Complicaties en risico's van de operatie

Risico’s van de operatie

Bij het plaatsen van schroeven in de wervels wordt vlakbij het ruggenmerg en de zenuwen geopereerd. Er bestaat een hele kleine kans, dat het ruggenmerg en/of de zenuwen schade oplopen. Die schade kan weer leiden tot verlammingsverschijnselen en/of pijnklachten in de armen of benen. Deze complicatie is echter uiterst zeldzaam. Ook bestaat er de kans dat na de operatie een infectie optreedt (< 1 %). Een infectie is in de regel goed te behandelen met antibiotica. Ook bestaat er een kleine kans op een nabloeding.

Over spondylodese

Spodylodese betekent het vastzetten van wervels aan elkaar.

lees meer

Over spondylodese

Spondylodese betekent het vastzetten van wervels aan elkaar. Deze voeren we onder andere uit bij een instabele wervelkolom als gevolg van een wervelbreuk, tumor of infectie.

Ook bij spondylolisthesis kan deze operatie uitgevoerd worden. Bij spondylolisthesis is er onvoldoende samenhang aan de achterkant van de wervel waardoor een wervel naar beneden zakt ten opzichte van de wervel ernaast. U kunt hierdoor pijn in uw rug of benen hebben. Ook kunt u last hebben van verlammingsverschijnselen, tintelingen en gevoelsvermindering.

Contact

Afdeling Neurochirurgie

(024) 361 66 04

Behandeling Anesthesie

Als u naar het Radboudumc komt voor een operatie dan krijgt u te maken met anesthesie (verdoving of narcose). Ook voor andere ingrepen, zoals een behandeling of onderzoek, is anesthesie soms nodig. Anesthesie zorgt ervoor dat u tijdens de behandeling geen pijn heeft.

lees meer

Voorbereiding

Voorafgaand aan de operatie zijn er een aantal dingen die u ter voorbereiding moet doen. Denk hierbij aan nuchter blijven of medicatiegebruik.

lees meer

Voorbereiding

Voordat u een operatie of ingreep bij ons krijgt, is het belangrijk om met de volgende zaken rekening te houden:
  • Koorts of griep
    Heeft u een aantal dagen voor de ingreep koorts of griep, neem dan contact op met de opnameplanning.
  • Scheren / crème
    U mag 5 dagen voor de ingreep de plek waar u wordt geopereerd niet scheren. Ook vragen wij u om geen vette crème te smeren op de dag van de operatie.
  • Sieraden, make-up, brillen en lenzen
    U mag tijdens de operatie geen make-up, sieraden, contactlenzen, bril of gebitsprothese dragen. Als dit erg vervelend is voor u, overleg dit dan met de anesthesioloog. Nagellak of kunstnagels zijn geen probleem.
  • Piercings
    Piercings op de plek waar u geopereerd wordt of die in de mond, lippen, tong of neus zitten, moeten vooraf verwijderd worden. Ook scherpe piercings, of piercings waar u op ligt moeten verwijderd worden. Andere piercings mogen blijven zitten. Overleg dit met uw anesthesioloog.
  • Nuchter zijn
    Het is belangrijk dat u nuchter bent tijdens de operatie. Eet vanaf middernacht niks meer. U mag wel (tot 2 uur voor de operatie) heldere vloeistoffen drinken (koffie & thee zonder melk, sap zonder pulp, water en aanmaaklimonade.
  • Medicijnen
    De anesthesioloog bespreekt met u welke medicijnen u mag blijven gebruiken en welke u tijdelijk moet stoppen. U mag eventuele medicijnen tot 1 uur voor de behandeling innemen met een paar slokken water.
  • Roken
    Om infecties te voorkomen, de genezing van de operatiewond te verbeteren en voor uw algehele gezondheid raden wij u zéér dringend aan ruim vóór de geplande ingreep te stoppen met roken. Voor hulp hierbij kunt u terecht bij uw huisarts. Rook in ieder geval niet op de dag van de ingreep.

Voorbereiding op de afdeling

  • Kleding
    In verband met de hygiëne krijgt u een speciaal blauw operatiehemd aan. Op het operatiecomplex krijgt u een operatiemuts.
  • Premedicatie
    Ter voorbereiding op de anesthesie krijgt u vóór de ingreep vaak al enkele tabletten. Meestal zijn dit pijnstillers waardoor u na de ingreep minder pijn hebt. Soms gaat het om een middel dat angst of spanning vermindert.

Veiligheid

Rondom uw behandeling zijn diverse veiligheidsmomenten ingebouwd. Regelmatig wordt bijvoorbeeld naar uw naam, geboortedatum gevraagd. Vlak voordat de ingreep start vindt de zogenaamde ’Time out’ plaats. Hiermee verzekeren we dat u de juiste patiënt bent en dat u de juiste behandeling krijgt.

De behandeling (operatie, onderzoek of ingreep)

De verpleegkundige brengt u in uw bed naar de operatie- of behandelafdeling. Daar ziet u de anesthesioloog en de anesthesiemedewerker. Één van beide is voortdurend bij u. Voordat u de verdoving krijgt toegediend, krijgt u:
  • elektrodes op de borst om uw hartslag te meten
  • een dopje op uw vinger om het zuurstofgehalte in uw bloed te controleren
  • een bloeddrukband om uw arm om uw bloeddruk te meten
  • een infuus in uw hand of arm waarmee we vocht en medicijnen kunnen toedienen

Verloop van de operatie

Er zijn verschillende operaties bij spondylodese. De arts bespreekt met u welke operatie voor u het beste is en hoe lang uw operatie duurt.

lees meer

Verloop van de operatie

Bij een spondylodese wordt via de rugzijde een snee (= incisie) gemaakt. De lengte van de incisie is per persoon verschillend. De wervels worden aan elkaar vastgemaakt met titanium fixatiemateriaal (schroeven en staven, zie figuur 1 en 2). De constructie zorgt voor onbeweeglijkheid zodat de wervels kunnen vastgroeien. Dit duurt ongeveer drie maanden tot een jaar, zodat daarna de fixatie eigenlijk niet meer nodig is. De schroeven worden echter zelden of nooit meer verwijderd. Indien nodig wordt er bot bij de wervels gelegd. Het bot wat bij deze operaties gebruikt wordt, is afkomstig van de botbank. Wanneer dit niet mogelijk is, kan eigen bot uit de bekkenkam worden gebruikt. De operatie duurt ongeveer drie uur. Vanwege de tijdsduur van de operatie krijgt u een blaaskatheter.

Figuur 1.

Figuur 2.
Indien nodig brengt de operateur een wonddrain in. Dit is een slangetje dat het overtollige bloed en het wondvocht afvoert. Hierna wordt de wond gehecht.


Complicaties en risico's van de operatie

Bij het plaatsen van schroeven in de wervels wordt vlakbij het ruggenmerg en de zenuwen geopereerd. Er bestaat een hele kleine kans, dat het ruggenmerg en/of de zenuwen schade oplopen.

lees meer

Na de operatie

Als het mogelijk is mag u direct na de operatie starten met mobiliseren. Een lang verblijf in het ziekenhuis is niet noodzakelijk. Afhankelijk van uw herstel mag u binnen enkele dagen na de operatie et ontslag.

lees meer

Na de operatie

 

Na de operatie

Als het mogelijk is mag u direct na de operatie starten met mobiliseren. Een lang verblijf in het ziekenhuis is niet noodzakelijk. U mag, afhankelijk van uw herstel, enkele dagen na de operatie met ontslag. Het is belangrijk dat u in het begin niet te lang zit. U moet lopen afwisselen met zitten en plat liggen. Plat liggen in bed houdt in dat u de hoofdsteun van het bed niet hoger dan 30° mag doen. Afhankelijk van de klachten kunt u uw activiteiten uitbreiden.

Pijn

In het begin zult u regelmatig spierpijn en wondpijn hebben. Dit hoort bij het normale herstel na een rugoperatie. Ook tintelingen en/of prikkelingen in het been kunnen nog voorkomen. U kunt altijd om pijnstillende middelen vragen. De belastbaarheid van uw lichaam is meestal minder dan normaal door de operatiewond en doordat u voor de operatie enige tijd minder lichamelijk actief bent geweest. Het is belangrijk om direct na de operatie de belastbaarheid van uw lichaam weer op te bouwen. Wanneer u een keer te veel doet, kunt u klachten krijgen. Daar hoeft u niet van te schrikken. Verminder de belasting iets en ga wat vaker liggen. Zorg dat u overdag wel in beweging blijft en niet langer dan een uur blijft liggen.

Wond

De wond wordt in de meeste gevallen gehecht met oplosbare hechtingen. Deze hechtingen hoeven niet verwijderd te worden. De aquacell pleister blijft, indien deze niet verzadigd is, minimaal 3 dagen op de wond zitten.

Mobiliseren

U kunt het beste stevige instappers, veterschoenen of sportschoenen met verende zolen dragen. Ook is het raadzaam gemakkelijk zittende kleding te dragen, zodat u vrij kunt bewegen. De verpleegkundige en fysiotherapeut geven u instructies hoe u moet draaien in bed en hoe u moet gaan zitten.

Naar huis

Afhankelijk van hoe snel het herstel verloopt, mag u naar huis. Uw behandelend arts bespreekt met u het afbouwen van de pijnstilling en instructies voor het hervatten van activiteiten zoals sporten en autorijden.
Zodra u naar huis gaat mag de eventueel aangebrachte pleister op de wond worden verwijderd. Voor het comfort mag de pleister ook nog enkele dagen blijven zitten. Als u hechtingen heeft die niet oplosbaar zijn, kunt u deze na acht dagen bij uw huisarts laten verwijderen. U ontvangt hierover informatie van de verpleegkundige.
Eenmaal thuis wordt u twee keer gebeld (na één en na vier weken) door een verpleegkundige van de verpleegafdeling. Hierbij informeert hij/zij hoe het met u gaat. En bespreekt met u of controle op de polikliniek nodig is. Zodra u aanvoelt dat u het werk weer kunt oppakken, is het raadzaam dit, in overleg met de bedrijfsarts, geleidelijk te hervatten. Als u naar huis gaat, wordt er in principe geen fysiotherapie voorgeschreven. Mocht tijdens de afspraak op de polikliniek blijken dat u fysiotherapie nodig heeft, dan zal de neurochirurg dit voorschrijven.

Richtlijnen voor na ontslag

  • Algemeen: Luister goed naar uw lichaam (met name uw rug) bij het opbouwen van activiteiten. Als u merkt dat een bepaalde activiteit veel klachten geeft, probeer deze dan de volgende keer minder lang uit te voeren of op een andere manier. In het algemeen geldt dat u activiteiten beter eerst in frequentie en dan in tijd kunt opbouwen.
  • Liggen: Af en toe rusten is ontspannend voor uw rug en spieren. In het begin is liggen een goede houding om mee af te wisselen. Zorg dan wel voor een stevige ondergrond. Wissel rust en activiteiten steeds af, waarbij u geleidelijk aan steeds actiever wordt.
  • Zitten: Zitten is belastend voor uw rug, omdat dit een relatief statische houding is. Het is verstandig de tijd dat u zit rustig en op basis van de pijnklachten op te bouwen. Natuurlijk is het ook belangrijk om rekening te houden met hoe u zit. Onderuit gezakt zitten met een bolle rug is belastend voor uw rug. Maar overstrekken van de rug is ook niet goed. Een goede stoel heeft een hoge rugleuning, helt licht achterover en geeft steun in de lendenen. De voeten moeten daarbij goed op de grond kunnen staan. Wanneer u twijfelt of uw zithouding goed is, kunt u de fysiotherapeut vragen om dit te controleren. De ervaring leert dat de meeste patiënten wel weten wat een goede houding is, maar dat ze dit snel vergeten toe te passen.
  • Lopen: Lopen is een goede dynamische en veilige manier om vooral in het begin (na de operatie) uw conditie weer te verbeteren. U mag lopen afhankelijk van uw klachten. Zorg dat u goede stevige schoenen draagt en dat u in een redelijk tempo doorloopt. Vermijd slenteren.
  • Tillen: Het belangrijkste bij tillen is dat u dit doet met een goede houding vanuit de rug. Ga dichtbij en recht voor het voorwerp staan, til vanuit de heupen en de knieën, voorkom rotaties van de romp en houd de rug recht. Beperk in het begin van de herstelfase vaak en zwaar tillen.
  • Fietsen: Zodra u klachtenvrij bent, mag u het fietsen weer gaan uitproberen. Fietsen is een dynamische beweging voor de benen, maar statisch voor de rug. Zorg dus dat u niet langer gaat  fietsen dan dat u op een gewone stoel kunt zitten. Begin rustig op een redelijk vlak terrein en begeef u niet direct in het drukke verkeer in verband met plotseling remmen en afstappen. Let bij  fietsen op de reactie van uw rug.
  • Autorijden: Voor autorijden geldt, net als voor andere activiteiten, dat dit afhankelijk van uw klachten hervat mag worden. Uw zithouding in de auto is belangrijk. Gebruik zo nodig een lendesteun. Begin met kleine stukjes in een rustige omgeving en stap bij langere afstanden regelmatig even uit om de rug te strekken en een stukje te wandelen.
  • Hardlopen: Wanneer de dagelijkse dingen en wandelen probleemloos gaan, kunt u, als u dat gewend was, weer rustig beginnen met joggen. Start op een vlakke, zachte ondergrond en draag goede, schokabsorberende sportschoenen. Voer de afstand en het tempo geleidelijk op, waarbij u goed let op de reacties van uw lichaam.
  • Zwemmen: Als u gewend was om te zwemmen, kunt u dit gemiddeld na twee tot vier weken rustig weer proberen. De wond moet genezen zijn. Begin met ontspannen bewegen en lopen in het water en bouw dit uit naar gewoon zwemmen. Probeer verschillende zwemslagen uit en voer de afstand geleidelijk op. Let goed op de reacties van uw rug; pas de inspanning daarop aan.
  • Huishoudelijke activiteiten: Wanneer u zich weer goed kunt redden met alle dagelijkse dingen, mag u starten met de lichte huishoudelijke activiteiten, zoals stoffen, afwassen en strijken. Breid dit geleidelijk uit, waarbij u steeds goed let op uw houding en op de reactie van uw rug. Met name werkzaamheden waarbij u vaak moet bukken en draaien (bijvoorbeeld stofzuigen, schrobben, dweilen) zijn belastend voor uw rug. Het is verstandig om dit soort activiteiten in de eerste fase achterwege te laten.
  • Sporten: Uiteindelijk moeten alle sporten weer mogelijk zijn. Belangrijk is om dit geleidelijk op te bouwen afhankelijk van pijn en klachten. U kunt contactsporten de eerste tijd beter vermijden.
  • Bewegingen na een rugoperatie: Het is belangrijk dat u uw rug bescherming geeft bij de bewegingen in en uit bed na een rugoperatie. In principe heeft u met de fysiotherapeut al enkele bewegingen doorgenomen.

Nazorg

Als u een van de onderstaande symptomen heeft, is het belangrijk dat u contact opneemt met uw behandelend arts:
  • zwelling, roodheid, pijn van de wond
  • openspringen of pus uit de wond
  • hoge koorts
  • lekkage van helder vocht uit de wond
  • ernstige hoofdpijn
  • toenemende sufheid


 

Korset

Soms moet na een spondylodese alsnog een korset worden gedragen. Het kan ook zijn dat een gebroken wervel niet operatief maar door middel van een korset kan worden behandeld.

lees meer

Korset

Soms moet na een spondylodese alsnog een korset worden gedragen. Het kan ook zijn dat een gebroken wervel niet operatief maar door middel van een korset kan worden behandeld. Het korset stimuleert het lichaam om tijdens het zitten, staan en lopen een gestrekte of rechtopstaande positie te handhaven of de druk van een bepaald deel van de wervel te verminderen. Het korset wordt vaak van gips gemaakt door onze gipsmeesters. Het is meestal niet afneembaar. De arts bespreekt ook met u welk type korset nodig is, wanneer en hoe lang u het korset moet dragen. Als u het korset alleen in belaste posities (zitten, staan en lopen) hoeft te dragen, doet u het korset aan terwijl u ligt. Daarna komt u pas via zijlig tot zit.

 

Behandeling Pneumatische kousen

Tijdens en na een operatie beweegt u minder en ligt u veel op bed. Dit verhoogt de kans op trombose. Om deze kans te verkleinen worden bij u pneumatische kousen aangemeten en gebruikt.

lees meer

Betrokken afdelingen


Afdeling Orthopedie

Orthopedie is een chirurgisch specialisme. Wij behandelen aandoeningen van het steun- en bewegingsapparaat. Dit doen we met of zonder operatie. Orthopedie behandelt patiënten met bijvoorbeeld slijtage van het heup- of kniegewricht, artrose, botkanker of een knieschijf uit de kom.

lees meer

Contact

Afdeling Orthopedie

(024) 361 44 71