Over het weghalen van eierstokken en eileiders

U heeft een hoger risico op eierstokkanker. Dit kan komen door een afwijking in het BRCA-gen. Het kan zijn dat u geen afwijking heeft en dat er toch veel eierstokkanker in uw familie zit. Veel vrouwen met een grotere kans op eierstokkanker laten hun eierstokken en eileiders verwijderen. Geef voor uzelf antwoord op de volgende vragen voordat u die beslissing neemt:
  • wil ik wel of geen kinderen?
  • wat haalt de arts weg en wat zijn de gevolgen daarvan?
  • welke risico’s en problemen geven de operatie?
  • weet ik genoeg om een goede beslissing te maken?

De geslachtsorganen

De geslachtsorganen bestaan uit:
  • schede (of vagina): verbinding tussen de baarmoeder en de buitenwereld in de vorm van een buis.
  • baarmoeder (of uterus): dit is een orgaan zo groot is als een peer en in de vorm van een peer. Het smalle deel van de baarmoeder gaat over in de schede en vormt de baarmoederhals (cervix). Dit noemen we ook wel de baarmoedermond.
  • eileiders (of tubae): dit zijn buisjes van ongeveer tien centimeter die boven aan de zijkant van de baarmoeder zitten. Zij beginnen smal en worden steeds breder. Ze zijn verbonden met de eierstokken.
  • eierstokken (of ovaria): organen die zo groot zijn als een walnoot. Ze liggen naast de baarmoeder. De eileiders en eierstokken samen heten het ‘adnex’. De geslachtsorganen zitten vast aan banden. Er zit een dun vlies (buikvlies) overheen.

Functie geslachtsorganen

De eierstokken
De eierstokken maken de eicellen en de geslachtshormonen. De geslachtshormonen doen verschillende dingen:
  • ze zorgen vanaf de puberteit dat borsten en lichaamshaar groeit.
  • ze regelen samen met andere hormonen onder meer de eisprong (ovulatie), de maandelijkse veranderingen in het baarmoederslijmvlies en dat u ongesteld wordt
  • ze zijn belangrijk bij de seks. Ze zorgen er mede voor dat de vagina vochtig en soepel blijft. Daarnaast hebben ze invloed op de zin in het vrijen (libido).
De eileiders
De eileiders zorgen ervoor dat de eicel en zaadcel bij elkaar kunnen komen, waardoor u zwanger kunt worden. Ook vervoeren de eileiders de bevruchte eicel naar de baarmoeder.
 
De baarmoeder

De baarmoeder is belangrijk bij het innestelen van de bevruchte eicel en de zwangerschap. De baarmoeder kan ook een rol spelen in de seksuele beleving. De baarmoeder stoot door hormonen elke maand het slijmvlies af (menstruatie).

Hoger risico op eierstok-/eileiderkanker

Bij meer dan 2000 families in Nederland is het BRCA 1 of het BRCA2 gen anders. Dit noemen we een mutatie. Deze mutaties zorgen voor een hoger risico op het ontwikkelen van borst- en eierstokkanker. Eierstokkanker is de naam die we geven aan kanker die ontstaat in de eierstok, eileider en/of het buikvlies.

Extra controle

Als u een hoger risico heeft op borstkanker kunt u uw borsten extra laten controleren. Daarnaast kunt u de borsten laten weghalen. Eierstokkanker kunnen we met een echo en bloedonderzoek niet eerder ontdekken. Het verwijderen van eierstokken en eileiders helpt wel om het risico op eierstokkanker kleiner te maken.

Hoger risico

Is uw BRCA-gen anders of komt eierstokkanker veel in uw familie voor? Praat dan met uw arts of u uw eierstokken en eileiders wilt laten weghalen. Het weghalen van de eierstokken en eileiders verlaagt het risico op eierstokkanker. Er is altijd een risico, omdat er heel soms eierstokkanker van het buikvlies ontstaat. Dit heeft namelijk hetzelfde soort weefsel als de eierstokken. Het risico hierop is 1 tot 2 procent.
Patiëntenzorg Behandelingen Preventief verwijderen van eierstokken en eileiders

Over het weghalen van eierstokken en eileiders

Door een afwijking in het BRCA-gen, of omdat het veel in uw familie voorkomt, heeft u een hoger risico op eierstokkanker. Veel vrouwen laten in zo'n geval hun eierstokken eileiders verwijderen. lees meer

Behandeling Anesthesie

Als u naar het Radboudumc komt voor een operatie dan krijgt u te maken met anesthesie (verdoving of narcose). Ook voor andere ingrepen, zoals een behandeling of onderzoek, is anesthesie soms nodig. Anesthesie zorgt ervoor dat u tijdens de behandeling geen pijn heeft.

lees meer

De behandeling

Het verwijderen van de eierstokken en de eileiders doet de arts meestal via een kijkbuisoperatie (laparoscopie). U krijgt een volledige verdoving. Soms doet de arts een open operatie. lees meer

De behandeling

Het verwijderen van de eierstokken en de eileiders doet de arts meestal via een kijkbuisoperatie (laparoscopie). U krijgt een volledige verdoving. Soms doet de arts een open operatie. De arts maakt dan een snee in uw buik. Dit gebeurt meestal bij mensen die al meerdere buikoperaties hebben gehad. Bij de kijkbuisoperatie maakt de arts een klein sneetje in de navel. Via uw navel brengt hij een camera in uw lichaam. In uw onderbuik maakt de arts een tot drie kleine sneetjes om instrumenten in te brengen. Meestal kunt u na de operatie dezelfde dag weer naar huis. Soms moet u een nacht in het ziekenhuis blijven.

Video-opname

Tijdens de operatie worden er soms video-opnamen gemaakt. Uiteraard kan niemand u herkennen. De video-opnamen komen in uw medisch dossier.

Operatierisico

  • Heel soms (bij ongeveer 2 procent) besluit de arts tijdens de kijkoperaties om toch een ‘gewone’ buikoperatie te doen. De arts maakt dan een grotere snede in uw buik. Opereren met de kijkbuis kan dan niet of is niet veilig. Het kan dus gebeuren dat u wakker wordt met een grotere snede dan gepland. UI moet dan ook iets langer in het ziekenhuis blijven en het herstel duurt langer. 
  • Heel soms (minder dan 1 procent) beschadigen de urinewegen, bloedvaten of de darmen tijdens de kijkoperatie. De arts ziet dit meestal tijdens de operatie en kan dit meteen herstellen. Soms ontdekken we het pas als u al weer thuis bent. U krijgt dan meer in plaats van minder pijn. Bel dan naar uw huisarts of het ziekenhuis. Deze beschadigingen kunnen we meestal goed behandelen. Soms heeft u een nieuwe operatie nodig en duurt uw herstel langer.  
  • Voor de operatie krijgt u een slangetje (katheter) in uw blaas. Hierdoor kunt u blaasontsteking krijgen. U heeft dan een branderig gevoel als u plast. Drink goed om afvalstoffen te verwijderen. Een blaasontsteking is lastig en doet pijn. U kunt antibiotica krijgen. 

Uitslaapkamer

In de uitslaapkamer controleren we uw ademhaling, bloeddruk, hartslag en de wond. Als u misselijk bent en/of pijn hebt, krijgt u daarvoor medicijnen. Zodra uw het kan, mag u weer eten en drinken en verwijderen we het infuus.

Soms kunt u pijn aan uw schouder hebben. Tijdens de operatie komt er koolzuurgas in uw lichaam. Dat kan een zenuw prikkelen die via het middenrif naar uw schouders gaat. Deze pijn wordt minder als u plat ligt. Meestal is de pijn na een dag weg. Als u pijn heeft, kunt u een paracetamol slikken. U mag maximaal vier keer per dag twee tabletten van 500mg.

Naar huis

Voordat u naar huis gaat, vertelt een arts hoe de operatie ging. Als u goed wakker bent, iets gegeten of gedronken hebt en als u geplast heeft, mag u naar huis. U mag na de operatie niet zelf rijden. Het is beter om de eerste nacht niet alleen thuis te zijn.

Er kan een medische reden zijn waardoor u nog niet naar huis kunt. U gaat dan naar een verpleegafdeling. ‘s Avonds of de volgende ochtend bekijkt de arts wanneer u naar huis kunt. Als u naar huis gaat, krijgt u een brief met informatie over de operatie, adviezen voor thuis en een vervolgafspraak. Uw huisarts krijgt deze brief ook.

Na de operatie

Meestal duurt het herstel een tot twee weken. Waarschijnlijk heeft u de eerste dagen buikpijn, bent u sneller moe en kunt u minder aan. Luister naar uw lichaam. Het geeft aan wat u wel en niet aankunt. U kunt steeds een beetje meer doen. lees meer

Na de operatie

  • Douche de eerste vier dagen na de operatie. Ga niet in bad en ga de eerste tien dagen na de operatie niet zwemmen.
  • Ga zolang er nog bloed uit uw vagina komt niet in bad en gebruik geen tampons. Met zwemmen en seks wacht u tot ook het bloeden is gestopt.  
Ongeveer zes weken na de operatie belt u met een verpleegkundige. Heeft u vóór en na de operatie vragen? Dan kunt u altijd contact opnemen met de casemanagers viaerfelijkekanker.verlgyn@radboudumc.nl.

Het herstel

Meestal duurt het herstel een tot twee weken. De eerste dagen kunt u wel voor uzelf zorgen, maar nog niet voor anderen. Waarschijnlijk heeft u de eerste dagen buikpijn, bent u sneller moe en kunt u minder aan. Luister naar uw lichaam. Het geeft aan wat u wel en niet aankunt. U kunt steeds een beetje meer doen.

Herstel kijkoperatie

Krijgt u een kijkoperatie, dan herstelt u meestal sneller dan bij een ‘gewone’ buikoperatie. U kunt na de operatie duizelig zijn, slecht slapen, moe zijn, u moeilijk kunnen concentreren en opvliegers of pijn in uw rug hebben. Gaat uw herstel anders of duurt het langer dan vooraf is besproken, praat er dan over met uwhuisarts of gynaecoloog.

Het verzorgen van de wond

Om de wond dicht te maken, gebruikt de chirurg meestal hechtingen die vanzelf oplossen. Dit duurt vier tot zes weken. Als de draadjes na twee weken irriteren, kan de huisarts de hechtingen verwijderen. Er zitten pleisters over de wondjes. Daarmee mag u gerust douchen. Wanneer de pleisters eraf vallen, hoeft u geen nieuwe te gebruiken. Komt er nog vocht uit de wondjes? Dan is het beter om er wel een nieuwe pleister op te plakken.

Hulp

Regel voordat u naar het ziekenhuis komt voor uw operatie hulp voor na de operatie. Ook al heeft u geen grote buikwond, u kunt wel pijn hebben en u slap voelen. Het hangt af van de operatie en de situatie thuis of u thuis hulp nodig heeft. Meestal kunt u na één tot twee weken weer gaan werken. Hoe snel dit kan, hangt er vanaf hoe uw conditie is en of er problemen waren tijdens of na de operatie.  

Onderzoek van het weefsel

Een patholoog onderzoekt het eventuele spoelvocht, de eierstokken en eileiders en kijkt of er afwijkende cellen zijn. Ongeveer twee weken na de operatie bellen we u met de uitslag van dit onderzoek.

Belangrijkste gevolgen van de operatie

Door de operatie wordt u definitief onvruchtbaar. Dit betekent dat u zelf geen kinderen meer kunt krijgen. We kunnen geen operatie doen om het te herstellen. lees meer

Belangrijkste gevolgen van de operatie

Onvruchtbaarheid

Door de operatie wordt u definitief onvruchtbaar. Dit betekent dat u zelf geen kinderen meer kunt krijgen. We kunnen geen operatie doen om het te herstellen. U kunt de operatie uitstellen tot uw 40e jaar. De adviesleeftijd voor een preventieve operatie is 35 tot 40 jaar bij BRCA1 mutatiedraagsters en 40 tot 45 jaar bij BRCA2 mutatiedraagsters. Ook als u wel zelf kinderen hebt gehad, kunt u na de operatie gevoelens van rouw krijgen.

Vroeger in de overgang

In de overgang gaan de eierstokken minder hormonen maken totdat het bijna helemaal stopt. U krijgt eerst een onregelmatige menstruatie. Uiteindelijk wordt u niet meer ongesteld. Verwijderen we uw eierstokken? Dan stopt de productie van de vrouwelijke hormonen (o.a. oestrogenen) meteen. Als u nog niet in de overgang bent, wordt u na de operatie nog een keer ongesteld. Daarna niet meer. U kunt al binnen een week overgangsklachten krijgen. Meestal zijn de klachten erger zijn dan bij een natuurlijke overgang.

Klachten

Klachten die u kunt krijgen zijn opvliegers, (’s nachts) zweten, een droge vagina en een andere beleving van seks. Als u lang slecht slaapt, kunt u klachten krijgen:
  • Gejaagdheid
  • moe zijn
  • nergens zin in hebben
  • geen energie hebben
  • prikkelbaar zijn
  • u somber voelen
  • hartkloppingen
 U kunt last hebben van uw gewrichten en/of spieren en uw huid kan veranderen. Heel soms worden vrouwen depressief.

Dunner slijmvlies

Het slijmvlies van de vagina wordt dunner en droger en de structuur van de huid verandert. U kunt klachten krijgen:
  • een branderig gevoel
  • het gevoel dat uw baarmoeder zakt (dit komt bijna nooit voor)
  • een ander plaspatroon (vaker plassen, vaker aandrang, uw plas niet kunnen ophouden)
  •  pijn bij het vrijen

Opvliegers en zweten

U kunt klachten van opvliegers en zweten verminderen. Ontspanningsoefeningen en bewegen kunnen het aantal opvliegers verminderen en ze kunnen minder zwaar worden. Ook is het belangrijk dat u zo min mogelijk stress hebt. Door drankjes met cafeïne (cola en koffie), chocolade, heet en gekruid eten, alcohol en roken kunnen opvliegers ontstaan of erger worden.

Medicijnen zonder hormonen

Er zijn medicijnen zonder hormonen die kunnen helpen tegen overgangsklachten. Ook borstkankerpatiënten kunnen deze medicijnen veilig gebruiken. Van ieder medicijn kunt u klachten krijgen. Het effect van de medicijnen wisselt. Overleg met uw arts of verpleegkundige welke medicijnen u kunt gebruiken. Er zijn voedingssupplementen waarin fytooestrogenen of isoflavonen (plantaardige voedingsstoffen die werken zoals hormonen dat doen) zit. Ze kunnen helpen tegen opvliegers. We weten nog niet of ze echt werken en of ze veilig zijn.

Ook de effecten op lange termijn bij vrouwen met borstkanker zijn onbekend. In soja of sojaproducten zit ook fytooestrogenen. Vrouwen met borstkanker kunnen het beter niet te veel gebruiken.

Problemen met slapen

Slecht slapen komt meestal door zweetaanvallen. Hierdoor wordt u plotseling wakker en moet u soms droge kleren aantrekken en nieuw beddengoed gebruiken. Voor het slapen gaan wat lezen of wandelen, kan helpen. Drink niets met cafeïne (koffie, cola) en kijk geen tv net voordat u gaat slapen.

Psychische klachten

U kunt emotioneler op dingen reageren dan voor de operatie. Doordat u geen vrouwelijk hormoon meer aanmaakt, kunt u zich psychisch labiel voelen. Genoeg slapen en gezond en regelmatig leven kunnen helpen. Als u wilt, kunt u praten met een verpleegkundige, maatschappelijk werker of psycholoog.

Seksualiteit

De seksuele- en voortplantingsorganen van vrouwen hebben een biologische functie. Voor veel vrouwen hebben ze ook een sterk emotionele betekenis. Ze bepalen mede het beeld dat vrouwen van zichzelf hebben.
Hoe de seksualiteit zal zijn na uw operatie, hangt ook af van de manier waarop u dit beleefde voor uw operatie.
 
Het stoppen van de aanmaak van hormonen kan een slechte invloed hebben op:
  • uw verlangen
  • de opwinding
  • het vochtig worden als u seksueel opgewonden bent
  • uw orgasme
  • hoe tevreden u bent
  • het hebben van pijn / ongemak
Glijmiddel kan helpen als u pijn heeft bij het vrijen doordat uw vagina droog is. Glijmiddel kunt u bij de drogist, apotheek of online kopen. Soms is dit niet genoeg. Dan kan een tijdelijke behandeling met een oestrogeencrème nodig zijn. Heeft u borstkanker gehad? Dan mag u dit middel alleen na overleg met uw arts gebruiken.

Botontkalking

Na langere tijd kunt u botontkalking (osteoporose) krijgen. De structuur van uw botten verandert doordat de eierstokken geen oestrogenen meer maken. Dit is normaal als u ouder wordt. Als we uw eierstokken verwijderden voordat u zelf al in de overgang was, kunt u eerder botontkalking krijgen. Botontkalking geeft in het begin geen klachten. Als u ouder bent, kunt u sneller botten breken, pijn in uw rug krijgen en wat kleiner worden doordat uw ruggenwervels inzakken.

Bij botontkalking spelen calcium, vitamine D en belast bewegen een rol.
 
Calcium
Om erge botontkalking te voorkomen, kunt u het beste minimaal vier zuivelproducten per dag gebruiken. Krijg u via uw eten niet genoeg  calcium binnen (minder dan één gram calcium per dag, dit is ongeveer 4 à 5 glazen melk)? Neem dan extra calcium (meestal 500 mg per dag).
 
Vitamine D
Zorg ook dat uw huid zonlicht ziet. Dit is belangrijk voor de aanmaak van vitamine D. Dat zorgt ervoor dat het calcium uit het eten beter wordt opgenomen. De gezondheidsraad adviseert vrouwen in de overgang om het hele jaar elke dag 400IE vitamine D extra in te nemen. Vitamine D zit in eten, zoals vette vis, lever, vlees, eieren en melkproducten. Deze vitamine wordt toegevoegd aan margarine, halvarine en bak- en braadproducten. De drogist en de apotheek verkopen vitamine D3.

Hart- en vaatziekten

Hart- en vaatziekten ontstaan bij vrouwen vaak later dan bij mannen. Tot de overgang lijken vrouwen een bescherming te hebben tegen hart- en vaatziekten door het vrouwelijk hormoon oestrogeen. Na de overgang wordt het risico groter. Vrouwen krijgen dan ook vaker last van:
  • hogere bloeddruk
  • hogere hoeveelheid cholesterol
  • overgewicht
  • suikerziekte (diabetes)
Voor vrouwen die vervroegd in de overgang komen, is een gezonde leefstijl, zoals niet roken, gezond en afwisselend eten, geen overgewicht en genoeg bewegen heel belangrijk.

Wat kunt u doen tegen overgangs­klachten?

Als u jonger bent dan 45 jaar en géén borstkanker hebt gehad, adviseert de arts u een hormoonvervangend middel te gebruiken. Dit voorkomt of vermindert opvliegers en andere klachten. lees meer

Wat kunt u doen tegen overgangs­klachten?

Hormoonvervangende medicijnen

Als u jonger bent dan 45 jaar en géén borstkanker hebt gehad, adviseert de arts u een hormoonvervangend middel te gebruiken. Dit voorkomt of vermindert opvliegers en andere klachten. U kunt meteen na de operatie met deze medicijnen starten.
 
Bent u 45 jaar of ouder, dan kunt u na de operatie het beste afwachten of u klachten krijgt. Met deskundig advies, leefregels en hormoontabletten lukt het meestal om de klachten te verminderen, zodat u er goed mee kunt leven.

Leefstijl

U kunt dingen doen die goed zijn voor uw gezondheid.

Gezond eten

  • eet afwisselend
  • eet niet te veel
  • eet minder verzadigd (dierlijk) vet
  • eet veel fruit (minimaal twee stuks per dag), groente (minimaal 200 gram per dag)
  • eet veel vezels/granen
Drinken
Meer dan twee glazen alcohol per dag drinken kan uw botdichtheid verlagen. Ook het drinken van meer dan zeven koppen koffie per dag verlaagt de botdichtheid.
 
Niet roken
Als u rookt, is de kans groter dat u korter leeft en veel meer ziektes krijgt als u ouder wordt. Niet roken of stoppen met roken, helpt bij het genezen van de wond na de operatie. Als u rookt, kunt u hulp krijgen bij het stoppen via: www.nederlandstopt.nu.
 
Bewegen
Genoeg bewegen is belangrijk bij een gezonde leefstijl, omdat het:
  • botontkalking tegengaat
  • zorgt voor sterke spieren waardoor u minder snel valt
  • bijdraagt aan een gezonder gewicht
  • zorgt voor een betere spijsvertering
  • goed is voor het hart en de bloedvaten
  • zorgt voor betere hoeveelheden cholesterol
  • bijdraagt aan minder stress 
De Gezondheidsraad adviseert om minimaal 5 dagen per week 30 minuten matig intensief te bewegen. Elke dag bewegen, is nog beter.
  • Medewerkers
  • Intranet