Algemene informatie
Algemeen
Wat is acromegalie?
Als u acromegalie heeft maakt u te veel groeihormoon aan. Meestal is een goedaardig gezwel in uw hypofyse de oorzaak. Deze tumor maakt te veel groeihormoon aan. Door acromegalie kan uw uiterlijk veranderen en kan uw stofwisseling verstoord raken. Acromegalie is erg zeldzaam: in Nederland krijgen jaarlijks tussen de vijftig en honderd mensen deze diagnose.
lees meerWat is acromegalie?
Als u acromegalie heeft maakt u te veel groeihormoon aan. Meestal is een goedaardig gezwel in uw hypofyse de oorzaak. Deze tumor maakt te veel groeihormoon aan. Door acromegalie kan uw uiterlijk veranderen en kan uw stofwisseling verstoord raken. Acromegalie is erg zeldzaam: in Nederland krijgen jaarlijks tussen de vijftig en honderd mensen deze diagnose.
Acromegalie ontstaat meestal op volwassen leeftijd tussen de 30 en 50 jaar. Er zijn geen duidelijke risicofactoren bekend.
Symptomen
Door het teveel aan groeihormoon verandert uw uiterlijk heel langzaam. U krijgt bijvoorbeeld:
- grotere voeten (te merken aan schoenen die niet meer passen)
- dikkere vingers (te merken aan ringen die niet meer passen)
- grovere gelaatstrekken
Ook kunt u last krijgen van:
- hoge bloeddruk
- suikerziekte
- spier- en gewrichtsklachten
- veel transpireren
- snurken
- tintelingen in de handen
- vermoeidheid
Door het hypofysegezwel kunt u ook hoofdpijn krijgen en slechter gaan zien. De klachten ontstaan langzaam. Daarom duurt het vaak jaren voor de ziekte wordt ontdekt.
Diagnosefase
Diagnostische onderzoeken
Diagnostische onderzoeken
Om de diagnose acromegalie bij u te kunnen stellen volgen er een aantal onderzoeken.
lees meerDiagnostische onderzoeken
Om de diagnose acromegalie bij u te kunnen stellen:
- ondervraagt de arts u uitgebreid;
- krijgt u een uitgebreid lichamelijk onderzoek;
- onderzoeken we uw bloed op groeihormoon en IGF-1 (gemiddeld groeihormoon);
- krijgt u een suikerwatertest (orale glucose tolerantietest);
- onderzoeken we uw ogen
- maken we een MRI-scan van uw hypofyse
Overzicht diagnostische onderzoeken
Uw behandelend arts bepaalt welke onderzoeken er voor u nodig zijn.
Multidisciplinaire overleg (MDO)
In ons ziekenhuis bespreken we patiënten met een hypofysetumor in een speciaal overleg. We noemen dit een multidisciplinair overleg (MDO). Dit doen we omdat verschillende soorten artsen betrokken zijn bij de behandeling. Tijdens dit overleg zijn deze artsen aanwezig. Samen bepalen zij welke behandeling het beste bij u past. U bent als patiënt niet bij dit overleg aanwezig.
lees meerMultidisciplinaire overleg (MDO)
In ons ziekenhuis bespreken we patiënten met een hypofysetumor in een speciaal overleg. We noemen dit een multidisciplinair overleg (MDO). Dit doen we omdat verschillende soorten artsen betrokken zijn bij de behandeling. Tijdens dit overleg zijn deze artsen aanwezig. Samen bepalen zij welke behandeling het beste bij u past.
Het overleg is elke tweede en vierde dinsdag van de maand. Dan bespreekt het team de uitslagen van de onderzoeken die u heeft gehad.
Na het overleg maken de artsen een advies voor uw behandeling. Soms is extra onderzoek nodig om een goed behandeladvies te kunnen geven.
U bent niet aanwezig bij dit overleg. Het is een medisch overleg waarin meerdere patiënten worden besproken. De uitkomsten van het overleg hoort u tijdens het gesprek waarin u de uitslag krijgt. Daarna beslist u samen met uw arts wat de volgende stappen zijn.
Uitslaggesprek
Uitslaggesprek
De uitslagen van de onderzoeken bespreekt u met uw arts. Dit kan tijdens een bezoek aan de polikliniek, telefonisch of via een videoconsult. Uw partner, een familielid of een begeleider mag hierbij aanwezig zijn.
lees meerUitslaggesprek
De uitslagen van de onderzoeken bespreekt u met uw arts. Dit kan tijdens een bezoek aan de polikliniek, telefonisch of via een videoconsult. Uw partner, een familielid of een begeleider mag hierbij aanwezig zijn. U kunt er ook voor kiezen om het gesprek op te nemen, zodat u het later nog eens kunt beluisteren.
Op basis van de uitslagen worden de vervolgstappen en behandelmogelijkheden met u besproken. Als een operatie of andere ingreep nodig lijkt, bespreekt uw arts uw behandelplan ook met andere specialisten in een overleg tussen artsen. Dat noemen we een multidisciplinair overleg (MDO). De uitkomsten van dit overleg hoort u tijdens het gesprek over de uitslag.
Daarna beslist u samen met uw arts wat er verder gebeurt. Dit kan een verwijzing naar een hypofysechirurg (neurochirurg) of een andere medisch specialist zijn. Ook kan er gestart worden met medicijnen.
Daarnaast is er begeleiding door regieverpleegkundige of verpleegkundig specialist (i.o.) endocrinologie mogelijk.
Acromegalie kan uw leven op veel manieren beïnvloeden. Dat geldt voor u, maar ook voor uw naasten. U kunt niet alleen lichamelijke klachten hebben, maar ook emotionele, sociale of werkgerelateerde problemen. Om u en uw naasten zo goed mogelijk te ondersteunen, bieden onze regieverpleegkundige en verpleegkundig specialist (i.o.) extra begeleiding. Tijdens het hele behandelproces kunt u uw vragen of zorgen bespreken met uw endocrinoloog of uw casemanager. Zij zijn bereikbaar via telefoonnummer (024) 361 45 99.
Samen beslissen
Als u bij een arts bent voor een behandeling of onderzoek, komt u vaak voor een beslissing te staan. Een operatie, medicijnen, of toch liever nog even wachten? Doorbehandelen of stoppen? Meerdere opties zijn mogelijk, maar welke past het beste bij u?
naar paginaBehandelfase
Behandelingen
Behandelmogelijkheden
Acromegalie kunnen we op verschillende manieren behandelen. Welke behandeling het beste bij u past, hangt af van hoe groot het gezwel in uw hypofyse is, hoe uw gezondheid is en wat uw eigen wensen zijn.
Behandeling Medicijnen
Er zijn medicijnen die zorgen dat het groeihormoon minder wordt en medicijnen die de werking van het groeihormoon blokkeren.
lees meerBehandeling Medicijnen
Er zijn 2 verschillende medicijnen. Uw behandelend arts zal met u bespreken welk medicijn voor u het beste werkt.
- Er zijn medicijnen die ervoor zorgen dat de hypofyse minder groeihormoon aanmaakt (zoals Sandostatine LAR en Somatuline AutoSolution).
- Er zijn ook medicijnen die de werking van het groeihormoon blokkeren (zoals pegvisomant).
Nazorgfase
Controle en nazorg
Waar vinden de controles plaats?
Na de operatie zijn de controles eerst in het Radboudumc. Na langere tijd worden de controles meestal overgenomen door uw ziekenhuis in de regio.
Controles na een hypofyse-operatie
Na de hypose-operatie blijft de medisch specialist u controleren.
lees meerControles na een hypofyse-operatie
Na een hypofyse-operatie:
7 dagen na de operatie:
U heeft een (telefonische) afspraak met de endocrinoloog. U krijgt hierover van tevoren een bericht thuis. Voor deze afspraak laat u bloed prikken (Natrium), bij voorkeur in het Radboudumc of een ander ziekenhuis. Heeft u 4 dagen na de operatie nog geen bericht gekregen, bel dan de polikliniek Endocriene Ziekten en vraag wanneer uw afspraak is.
3 weken na de operatie:
Er volgt opnieuw een controle met bloedonderzoek. De endocrinoloog bespreekt de uitslag met u.
6 weken na de operatie:
U heeft een afspraak bij de neurochirurg op de polikliniek. U krijgt hierover thuis een bericht. Heeft u na 5 weken nog niets gehoord, bel dan de polikliniek Neurochirurgie.
3 maanden na de operatie:
U krijgt een oproep voor een controle-afspraak bij de endocrinoloog.
Expertisecentrum
Zeldzame aandoeningen
Zeldzame aandoening Hypofyseaandoeningen
Binnen het Radboudumc Expertisecentrum Hypofyseaandoeningen kunnen patiënten met de zeldzame aandoening, zoals acromegalie terecht voor advies, onderzoek en behandeling. Er wordt binnen dit centrum onderzoek gedaan naar de werking van nieuwe medicijnen of naar langetermijneffecten van behandelingen.
lees meerZeldzame aandoening Hypofyseaandoeningen
Binnen het Radboudumc Expertisecentrum Hypofyseaandoeningen kunnen patiënten met de zeldzame aandoening, zoals acromegalie terecht voor advies, onderzoek en behandeling. Er wordt binnen dit centrum bijvoorbeeld onderzoek gedaan naar de werking van nieuwe medicijnen of naar langetermijneffecten van behandelingen.
Deze aanvraag voor hererkenning wordt door het Radboudumc ingediend bij het Ministerie van VWS.
Zeldzame aandoeningen
Het Radboudumc beschikt over 39 Erkende Expertisecentra voor Zeldzame Aandoeningen (ECZA). Door kennis en kunde over de aandoeningen te bundelen in expertisecentra, kunt u beter en sneller worden behandeld.
naar pagina