Over de behandeling

Doel van de operatie is het opheffen van de druk op de zenuwwortel. Daardoor verdwijnt of neemt de beenpijn af.

Contact

Afdeling Neurochirurgie

(024) 361 66 04

Rughernia

De wervelkolom bestaat uit meerdere wervels. Tussen de wervels zit een tussenwervelschijf. Deze bestaat uit een stevig omhulsel met daarin een elastische kern die van vorm kan veranderen en die voor grote veerkracht zorgt.

lees meer

Behandeling Anesthesie

Als u naar het Radboudumc komt voor een operatie dan krijgt u te maken met anesthesie (verdoving of narcose). Ook voor andere ingrepen, zoals een behandeling of onderzoek, is anesthesie soms nodig. Anesthesie zorgt ervoor dat u tijdens de behandeling geen pijn heeft.

lees meer

Na de operatie

Als het mogelijk is mag u direct na de operatie starten met mobiliseren. Een lang verblijf in het ziekenhuis is niet noodzakelijk. U mag, afhankelijk van uw herstel, de dag na de operatie met ontslag.

lees meer

Na de operatie

Na de operatie

Als het mogelijk is mag u direct na de operatie starten met mobiliseren. Een lang verblijf in het ziekenhuis is niet noodzakelijk. U mag, afhankelijk van uw herstel, de dag na de operatie met ontslag. Het is belangrijk dat u in het begin niet te lang zit. U moet lopen afwisselen met zitten en plat liggen. Plat liggen in bed houdt in dat u de hoofdsteun van het bed niet hoger dan 30° mag doen. Afhankelijk van de klachten kunt u uw activiteiten uitbreiden. Overleg met de verpleegkundige of u de eerste dag na de operatie mag douchen.

Pijn

In het begin zult u regelmatig spierpijn en wondpijn hebben. Dit hoort bij het normale herstel na een rugoperatie. Ook tintelingen en/of prikkelingen in het been kunnen nog voorkomen. U kunt altijd om pijnstillende middelen vragen. De belastbaarheid van uw lichaam is meestal minder dan normaal door de operatiewond en doordat u voor de operatie enige tijd minder lichamelijk actief bent geweest. Het is belangrijk om direct na de operatie de belastbaarheid van uw lichaam weer op te bouwen. Wanneer u een keer te veel doet, kunt u klachten krijgen. Daar hoeft u niet van te schrikken. Verminder de belasting iets en ga wat vaker liggen. Zorg dat u overdag wel in beweging blijft en niet langer dan een uur blijft liggen.

Mobiliseren

U kunt het beste stevige instappers, veterschoenen of sportschoenen met verende zolen dragen. Ook is het raadzaam gemakkelijk zittende kleding te dragen, zodat u vrij kunt bewegen. De verpleegkundige en fysiotherapeut geven u instructies hoe u moet draaien in bed en hoe u moet gaan zitten.

Naar huis

Afhankelijk van hoe snel het herstel verloopt, mag u naar huis. Uw behandelend arts bespreekt met u het afbouwen van de pijnstilling en instructies voor het hervatten van activiteiten zoals sporten en autorijden.
Zodra u naar huis gaat mag de eventueel aangebrachte pleister op de wond worden verwijderd. Voor het comfort mag de pleister ook nog enkele dagen blijven zitten. Als u hechtingen heeft die niet oplosbaar zijn, kunt u deze na acht dagen bij uw huisarts laten verwijderen. U ontvangt hierover informatie van de verpleegkundige.
Eenmaal thuis wordt u twee keer gebeld (na één en na vier weken) door een verpleegkundige van de verpleegafdeling. Hierbij informeert hij/zij hoe het met u gaat. En bespreekt met u of controle op de polikliniek nodig is. Zodra u aanvoelt dat u het werk weer kunt oppakken, is het raadzaam dit, in overleg met de bedrijfsarts, geleidelijk te hervatten. Als u naar huis gaat, wordt er in principe geen fysiotherapie voorgeschreven. Mocht tijdens de afspraak op de polikliniek blijken dat u fysiotherapie nodig heeft, dan zal de neurochirurg dit voorschrijven.

Richtlijnen voor na ontslag

  • Algemeen: Luister goed naar uw lichaam (met name uw rug) bij het opbouwen van activiteiten. Als u merkt dat een bepaalde activiteit veel klachten geeft, probeer deze dan de volgende keer minder lang uit te voeren of op een andere manier. In het algemeen geldt dat u activiteiten beter eerst in frequentie en dan in tijd kunt opbouwen.
  • Liggen: Af en toe rusten is ontspannend voor uw rug en spieren. In het begin is liggen een goede houding om mee af te wisselen. Zorg dan wel voor een stevige ondergrond. Wissel rust en activiteiten steeds af, waarbij u geleidelijk aan steeds actiever wordt.
  • Zitten: Zitten is belastend voor uw rug, omdat dit een relatief statische houding is. Het is verstandig de tijd dat u zit rustig en op basis van de pijnklachten op te bouwen. Natuurlijk is het ook belangrijk om rekening te houden met hoe u zit. Onderuit gezakt zitten met een bolle rug is belastend voor uw rug. Maar overstrekken van de rug is ook niet goed. Een goede stoel heeft een hoge rugleuning, helt licht achterover en geeft steun in de lendenen. De voeten moeten daarbij goed op de grond kunnen staan. Wanneer u twijfelt of uw zithouding goed is, kunt u de fysiotherapeut vragen om dit te controleren. De ervaring leert dat de meeste patiënten wel weten wat een goede houding is, maar dat ze dit snel vergeten toe te passen.
  • Lopen: Lopen is een goede dynamische en veilige manier om vooral in het begin (na de operatie) uw conditie weer te verbeteren. U mag lopen afhankelijk van uw klachten. Zorg dat u goede stevige schoenen draagt en dat u in een redelijk tempo doorloopt. Vermijd slenteren.
  • Tillen: Het belangrijkste bij tillen is dat u dit doet met een goede houding vanuit de rug. Ga dichtbij en recht voor het voorwerp staan, til vanuit de heupen en de knieën, voorkom rotaties van de romp en houd de rug recht. Beperk in het begin van de herstelfase vaak en zwaar tillen.
  • Fietsen: Zodra u klachtenvrij bent, mag u het fietsen weer gaan uitproberen. Fietsen is een dynamische beweging voor de benen, maar statisch voor de rug. Zorg dus dat u niet langer gaat  fietsen dan dat u op een gewone stoel kunt zitten. Begin rustig op een redelijk vlak terrein en begeef u niet direct in het drukke verkeer in verband met plotseling remmen en afstappen. Let bij  fietsen op de reactie van uw rug.
  • Autorijden: Voor autorijden geldt, net als voor andere activiteiten, dat dit afhankelijk van uw klachten hervat mag worden. Uw zithouding in de auto is belangrijk. Gebruik zo nodig een lendesteun. Begin met kleine stukjes in een rustige omgeving en stap bij langere afstanden regelmatig even uit om de rug te strekken en een stukje te wandelen.
  • Hardlopen: Wanneer de dagelijkse dingen en wandelen probleemloos gaan, kunt u, als u dat gewend was, weer rustig beginnen met joggen. Start op een vlakke, zachte ondergrond en draag goede, schokabsorberende sportschoenen. Voer de afstand en het tempo geleidelijk op, waarbij u goed let op de reacties van uw lichaam.
  • Zwemmen: Als u gewend was om te zwemmen, kunt u dit gemiddeld na twee tot vier weken rustig weer proberen. De wond moet genezen zijn. Begin met ontspannen bewegen en lopen in het water en bouw dit uit naar gewoon zwemmen. Probeer verschillende zwemslagen uit en voer de afstand geleidelijk op. Let goed op de reacties van uw rug; pas de inspanning daarop aan.
  • Huishoudelijke activiteiten: Wanneer u zich weer goed kunt redden met alle dagelijkse dingen, mag u starten met de lichte huishoudelijke activiteiten, zoals stoffen, afwassen en strijken. Breid dit geleidelijk uit, waarbij u steeds goed let op uw houding en op de reactie van uw rug. Met name werkzaamheden waarbij u vaak moet bukken en draaien (bijvoorbeeld stofzuigen, schrobben, dweilen) zijn belastend voor uw rug. Het is verstandig om dit soort activiteiten in de eerste fase achterwege te laten.
  • Sporten: Uiteindelijk moeten alle sporten weer mogelijk zijn. Belangrijk is om dit geleidelijk op te bouwen afhankelijk van pijn en klachten. U kunt contactsporten de eerste tijd beter vermijden.
  • Bewegingen na een rugoperatie: Het is belangrijk dat u uw rug bescherming geeft bij de bewegingen in en uit bed na een rugoperatie. In principe heeft u met de fysiotherapeut al enkele bewegingen doorgenomen.

Nazorg

Als u een van de onderstaande symptomen heeft, is het belangrijk dat u contact opneemt met uw behandelend arts:
  • zwelling, roodheid, pijn van de wond
  • openspringen of pus uit de wond
  • hoge koorts
  • lekkage van helder vocht uit de wond
  • ernstige hoofdpijn
  • toenemende sufheid

De behandeling

Indien de pijn langer dan twaalf weken aanhoudt kan er over operatie gesproken worden. Doel van de operatie is het opheffen van de druk op de zenuwwortel. Daardoor verdwijnt of neemt de beenpijn af.

lees meer

De behandeling

Operatie

Indien de pijn langer dan twaalf weken aanhoudt kan er over operatie gesproken worden. Doel van de operatie is het opheffen van de druk op de zenuwwortel. Daardoor verdwijnt of neemt de beenpijn af. Over eventuele rugpijn zijn geen voorspellingen te doen.

Spoedoperatie

In geval van een snel toenemende uitval van spiergroepen of hevige pijn kan een spoedoperatie overwogen worden. Een absolute indicatie om binnen 24 uur te opereren is het caudasyndroom:

  • incontinentie voor urine en soms ontlasting,
  • doof gevoel in de billen en achterzijde van de benen (rijbroek gebied),
  • soms krachtsverlies in specifieke spiergroepen. 

Een spoedige operatie sluit echter geen blijvende klachten uit.

De operatie

In geval van een rughernia verwijdert de chirurg operatief de hernia en eventuele losse delen van de discus. In het geval van een lumbale kanaalstenose verruimt de chirurg het wervelkanaal. Het verruimen van het wervelkanaal wordt soms ook bij een rughernia gedaan om meer ruimte te maken voor de beknelde zenuw.

De wond wordt na de operatie gesloten met oplosbare of niet-oplosbare hech- tingen en een wondpleister. De chirurg kan een wonddrain achterlaten. De drain zorgt ervoor dat overtollig bloed en/of wondvocht wordt afgevoerd. De drain wordt, afhankelijk van de productie van wondvocht, meestal een dag na de operatie verwijderd.

Het resultaat van een operatie is vooraf niet met zekerheid aan te geven. Ook zijn aan elke operatie en narcose risico’s verbonden. Het te verwachten resultaat en de meest voorkomende complicaties bespreekt de behandelend arts met u op de dag van opname.


Afdeling Neurochirurgie

De afdeling Neurochirurgie houdt zich bezig met de chirurgische behandeling van aandoeningen aan de hersenen, hersenschedel, schedelbasis, hersenzenuwen, het ruggenmerg, de wervelkolom en het perifere zenuwstelsel.

lees meer

Behandeling Pneumatische kousen

Tijdens en na een operatie beweegt u minder en ligt u veel op bed. Dit verhoogt de kans op trombose. Om deze kans te verkleinen worden bij u pneumatische kousen aangemeten en gebruikt.

lees meer
  • Medewerkers
  • Intranet