikkeling van de eiblaasjes. Groeien er te weinig of teveel eiblaasjes? Dan adviseren we in sommige gevallen om de behandeling te stoppen en opnieuw te beginnen. 

Follikelpunctie

In de eiblaasjes bevinden zich de eicellen. Het aanprikken van deze eiblaasjes wordt follikelpunctie genoemd.

lees meer

Follikelpunctie

In de eiblaasjes bevinden zich de eicellen. Het aanprikken van de eiblaasjes wordt follikelpunctie genoemd. De punctie wordt verricht op de punctiekamer op de IVF-afdeling.
 

Voorbereiding

Vanaf de dag dat de punctie afgesproken wordt tot en met de terugplaatsing is het advies om geen gemeenschap te hebben of maatregelen te nemen zodat u niet zwanger kunt worden
.•Op de dag van de punctie mag u gewoon ontbijten. Het is zelfs aan te raden om te eten ivm de medicatie die krijgt u tijdens de punctie. Door deze verdoving zou u met een lege maag eerder misselijk kunnen worden. Wij adviseren iets te eten mee te nemen voor na de punctie!
•U mag een uur voor de punctie 1 tablet Oxazepam (10 mg) en 1.000 mg paracetamol innemen.
•Voor de punctie meldt u zich samen met uw partner aan de balie. U krijgt een identificatiebandje om en kunt daarna plaatsnemen in de wachtkamer.
•Een half uur voor aanvang van de punctie dient uw partner het zaad in te leveren bij het IVF-laboratorium. Het zaad wordt door masturbatie verkregen en opgevangen in een steriel plastic potje. Dit is een speciaal potje wat verkrijgbaar is op de afdeling Voortplantingsgeneeskunde. Voor een zo optimaal mogelijke zaadkwaliteit adviseren wij een onthoudingsperiode van een tot vier dagen. Voor de zaadproductie is een speciale ruimte beschikbaar bij het IVF-laboratorium. U kunt er ook voor kiezen het zaad thuis te produceren. Zorg ervoor dat het potje op lichaamstemperatuur vervoerd wordt. De reisafstand tot het ziekenhuis mag dan niet langer dan een uur bedragen.
 

Ingreep

Op de dag van de punctie wordt u samen met uw partner verwacht, u meldt zich aan de balie en de medewerker meldt u aan. Daarna kunt u plaats nemen in de wachtkamer en indien u niet nuchter hoeft te zijn, mag u iets te drinken nemen.
Uw partner levert op de afgesproken manier en tijd zijn semen in.
Bij binnenkomst op de punctiekamer is er een arts, een verpleegkundige/doktersassistente en een analist aanwezig. Er worden op dat moment bij u en uw partner een aantal zaken gecontroleerd zoals naam, geboortedatum, soort behandeling, allergieën etc.
Ook wordt gevraagd of u pijnstilling via het infuus wenst. In dat geval wordt er voorafgaand aan de punctie een infuusnaaldje in een ader in de elleboogsplooi gebracht. Door deze pijnstiller (Rapifen) kunt u zich wat suf voelen. U mag na de punctie dan ook niet zelf auto rijden.Tijdens de punctie controleren we uw hartslag en zuurstofopname via een saturatiemeter op uw vinger.
De partner is tijdens de punctie aanwezig en zit naast zijn / haar vrouw.

De eiblaasjes worden via de vagina aangeprikt. De blaas moet hiervoor leeg zijn. De echo wordt voor de punctie steriel ingepakt en voorzien van een naaldgeleider. Dit kunt u voelen tijdens het inbrengen van de echo. De eierstokken worden beiden aangeprikt waarna de eiblaasjes één voor één worden leeg gezogen. Het vocht uit de eiblaasjes wordt opgevangen in reageerbuisjes en na afloop naar het laboratorium gebracht. Daar gaan ze zoeken naar eicellen.
 

Na de punctie


Na afloop van de punctie gaat u naar de, naast de punctiekamer gelegen, rustkamer om de pijnstilling te laten uitwerken. Hier verblijft u ongeveer een tot twee uur. Er kunnen in totaal drie patiënten tegelijk in de rustkamer verblijven.

Binnen een uur na de punctie krijgt u van de analist te horen hoeveel eicellen er zijn verkregen en hoe de zaadkwaliteit is. Het kan zijn dat er minder eicellen worden gevonden dan aanvankelijk verwacht werd. Soms zit er geen eicel in het eiblaasje of is de eicel nog niet rijp genoeg om uit het eiblaasje los te komen. Soms vinden we helemaal geen eicellen. Ook kan het zijn dat de zaadkwaliteit tegen valt of dat er zelfs geen zaad wordt gevonden. U krijgt dan een afspraak met uw behandelend arts om dit te bespreken. Zodra de punctie-arts bij u is langs geweest mag u naar huis.

Medicijnen na de punctie

Na de punctie start u met Utrogestan. Dit zijn capsules die u vaginaal in moet brengen. Op de dag van de punctie gebruikt u ’s middags 2 capsules en ’s avonds 2 capsules. De dag na de punctie brengt u driemaal daags 2 capsules in tot aan de zwangerschapstest. De capsules moeten over de dag verdeeld worden.  Wanneer de menstruatie duidelijk door breekt kunt u eerder stoppen. Utrogestan kan er echter ook voor zorgen dat de menstruatie tijdelijk uitblijft.

Klachten na de punctie

Wij raden u aan rust te nemen op de dag van de punctie en niets af te spreken. Na afloop van de punctie kunt u last hebben van vaginaal bloedverlies (een inlegkruisje is meestal toereikend) en menstruatie-achtige buikpijn waarvoor u uitsluitend Paracetamol mag gebruiken. Neem contact met ons op als u koorts heeft (temperatuur 38.5 °C of hoger) of ernstige buikpijn die niet vermindert na het innemen van paracetamol.
 

Ovarieel hyperstimulatiesyndroom (OHSS, overstimulatie):


De kans op overstimulatie is verhoogd wanneer er veel eicellen worden gevonden na de punctie. Na de punctie kunnen de eierstokken erg opgezet zijn en kunnen de kleine bloedvaten in de buik meer vocht doorlaten dan normaal. Hierdoor kan het bloed stroperig worden en kan de doorbloeding van bepaalde organen aangetast worden. Bijbehorende klachten zijn: een opgezette buik, sterke gewichtstoename, buikpijn, een vol gevoel, misselijkheid, braken, kortademigheid en trombose (bloedstolsels in de bloedvaten). Neem contact op met het IVF-team wanneer er sprake is van deze klachten. Wanneer overstimulatie wordt geconstateerd, dan is het van groot belang dat u veel drinkt (2 tot 3 liter per dag) en voldoende rust neemt.
In de eiblaasjes bevinden zich de eicellen. Het aanprikken van de eiblaasjes wordt follikelpunctie genoemd. De punctie wordt verricht op de punctiekamer op de IVF-afdeling.
 

Terugplaatsen van embryo('s)

Twee dagen na de follikelpunctie krijgt u telefonisch te horen of er een bevruchting heeft plaats gevonden. De embryo terugplaatsing vindt de volgende dag plaats.

lees meer

Terugplaatsen van embryo('s)

Twee dagen na de follikelpunctie krijgt u telefonisch te horen of er een bevruchting heeft plaats gevonden en zo ja, hoe laat u de volgende dag verwacht wordt voor de embryo terugplaatsing.
De terugplaatsing van embryo(’s) vindt plaats op de derde dag na de punctie. Op de dag van de terugplaatsing krijgt u te horen hoeveel embryo’s er zijn ontstaan. Ook zal de kwaliteit van het embryo wat terug geplaatst wordt benoemd worden.
Over de kwaliteit van de overige embryo(’s) kunnen we op de dag van de terugplaatsing niets zeggen. Als u ervoor kiest om embryo’s in te vriezen dan wordt de kwaliteit op dag 5 na de punctie beoordeeld. Alleen de embryo’s die van zeer goede kwaliteit zijn kunnen worden ingevroren. U dient hiervoor een contract te ondertekenen. U krijgt via mijnRadboud en per post te horen of er embryo’s zijn ingevroren. Aan het bewaren van ingevroren embryo’s zijn jaarlijkse kosten verbonden.

Soms is er geen bevruchting of is de embryokwaliteit zodanig slecht dat er niets teruggeplaatst kan worden. In dat geval krijgt u een afspraak bij uw behandelend arts.

De terugplaatsing

De terugplaatsing vindt plaats op de punctiekamer en wordt gedaan onder geleide van een echo via de buik. Om een goed beeld te krijgen is een halfvolle tot volle blaas nodig. Dit vergemakkelijkt over het algemeen de terugplaatsing.

Er wordt een speculum (eendenbek) ingebracht waarna de baarmoedermond schoon wordt gepoetst. Vervolgens wordt er een dun slangetje (de buitencatheter) via de baarmoederhals tot in de baarmoederholte gebracht. Als de catheter op zijn plek zit wordt het laboratorium gebeld. Het embryo wordt dan door de analist in een nog dunner slangetje (binnencatheter) geplaatst en naar de punctiekamer gebracht.  Vervolgens wordt de binnencatheter via de buitencatheter in de baarmoeder-holte gebracht. Het embryo wordt met een zeer kleine hoeveelheid vloeistof in de baarmoederholte gespoten. Na afloop bekijkt de analist onder de microscoop of er niets in de catheter is achtergebleven. Blijkt het embryo nog in de binnencatheter te zitten dan wordt de procedure herhaald. Als de catheter “leeg” is, wordt het speculum verwijderd. U kunt zich hierna aankleden en eventueel naar het toilet.
 
Het is de bedoeling dat uw partner bij het terugplaatsen aanwezig is. Kan dit niet? Dan dient er schriftelijk toestemming gegeven te worden voor de terugplaatsing middels deze brief.  

Na de behandeling

Na de embryo terugplaatsing hoeft u zich niet anders dan normaal te gedragen. Vijftien dagen na de terugplaatsing mag u zelf een zwangerschapstest doen.

lees meer

Na de behandeling

Na een embryo terugplaatsing hoeft u zich niet anders te gedragen. U gaat door met het gebruik van foliumzuur en Utrogestan. Utrogestan gebruikt u tot aan de zwangerschapstest. Indien u klachten heeft of zorgen maakt dan kunt u contact opnemen met  het IVF-team.

Zwangerschapstest

Vijftien dagen na de terugplaatsing mag u een zwangerschapstest doen in de urine. De uitslag geeft u door via mijnRadboud. Is de zwangerschapstest positief? Dan krijgt u een afspraak voor een echo. Is de zwangerschapstest negatief of bent u eerder gaan menstrueren dan kunt u een afspraak krijgen bij uw hoofdbehandelaar om de behandeling na te bespreken. Door het gebruik van Utrogestan kan de menstruatie later optreden.