Sluiten

Uitslaggesprek

De uitslag van sampling van de bijnierader en CT-scan wordt besproken met een groep artsen/verpleegkundig specialisten in het Bijniercentrum overleg. Het resultaat van dit overleg is een advies voor uw behandeling. 

Als uit het Bijniercentrum overleg blijkt dat één bijnier te veel aldosteron aanmaakt, dan kunt u geopereerd worden en als blijkt dat twee bijnieren te veel aldosteron aanmaken dan moeten we u medicijnen gegeven om de werking van aldosteron af te remmen.

U bent als patiënt niet bij dit overleg aanwezig. Het is een medisch overleg waarin meerdere patiënten worden besproken. De uitkomsten van dit overleg hoort u tijdens het gesprek over de uitslag. Daarna beslist u samen met uw arts wat de volgende stappen zijn.

De uitslagen van de onderzoeken bespreekt u met uw arts/verpleegkundig specialist. Dit kan tijdens een bezoek aan de polikliniek, telefonisch of via een videoconsult. Uw partner, een familielid of een begeleider mag hierbij aanwezig zijn. U kunt er ook voor kiezen om het gesprek op te nemen, zodat u het later nog eens kunt beluisteren.

Patiëntenzorg Aandoeningen Hyperaldosteronisme Zorgpad Hyperaldosteronisme

Algemene informatie

Algemeen


Wat is hyperaldosteronisme?

Als u hyperaldosteronisme heeft, maken uw bijnieren te veel van het bijnierhormoon aldosteron aan. U heeft dan meestal last van een hoge bloeddruk en een laag kaliumgehalte in uw bloed.

lees meer

Sluiten

Wat is hyperaldosteronisme?

Als u hyperaldosteronisme heeft, maken uw bijnieren te veel van het bijnierhormoon aldosteron aan. U heeft dan meestal last van een hoge bloeddruk en een laag kaliumgehalte in uw bloed.

Oorzaak

Hyperaldosteronisme is vaak een goedaardig bultje (gezwel) in één of in beide bijnieren. Als het bultje in één bijnier zit, dan heet dit syndroom (ziektebeeld) van Conn. Het syndroom van Conn komt voor bij 40% van de patiënten.

Ook kunnen er meerdere goedaardige bultjes in uw beide bijnieren zitten die te veel aldosteron maken. Dit noemen we hyperplasie. Hyperplasie komt voor bij 60% van de patiënten.

We weten niet precies waarom hyperaldosteronisme ontstaat. U kunt hier zelf niets aan doen. Het is meestal niet erfelijk. Meestal wordt het bij mensen gevonden die ouder zijn dan 40 jaar en het maakt niet uit of u man of vrouw bent.

Klachten

U heeft bij hyperaldosteronisme meestal een hoge bloeddruk. Ook kunt u een laag kaliumgehalte in uw bloed hebben. Hierdoor kunt u zich moe voelen. U kunt merken dat nadenken moeilijker gaat of dat u zich minder lang kunt concentreren. Ook kunt u last hebben van hoofdpijn.

Verder moet u vaak plassen, ook ’s nachts. Sommige mensen krijgen hartkloppingen of een onregelmatige hartslag. U kunt stemmingswisselingen hebben en last krijgen van spierkrampen of zwakke spieren.

Als uw bloeddruk lange tijd te hoog blijft, kan dit schade geven aan uw nieren, uw hart en uw bloedvaten.

Diagnosefase

Diagnostische onderzoeken


Diagnose onderzoeken

Om te onderzoeken of u de aandoening hyperaldosteronisme heeft, doen we een aantal onderzoeken. Uw behandelend arts of verpleegkundig specialist bespreekt met u welke onderzoeken in uw situatie nodig zijn.


Sluiten

Diagnose onderzoeken


Bloedafname en mogelijk urine onderzoek

Met bloed- of urineonderzoek kunnen we onderzoeken of u mogelijk hyperaldosteronisme heeft. 

lees meer

Sluiten

Bloedafname en mogelijk urine onderzoek

Gebruikt u medicijnen tegen een hoge bloeddruk? Dan moet u meestal een paar weken vóór het bloedonderzoek stoppen met deze medicijnen. Doet u dit niet, dan kunnen we de uitslag niet goed beoordelen.

Uw arts of verpleegkundig specialist bespreekt dit met u. Zo nodig krijgt u andere medicijnen. Terwijl u deze andere medicijnen gebruikt, controleren we uw bloeddruk en het kaliumgehalte in uw bloed regelmatig.

Om te onderzoeken of uw bijnieren te veel aldosteron maken, meten we dit hormoon in uw bloed. Ook meten we het stofje renine in uw bloed. Heeft u hyperaldosteronisme, dan zit er weinig renine en juist veel aldosteron in uw bloed.

Het kan ook zijn dat u 24 uur lang uw urine moet opvangen in een grote pot. U krijgt duidelijke uitleg over hoe u dit moet doen.

Laat het bloed- of urineonderzoek zien dat u mogelijk hyperaldosteronisme heeft? Dan kunt u nog een extra onderzoek krijgen, de zoutbelastingtest.


Onderzoek Zoutbelastingtest

Als bloed- en/of urineonderzoek laat zien dat u hyperaldosteronisme heeft, doen we meestal een zoutbelastingtest. We onderzoeken hoeveel aldosteron er in uw bloed zit voor en na het toedienen van een zoutoplossing.

naar pagina

CT-scan van de bijnieren

Met een CT-scan maken we afbeeldingen/ kleine foto’s van uw lichaam. Dit doen we met behulp van röntgenstralen, zo kunnen we goed de binnenkant van uw lichaam zien.

lees meer

Sluiten

CT-scan van de bijnieren

Met een CT-scan maken we afbeeldingen/ kleine foto’s van uw lichaam. Dit doen we met behulp van röntgenstralen, zo kunnen we goed de binnenkant van uw lichaam zien.

Bij sommige onderzoeken dienen we een contrastmiddel toe via een infuus of door u water of contrastmiddel te laten drinken.

Als een infuus heeft gekregen, dan verwijderen wij deze of laten we deze zitten als u de volgende dag de sampling van bijnieraders krijgt. We regelen vervoer voor u als u bent opgenomen op de verpleegafdeling. Bent u niet opgenomen, dan mag u weer naar huis.
Als bij u contrastmiddel via een infuus is gegeven, is het belangrijk dat u tot 24 uur na het onderzoek goed drinkt (1.5-2 liter), zodat uw nieren dit middel weer uitscheiden.
 


Sampling van bijnieraders

Als de zoutbelastingtest en CT-scan van de bijnieren laten zien dat u hyperaldosteronisme heeft, dan doen we als laatste onderzoek een sampling van de bijnieraders. 

naar pagina

Uitslagfase

Uitslag


Uitslaggesprek

De uitslag van sampling van bijnierader en CT-scan wordt besproken met een groep artsen/verpleegkundig specialisten in het Bijniercentrum overleg. Het resultaat van dit overleg is een advies voor uw behandeling. 

lees meer

Samen beslissen

Als u bij een arts bent voor een behandeling of onderzoek, komt u vaak voor een beslissing te staan. Een operatie, medicijnen, of toch liever nog even wachten? Doorbehandelen of stoppen? Meerdere opties zijn mogelijk, maar welke past het beste bij u?

naar pagina

Behandelfase

Behandelingen


Operatie of medicijnen

Wordt u mogelijk geopereerd aan de bijnier? Lees wat er gebeurt bij een operatie, wanneer medicijnen nodig zijn en hoe de controles van uw bloeddruk en kalium verlopen.

lees meer

Sluiten

Operatie of medicijnen

Operatie mogelijk

Als u geopereerd kunt worden, maakt één bijnier te veel aldosteron aan. Wij sturen u dan door naar:

  • de uroloog van het Radboudumc, of
  • een chirurg bij u in de buurt.

De uroloog of chirurg bespreekt met u het verdere plan voor de bijnieroperatie. U krijgt ook een gesprek met de anesthesioloog. De operatie gebeurt namelijk onder narcose.

Uw bloeddruk en het kaliumgehalte in uw bloed blijven onder controle bij de arts of verpleegkundig specialist met wie u eerder heeft gesproken.

Wordt u doorgestuurd naar een chirurg bij u in de buurt? Dan zorgen wij ervoor dat een arts of verpleegkundig specialist de controles van uw bloeddruk en kaliumgehalte blijft regelen.

Operatie niet mogelijk

Als u niet geopereerd kunt worden, maken beide bijnieren te veel aldosteron aan. In dat geval starten wij, of de arts die u heeft doorgestuurd naar het Radboudumc, met medicijnen. Deze medicijnen remmen de werking van het hormoon aldosteron.


Behandeling Laparoscopische bijnierverwijdering

Laparoscopie betekent letterlijk: in de buik kijken. Dit gebeurt met een laparoscoop: een lange dunne buis met aan het einde een camera. We maken een klein sneetje van ongeveer een halve centimeter tot één centimeter in uw buik. Via dat sneetje gaat de laparoscoop uw buik in.

naar pagina

Nazorgfase

Nazorg en controles


Nazorg

Meestal mag u de dag na de operatie naar huis.

lees meer

Sluiten

Nazorg

Meestal mag u de dag na de operatie naar huis.

Wat u wel en niet mag doen en wat u moet doen met problemen na de operatie zal de afdeling Urologie nog met u bespreken of de afdeling waar u geopereerd bent als u niet in het Radboudumc geopereerd bent.
Bent u geopereerd in het Radboudumc, dan krijgt u 2 weken na de operatie een controleafspraak op de polikliniek Interne geneeskunde. De verpleegkundig specialist controleert uw herstel en eventuele chirurgische problemen. U hoeft niet meer apart terug te komen bij de chirurg. 
 


Controles

Na de operatie van de bijnier blijft u nog zeker 6 maanden onder controle, dit kan zijn in het Radboudumc of de arts/verpleegkundig specialist die u naar het Radboudumc heeft doorgestuurd.

lees meer

Sluiten

Controles

Na de operatie van de bijnier blijft u nog zeker 6 maanden onder controle, dit kan zijn in het Radboudumc of de arts/verpleegkundig specialist die u naar het Radboudumc heeft doorgestuurd.

Als u niet geopereerd kunt worden, dan blijft u onder controle in het Radboudumc of bij de arts/verpleegkundig specialist die u doorgestuurd heeft naar het Radboudumc.

Als alles goed met u blijft gaan dan kan ook uw huisarts de bloeddruk en kaliumgehalte in uw bloed controleren.