Insteekplaats is pijnlijk en rood

De insteekplaats kan pijnlijk en rood zijn. Dit komt door irritatie door slijm. U kunt het volgende doen:
  • Behandel de insteekplaats dagelijks met jodium.
  • Verschoon het metallinegaas vaker als er veel slijm langs de insteekplaats lekt.
  • Neem contact op met uw arts als het na 1 week niet beter gaat.

Wat is een tracheotomie?

Een tracheotomie doen we bij vernauwing van de luchtweg ter hoogte van uw stembanden of hoger. Het doel van een tracheotomie is uw ademweg vrijmaken. Dit doen we door een tracheacanule in uw luchtpijp te plaatsen.

lees meer

Wat is een tracheotomie?

Een tracheotomie doen we bij vernauwing van de luchtweg ter hoogte van uw stembanden of hoger. Het doel van een tracheotomie is uw ademweg vrijmaken. Een tracheotomie is een behandeling waarbij we via uw hals een opening maken in uw luchtpijp (trachea). Door deze opening schuiven we een tracheacanule in uw luchtpijp, onder uw strottenhoofd. Hierdoor behouden uw stembanden en het strottenklepje hun functie. De tracheacanule is een buisje dat we in uw luchtpijp schuiven waardoor u beter kunt ademen. We maken de tracheacanule vast aan een bandje om uw hals.

De canule bestaat uit verschillende onderdelen:
  • Buitencanule met halsplaatje: De buitencanule blijft in uw luchtpijp zitten. Het halsplaatje van de buitencanule zit voor op de huid van uw hals. Dit zit vast met een bandje om uw hals.
  • Binnencanule met spraakklepje: De binnencanule past in de buitencanule en zetten we met een slotje vast. De binnencanule kunt u verwijderen om schoon te maken. Op de binnencanule kunnen we een spraakklepje plaatsen. Het spraakklepje gaat open als u inademt en sluit als u uitademt.
  • Inbrengcanule: Bij de canuleset hoort ook altijd een inbrengcanule. Het uiteinde van de inbrengcanule is rond en past precies in de buitencanule. De inbrengcanule is nodig om de buitencanule in uw luchtpijp te plaatsen. Doordat de inbrengcanule een stomp uiteinde heeft voorkomt dit beschadiging van uw luchtpijp tijdens het inbrengen. De inbrengcanule moet u goed bewaren.

Contact

Afdeling Keel-Neus-Oorheelkunde

(024) 361 35 06
(024) 361 49 26

Oorzaken vernauwing van uw luchtweg

Een vernauwing van uw luchtweg kan ontstaan door een zwelling in uw hoofd- halsgebied, verlamming of littekenweefsel in uw luchtpijp.

lees meer

Oorzaken vernauwing van uw luchtweg

Oorzaken van vernauwingen van uw luchtweg kunnen zijn:
  • Zwelling in uw hoofd-hals gebied door bijvoorbeeld een operatie, een allergische reactie of radiotherapie.
  • Verlamming van 1 of beide stembanden.
  • Littekenweefsel dat in uw luchtpijp zit, bijvoorbeeld door een drukplek (decubitus) in uw luchtpijp na langdurige beademing (intubatie).

Na de behandeling

Uw ademhaling verloopt niet meer via uw neus of mond maar via de canule. Uw neus verliest hierdoor een aantal functies, ook is uw smaak minder en gaat spreken niet meer vanzelf.

lees meer

Na de behandeling

Ademhaling

Uw ademhaling verloopt niet meer via uw neus of mond maar via de canule. Uw neus verliest hierdoor zijn functies,  zoals uw reuk. Ook andere neusfuncties gaan verloren. Ingeademde lucht wordt namelijk niet meer door uw neus bevochtigd, gefilterd en verwarmt. Via de canule ademt u droge lucht in. Droge lucht kan zorgen voor irritatie en infectie van het slijmvlies in uw luchtweg. Hierdoor kan het zijn dat u veel moet hoesten en meer slijm via de canule ophoest.
Ook is door de canule persen, blazen of snuiten niet mogelijk. Met een spreekklepje kan dit wel, maar in mindere mate.

Spraak

Doordat bij uitademing de lucht niet langs de stembanden maar via de canule stroomt kunt u niet meer praten, ook als u lacht of huilt is er geen geluid. Door bij uitademing de canule af te sluiten met een spraakklepje of uw vinger gaat de luchtstroom weer omhoog via uw stembanden naar uw mond- keelholte, hierdoor is spraak weer mogelijk. Als u niet kunt praten adviseren wij u altijd pen en papier mee te nemen. Laat uw omgeving weten dat u niet kunt praten, zodat u niet telkens uitleg hoeft te geven over de situatie. Uw omgeving kan hier rekening mee houden door gesloten vragen te stellen, waarop u kunt antwoorden met “ja”, “nee” of gebaren.

Eten en drinken

U kunt gewoon eten en drinken. Door de canule is de kans dat u zich verslikt groter. Doordat uw reukvermogen weg is, is ook uw smaak verminderd. Neem altijd de tijd voor een maaltijd. Neem kleine happen en kauw goed. Het is verstandig om veel te drinken bij het eten. Ook is het belangrijk om vezelrijk voedsel te eten om uw stoelgang te bevorderen, uw perskracht is door de ingreep namelijk verminderd.

Verandering zelfbeeld

Doordat de canule zichtbaar in uw hals zit, is uw uiterlijk veranderd. Het is mogelijk om de canule met een sjaaltje of andere kleding te camoufleren. Het is belangrijk om uw dagelijkse
bezigheden weer op te pakken. Het kost u en uw omgeving (partner, familie en kennissen) tijd om aan de nieuwe situatie te wennen. U kunt de situatie uitleggen op uw werk of vereniging, dit kan onzekerheid wegnemen en maakt de situatie bespreekbaar.

Problemen en oplossingen

U kunt last hebben van onder andere taai slijm, hoesten en roodheid van uw huid.

  • Taai slijm ontstaat door droge lucht, irritatie aan uw luchtpijp of als u veel rookt of recent gerookt heeft.

    lees meer


    Taai slijm

    Taai slijm ontstaat door droge lucht, irritatie aan uw luchtpijp of als u veel rookt of recent gerookt heeft. Om dit taaie slijm op te lossen kunt u het volgende doen:
    • Druppel 1 a 2 keer extra per dag met Nacl 0.9%.
    • Bevochtig de luchtpijp met de stoom van de douche.
    • Start in overleg met uw arts met medicatie om het slijm dunner en makkelijker ophoestbaar te maken (bijvoorbeeld fluimucil).
    • Pas de luchtvochtigheid van uw leefomgeving aan.

  • Helder dun slijm

    Dit kan ontstaan door verkoudheid, te veel druppelen met NaCL of het gebruik van een slijmverdunner. Om dit op te lossen kunt u het volgende doen:
    • Verminder de hoeveelheid NaCL met het druppelen.
    • Gebruikt u een slijmverdunner (bijv. fluimucil) dan kunt u hiermee stoppen na overleg met uw huisarts.

  • Spoortjes bloed bij uw slijm

    U kunt bij het ophoesten spoortjes bloed in uw slijm hebben. Dit ontstaat wanneer uw luchtpijp te droog is en er korstjes ontstaan. Doordat u deze korstjes loshoest, raakt uw luchtpijp beschadigd en geïrriteerd. Ook kan het zijn dat de canule tegen uw luchtpijp drukt, hierdoor ontstaat irritatie van uw luchtpijp. Tot slot kan het zijn dat het canulebandje te los zit waardoor de canule beweegt en uw luchtpijp prikkelt. Om dit te verhelpen kunt u het volgende doen:
    • Bevochtig uw luchtpijp meer.
    • Controleer of het canulebandje niet te los of te strak zit. Er moeten in de breedte 2 vingers onder het canulebandje kunnen.
    • Leer de goede hoest (‘huff’) techniek aan.
    • Neem contact op met uw arts als u bloed blijft verliezen.

  • Schuimend slijm

    U kunt last hebben van veel schuimend slijm doordat uw canule niet goed zit, door droge lucht, verkeerd of geen gebruik van de beschermfilter. Om dit te verhelpen kunt u het volgende doen:
    • Controleer de stand van de canule en maak de canule goed vast.
    • Bevochtig uw luchtpijp meer.

  • Kriebelhoest

    U kunt last hebben van kriebelhoest. Dit ontstaat door droge lucht. U kunt het volgende doen:
    • Druppel 2 keer per dag extra met zout water.
    • Verhoog de luchtvochtigheid in uw huis.
    • Maak de beschermfilter (deltanex) vochtiger.

  • Roodheid van uw huid onder de canule

    Roodheid van uw huid kan ontstaan doordat het slijm uw huid irriteert of door continue vochtigheid op uw huid. Ook kunt u last hebben van roodheid door een allergie of door het methalinegaas, dit komt bijna nooit voor. Het volgende kan de roodheid verhelpen:
    • Is uw huid erg gevoelig dan kunnen we uw huid beschermen met dunne duoderm of cavillon. Beide zorgen voor een beschermlaag op uw huid (een soort tweede huidlaagje). Reinig uw huid en laat uw huid drogen. Behandel het vervolgens met cavillon of plak de duoderm op uw huid. Schuif dan het metalline gaas onder de canule.
    • Verschoon het metallinegaas vaker. Vochtig metallinegaas maakt uw huid namelijk week.

Leefregels

Verzorg de canule minimaal 4 keer per dag. Pas op met water en draag altijd een beschermfilter voor de canule om verkoudheid, irritatie en korstvorming te voorkomen.

lees meer

Leefregels

Verzorg de canule minimaal 4 keer per dag. Als u last heeft van taai slijm dan kunt u de canule vaker verzorgen. Wij adviseren u maximaal 6 keer per dag te druppelen met Nacl 0,9%. Vermijd bezigheden waarbij u in aanraking komt met grote hoeveelheden stof, extreme hitte of kou en prikkelende gassen of dampen. Pas ook op met water. Water kan namelijk via de canule rechtstreeks in uw longen terechtkomen. Scherm daarom tijdens het douchen de canule af met bijvoorbeeld een opgerold washandje. Draag altijd een beschermfilter voor de canule om verkoudheid, irritatie en korstvorming te voorkomen.

Verzorging tracheacanule

Bij de verzorging van de tracheacanule moet u rekening houden met een aantal dingen.

lees meer

Verzorging tracheacanule

Verschoon het canulebandje minimaal 2 keer per week (als het nodig is, eventueel vaker). Het canulebandje zit bevestigd aan het halsplaatje en zorgt ervoor dat de canule goed blijft zitten. Bij het verwisselen van het canulebandje moet u eerst het schone bandje vastmaken en daarna het oude bandje weghalen. Controleer of het bandje niet te strak of te los zit. Er moeten 2 vingers tussen uw hals en het bandje passen. Wij raden u aan om het canulebandje samen met iemand anders te verwisselen, bijvoorbeeld met uw partner, kind of wijkverpleegkundige.

Was uw handen voordat u de tracheacanule verschoont. Zorg dat u het volgende klaar heeft staan: spiegel, druppelflesje of 2 ml spuitje met zoutwater (Nacl 0,9%), wattenstokjes, kniepincet, metallinegaas, sterilon crème, onsteriele gazen 5 cm bij 5 cm en onsteriele gazen 10 cm bij 10 cm.

Volg de volgende stappen:
  • Verwijder de beschermfilter (deltanex/sjaaltje).
  • Verwijder het spraakklepje.
  • Als het nodig is verwijdert u het aanwezige slijm en hoest u het op.
  • Druppel ½ tot 1½ ml Nacl 0,9% (druppel altijd met de binnencanule in).
  • Goed ophoesten door middel van de huff-techniek (diep inademen en kort en krachtig uithoesten).
  • Haal de binnencanule uit de buitencanule
  • Maak de binnencanule schoon. Spoel de canule onder de kraan af en haal met behulp van een kniepincet een vochtig gaasje van 5 cm bij 5 cm door de binnencanule. Herhaal dit vervolgens met een droog gaasje.
  • Smeer de binnencanule in met sterilon crème.
  • Plaats de binnencanule terug.
  • Verwijder vervolgens het metalline gaas.
  • Reinig uw huid onder het halsplaatje met behulp van een wattenstokje.
  • Breng een schoon metalline gaas aan onder de canule.
  • Bevestig de beschermfilter weer voor de canule.
Gebruik iedere dag een nieuw flesje Nacl 0,9% en zorg ervoor dat u de kniepincet schoonmaakt en droog opbergt. Was iedere dag de beschermfilter (Deltanex).

Tips

• Zorgt dat u altijd materialen voor de verzorging van de tracheacanule bij de hand heeft als u uw huis verlaat.
• De beschermfilter mag u maximaal 3 keer met de hand wassen, daarna gooit u het weg. Het is handig om na het wassen de filter te markeren, bijvoorbeeld door het label in te knippen zodat u weet wanneer u de filter 3 keer heeft gebruikt.
• Zorg dat u voldoende materiaal in huis heeft. Bestel uw canulemateriaal op tijd en ruim voldoende (voor ongeveer 3 weken).

Controle afspraak

U komt op controle bij de verpleegkundig specialist op de polikliniek Keel, Neus en Oor. Tijdens deze afspraak kunt u de thuissituatie evalueren en eventuele problemen bespreken. In overleg met u kunnen we thuiszorg aanvragen, de wijkverpleegkundige kan hulp bieden bij de zorg voor de canule.

Herstel normale ademweg

Nadat u ontwend bent van de beademingsmachine, leert u weer ademen via uw neus en mond door de canule met een dopje af te sluiten.

lees meer

Herstel normale ademweg

Nadat u ontwend bent van de beademingsmachine, leert u weer ademen via uw neus en mond door de canule met een dopje af te sluiten.De arts brengt vaak een kleinere maat canule in, zodat u makkelijker langs de canule kunt ademen. Soms vervangt de arts de canule nog een tweede keer voor een kleinere maat. Het gaatje om de canule kan zo geleidelijk aan dichtgroeien. Het is een eenvoudige behandeling die slecht een paar seconden duurt en nauwelijks belastend is voor u.

Verwijderen van de canule

De arts verwijdert de canule als u zover bent dat u zonder de canule goed door uw neus en mond kunt ademen. Ook moet u slijm goed kunnen ophoesten. De arts plakt het gaatje af, waarna de opening vrij snel helemaal dichtgroeid.

Voor- en nadelen van een tracheotomie

De tracheotomie is een alternatief voor een tube door de mond of neus. Dit is een buisje dat doorloopt tot in de luchtpijp. Aan de keuze voor een tracheotomie zitten voor- en nadelen.

lees meer

Voor- en nadelen van een tracheotomie

De tracheotomie is een alternatief voor een tube door de mond of neus. Dit is een buisje dat doorloopt tot in de luchtpijp. Aan de keuze voor een tracheotomie zitten voor- en nadelen.
 

Voordelen

  • Minder irritaties. Vaak is bij een tube door de neus het neusslijmvlies gezwollen en pijnlijk. Een tube door uw mond veroorzaakt irritatie in de mond- en keelholte.
  • Er bestaat een kleinere kans op een neusholteontsteking dan bij een tube door de neus.
  • Het is eenvoudiger uw mond en gebit schoon te maken.
  • Met een tracheotomie kunt u gemakkelijker slijm ophoesten door de verkorte ademweg. Het slijm kan via de canule weggezogen worden.
  • In de fase van ontwenning van de beademingsmachine kan de arts u een spraakcanule geven. Met deze canule is het uitademen door de normale ademweg mogelijk. Daardoor zou u ook kunnen praten. Met de canule die u in eerste instantie krijgt is praten over het algemeen niet mogelijk.
  • Als u goed wakker bent en goed kan slikken zou u eventueel kunnen eten en drinken. In sommige gevallen moet de logopedist wel eerst beoordelen of het slikken goed gaat. Bij een tube is eten en drinken niet mogelijk. De tube loopt tussen de stembanden door en kan deze bij slikbewegingen beschadigen. De tracheacanule ligt onder de stembanden. Beschadiging van de stembanden door slikbewegingen is daardoor onmogelijk.

Nadelen

  • Het inbrengen vereist een operatie. Iedere operatie heeft het risico op een infectie of bloeding.
  • De eerste dagen kan een tracheacanule irriteren of pijnlijk aanvoelen in de hals.
  • Direct na de ingreep kan er wat bloed meekomen bij het ophoesten. Dit is niet verontrustend.
  • Er blijft een (klein) litteken in de hals achter als u genezen bent.

Uw afspraak bij het Radboudumc

Heeft u binnenkort een afspraak in het Radboudumc? Op deze pagina vindt u alles wat u moet weten over uw afspraak in ons ziekenhuis.

lees meer

Behandeling Anesthesie

Als u naar het Radboudumc komt voor een operatie dan krijgt u te maken met anesthesie (verdoving of narcose). Ook voor andere ingrepen, zoals een behandeling of onderzoek, is anesthesie soms nodig. Anesthesie zorgt ervoor dat u tijdens de behandeling geen pijn heeft.

lees meer