Voor de operatie

Een dag voor de opname wordt uw kind opgenomen op de verpleegafdeling. U en uw kind spreken dan met de verpleegkundige. De pedagogisch medewerker begeleidt u en uw kind en bereidt uw kind vervolgens voor op de operatie. Ook ontmoeten jullie de anesthesioloog. Voor de operatie komt de operateur en/of de assistent nog langs, zodat u eventuele vragen kunt stellen. Op de opnamedag nemen we als het nodig is ook bloed af bij uw kind.
Patientenzorg Behandelingen Schildklieroperatie bij kinderen

Over de schildklier­operatie

Een operatie aan de schildklier kan om verschillende redenen nodig zijn. Er zijn drie soorten operaties aan de schildklier.

lees meer

Over de schildklier­operatie

Een operatie aan de schildklier kan om verschillende redenen nodig zijn:
  • De schildklier werkt te hard. Als medicijnen hiertegen niet werken, dan kan een operatie noodzakelijk zijn.
  • Er zit een knobbel in de schildklier. Deze knobbel kan de oorzaak zijn van het te hard werken, maar de knobbel kan ook een kwaadaardige tumor zijn.
Of de schildklier geheel of gedeeltelijk wordt verwijderd, hangt af van de reden voor de operatie.

Er bestaan 3 soorten operaties aan de schildklier:

Totale strumectomie
De schildklier wordt in zijn geheel verwijderd. Dit wordt bijvoorbeeld gedaan bij sommige vormen van schildklierkanker.

Subtotale strumectomie
Beide helften van de schildklier worden grotendeels verwijderd. Dit wordt bijvoorbeeld gedaan bij een te hard werkende of een te grote schildklier.

Hemistrumectomie of lobectomie
Eén helft van de schildklier wordt verwijderd. Bijvoorbeeld omdat er een knobbel in die helft van de schildklier zit, waarbij het onduidelijk is of de knobbel goedaardig of kwaadaardig is.
 


Amalia kinder­ziekenhuis

Het Amalia kinderziekenhuis is onderdeel van het Radboudumc. Jaarlijks behandelen wij ongeveer 22.000 kinderen tussen 0 en 18 jaar.

lees meer

Voor de operatie

Een dag voor de opname wordt uw kind opgenomen. U en uw kind ontmoeten dan de verpleegkundige, de pedagogisch medewerker en de anesthesioloog.

lees meer

De operatie

De operatie gebeurt onder narcose. Er wordt een horizontale snee laag in de hals gemaakt, waarna de schildklier geheel of gedeeltelijk wordt verwijderd. Na de operatie gaat uw kind naar de uitslaapkamer. Als uw kind goed wakker is, gaat hij of zij terug naar de afdeling.

lees meer

De operatie

De operatie gebeurt onder narcose. Er wordt een horizontale snee laag in de hals van uw kind gemaakt. Daarna wordt de schildklier geheel of gedeeltelijk verwijderd. Afhankelijk van het soort operatie komen er mogelijk één of twee dunne buisjes (drains) in de hals. Ze zorgen voor afvoer van het wondvocht en worden meestal na 24 uur weggehaald. De hechting waarmee een drain vaak wordt vastgezet, wordt dan verwijderd.

Na de operatie

Na de operatie gaat uw kind naar de uitslaapkamer (verkoeverkamer). Als uw kind goed wakker is, gaat hij of zij terug naar de afdeling.

Uw kind mag snel na de operatie weer drinken. De eerste dagen kan het wel pijn doen om te eten of te drinken. Dit lijkt op de pijn bij een keelontsteking. Zonodig krijgt uw kind hiervoor pijnmedicatie. De pijn verdwijnt binnen een paar dagen. Het infuus waardoor uw kind voldoende vocht krijgt, wordt meestal de volgende dag weggehaald.

De gemakkelijkste houding na de operatie is een halfzittende houding met een klein kussentje in de nek. Uw kind kan rustig zijn of haar hoofd draaien, goed doorademen en slikken. Een handige tip: als uw kind overeind komt, laat hem of haar dan de wijsvinger klem in de mond zetten. Op die manier ‘vergeet’ uw kind zijn of haar hoofd niet en komt uw kind zonder pijn overeind. De wond is onderhuids gehecht en met gaas of een pleister afgedekt. De hechtingen lossen vanzelf op. Het litteken is de eerste dagen na de operatie enigszins gezwollen, maar dit verdwijnt na enkele dagen.

Over de schildklier

De schildklier is een orgaan dat in de hals onder de adamsappel ligt. De schildklier produceert hormonen die belangrijk zijn voor de regulatie van de stofwisseling.

lees meer

Over de schildklier

De schildklier is een orgaan dat in de hals onder de adamsappel ligt. De schildklier produceert hormonen die belangrijk zijn voor de regulatie van de stofwisseling. Tegen de schildklier aan liggen de stembandzenuwen en de vier bijschildkliertjes. Beide stembandzenuwen zorgen ervoor dat de stembanden kunnen bewegen. De bijschildklieren zijn van belang voor de calciumhuishouding van het lichaam.

Behandeling Anesthesie bij kinderen

Als uw kind een behandeling of onderzoek onder anesthesie (verdoving) krijgt is het belangrijk om hem/haar goed voor te bereiden.

lees meer

Ontslag en weer thuis

Als alles zonder problemen verloopt, mag uw kind na 2 à 3 dagen naar huis. U krijgt voor uw kind adviezen mee voor thuis.

lees meer

Ontslag en weer thuis

Als alles zonder problemen verloopt, mag uw kind na 2 à 3 dagen naar huis. Soms is langere opname nodig als uw kind veel pijn en/of veel last bij het slikken heeft. Ook moet de ademhaling vrij zijn. Bij ontslag wordt een controleafspraak gemaakt. Deze afspraak vindt plaats op de polikliniek Kinderchirurgie. In het geval van een kankergezwel zal de controle (ook) via de polikliniek Kinderoncologie verlopen.

Weer thuis

De eerste 5 dagen mag uw kind slechts kort douchen. Daarna mag hij of zij ook in bad. Over het algemeen geven kinderen prima aan wat ze wel en niet kunnen. Zodra u en uw kind denken dat het mogelijk is, mag uw kind weer naar school. Als uw kind in de thuissituatie pijn heeft, dan kunt u pijnmedicatie geven. De behandelend arts vertelt u hier meer over.

Vragen

Neem contact op met uw arts of verpleegkundige. Als u specifiek vóór de operatie problemen ervaart of vragen heeft, neem contact op met de afdeling die uw kind behandelt.

lees meer

Vragen

Wanneer zich, na de operatie, thuis problemen voordoen, bel dan uw huisarts of het secretariaat van de verpleegafdeling. Bij geen gehoor, ’s avonds, ’s nachts en in het weekend, neem contact op met de verpleegafdeling waar uw kind was opgenomen.
 

Mogelijke complicaties

Over het algemeen geeft de operatie weinig complicaties en herstelt uw kind vlot. Toch moet u rekening houden met mogelijke complicaties.

lees meer

Mogelijke complicaties

Over het algemeen geeft een schildklieroperatie weinig complicaties en herstelt uw kind vlot.Toch moet u rekening houden met mogelijke complicaties.

De volgende complicaties kunnen optreden:
  • In het wondgebied kan een bloeding/bloeduitstorting of infectie ontstaan. Vaak is dit een tijdelijk probleem, waar slechts zelden opnieuw een operatie nodig is.
  • Stemveranderingen. Dit komt doordat de stembandzenuw, korte halsspieren of andere zenuwen zijn beschadigd. Letsel van de stembandzenuw is zeldzaam en meestal gaat dit voorbij.
  • Problemen bij het slikken en ademhalen, zoals benauwdheid en/of een piepende en moeilijke ademhaling. Dit kan voorkomen als het operatiegebied de eerste dagen opgezet en verdikt is. In dit geval is het nodig dat uw kind langer in het ziekenhuis opgenomen blijft. Meestal verdwijnt de verdikking binnen enkele dagen.
  • Een tekort aan bijschildklierhormoon, doordat  bij de operatie de bijschildkliertjes zijn beschadigd of verwijderd. Hierdoor kunnen tintelingen in de vingertoppen ontstaan en in het ergste geval ernstige spierkrampen. Met calciumtabletten en eventueel vitamine-D-preparaten is dit goed te behandelen. Mogelijk moet uw kind één of enkele dagen langer opgenomen blijven om via bloedafnames de  spiegel van het bijschildklierhormoon te controleren.
  • Als er ten gevolge van de operatie weinig schildklierweefsel overblijft, kan het zijn dat de schildklier te weinig hormoon kan produceren. Hierdoor kan er sneller vermoeidheid, traagheid en gevoeligheid voor kou optreden. Uw kind kan daarnaast last krijgen van obstipatie (verstopping), een droge huid, haaruitval, opzwellen van de oogleden en een dikke tong. Deze symptomen zijn gemakkelijk te bestrijden door tabletjes schildklierhormoon toe te dienen.
  • Als er te weinig schildklierweefsel is weggehaald bij een kind dat voor de operatie een te hard werkende schildklier had, dan blijft die situatie bestaan. Dit kan meestal goed met medicijnen worden gecorrigeerd. Soms moet uw kind echter opnieuw geopereerd worden.
Na de operatie wordt op de polikliniek gecontroleerd of bij uw kind de schildklierfunctie goed blijft. Uiteraard is dit afhankelijk van de reden van de operatie. In het geval van een kankergezwel kan het anders liggen. De nabehandeling wordt dan nader bepaald.