Algemene informatie
Wat is cloacale extrofie?
Cloacale extrofie is een zeer zeldzame aangeboren aandoening waarbij meerdere organen niet goed zijn aangelegd. De aandoening wordt ook wel OEIS complex genoemd.
lees meerWat is cloacale extrofie?
Cloacale extrofie is een zeer zeldzame aangeboren aandoening waarbij meerdere organen niet goed zijn aangelegd. De aandoening wordt ook wel OEIS complex genoemd.
Bij kinderen met een cloacale extrofie zijn de blaas, de anus, het onderste gedeelte van de buikwand, de darmen, de wervelkolom/ruggenmerg, de plasbuis en de sluitspier niet goed aangelegd. De anus ontbreekt (anorectale malformatie). Vaak heeft het kind ook een open rug (spina bifida). De sluitspier van de plasbuis is niet goed aangelegd en normaal zindelijk worden is dus niet vanzelfsprekend. Bij jongens zijn ook de zwellichamen van de penis niet goed ontwikkeld. Dat noemen we een epispadie. Meisjes hebben een gespleten clitoris.
Cloacale extrofie is zeer zeldzaam en komt voor bij ongeveer 1:200.000 pasgeboren kinderen.
Opname
Na de geboorte wordt uw kind opgenomen op de afdeling Neonatologie. Als uw kind sterk genoeg is, gaat uw kind naar de verpleegafdeling voor kinderen.
Shared care zorg bij jullie in de buurt
Vanuit het Amalia kinderziekenhuis werken we veel samen met andere (regionale) ziekenhuizen. Soms ‘verdelen’ we de zorg, dit noemen we shared care. Hierbij wordt een deel van de poliklinische controles in een ziekenhuis dichter bij huis gedaan.
Expertisecentrum voor Aangeboren Urogenitale Aandoeningen
Het Radboudumc Expertisecentrum voor Aangeboren Urogenitale Aandoeningen is gespecialiseerd in de zorg voor kinderen die problemen hebben met de nieren, de blaas, de urineleider en de geslachtsorganen.
naar paginaDiagnosefase
Onderzoeken
Lichamelijk onderzoek
Om vast te stellen of uw kind een cloacale extrofie heeft, wordt uw kind na de geboorte onderzocht door de kinderchirurg en kinderuroloog. Uw kind is na de geboorte opgenomen op de afdeling Neonatologie.
Hoe herkennen we cloacale extrofie?
- De buikwand en de navel zijn niet intact, de blaas is daar zichtbaar en puilt uit naar buiten.
- De anus ontbreekt. De darm is niet goed aangelegd waarbij een deel van de darm zich in de blaas bevindt.
- Er is een buikwandbreuk ter hoogte van de navel, daar puilt de buik uit.
- De plasbuis is niet ontwikkeld.
- Het schaambeen wijkt uiteen.
- De wervelkolom is anders aangelegd. Soms een open rug.
- Bij jongens is de penis korter en breder.
- Bij meisjes is de clitoris gespleten.
Uitleg
De kinderuroloog en kinderchirurg geven uitleg over de aandoening.
Bekkenfoto
Er wordt een bekkenfoto gemaakt.
Controles en behandeling
Operatie na de geboorte
Over de eerste operatie
De operatie vindt net na de geboorte plaats. Tijdens de operatie worden de buikbreuk, blaas en buikwand gesloten en de plasbuis wordt hersteld. De orthopeed opereert het bekken aan de achterkant. Ook krijgt uw kind een darmstoma omdat de anus ontbreekt. Bij een open rug sluit de neurochirurg dit.
Afhankelijk van de situatie kunnen de operaties in meerdere stappen plaatsvinden. Soms legt de kinderchirurg in de eerste operatie een darmstoma aan en volgt er later nog een operatie.
Over de eerste operatie
Voorbereiding
De kinderuroloog en kinderchirurg geven uitleg over de eerste operatie(s) en de verzorging van uw kind.
lees meerVoorbereiding
De kinderuroloog en kinderchirurg geven uitleg over de eerste operatie(s).
Uitstrijkje
Er wordt een uitstrijkje gemaakt van de blaas om te zien of er bacteriën in de blaas zitten. Tijdens de operatie kan het antibioticum aangepast worden op de bacteriën die gevonden zijn.
Zalf voor de huid rondom de ‘open blaas’
De artsen en verpleegkundig specialisten beoordelen de buik. Als het nodig is krijgt uw kind een zalf voor de huid rondom de “open blaas”. Dit kan barrière crème zijn en/of anti schimmel crème.
Verzorging
U krijgt uitleg over de verzorging in aanloop naar de operatie. Meestal moet de onderbuik regelmatig gespoeld worden met kraanwater en de blaas bedekt worden met natte gazen.
Anesthesie (narcose)
De operatie vindt plaats onder algehele anesthesie. Daarom heeft u voor de operatie een afspraak met de kinderanesthesioloog die de anesthesie tijdens de operatie verzorgt. U krijgt uitleg over de anesthesie en de pijnstilling.
Tijdens de operatie
Afhankelijk van de situatie kan gekozen worden om deze operaties in verschillende stappen te laten plaatsvinden. De operatie kan 1,5 tot 8 uur duren.
lees meerTijdens de operatie
- Voor de operatie moet uw kind een paar uur nuchter zijn. Dit betekent dat uw kind geen voeding mag hebben. Hoelang dat precies is, krijgt u vooraf te horen.
- Uw kind wordt klaargemaakt voor de operatie. Ook wordt er wat bloed afgenomen. Eén van de ouders mag mee tot in de operatiekamer. Nadat uw kind onder narcose is gebracht brengt een medewerker u naar de wachtkamer.
- Afhankelijk van de situatie kan gekozen worden om deze operaties in verschillende stappen te laten plaatsvinden. De operatie kan 1,5 tot 8 uur duren.
- Bij het herstel van de blaas, buikwand en plasbuis opereert de kinderorthopeed het bekken aan de achterzijde. Daarna zullen de kinderuroloog en kinderchirurg de blaas, buikwand, buikwand breuk, deel van darm verwijderen bij de blaas en de plasbuis herstellen. Ook wordt een darmstoma geplaatst.
- Tijdens de operatie worden meerdere buisjes (splints/suprapubische katheter) geplaatst die via de wond naar buiten komen. Hierdoor kunnen de blaas, buikwand en plasbuis goed genezen. Meestal worden die na 10 tot 14 dagen verwijderd.
- Omdat het bekken geopereerd is, krijgt uw kind een speciaal zwachtel verband om de benen. Dit noemen we een zeemeerminnen verband. Dit verband blijft na de operatie 3 tot 4 weken zitten.
- Tijdens de operatie plaatst de kinderanesthesioloog een dunne katheter in de rug van uw kind, in de buurt van het ruggenmerg. Dit is voor extra pijnstilling tijdens en na de operatie (epiduraal anesthesie).
Na de operatie
De kinderuroloog, kinderchirurg en PA bekijken iedere dag het geopereerde gebied.
lees meerNa de operatie
De kinderuroloog, kinderchirurg en de PA lopen dagelijks bij uw kind langs. De neonatoloog (als uw kind nog is opgenomen op de afdeling Neonatologie) kijkt mee naar de groei, voeding en algehele gezondheid van uw kind. Zodra uw kind is overgeplaatst naar de algemene kinderafdeling verpleegafdeling neemt de kinderarts dit over.
Naar de verpleegafdeling
U maakt tijdens de opname kennis met de Physician Assistent (PA). De PA en de kinderuroloog/kinderchirurg komen iedere dag langs en vragen hoe het met u en uw kind gaat. De PA controleert onder andere:
- hoe het gaat met de medicatie
- de voeding
- de toediening van vocht via het infuus
- de ontlasting
- het herstel van uw kind
Controles
- De kinderuroloog, kinderchirurg en PA bekijken iedere dag het geopereerde gebied. De PA geeft ook uitleg en regelt de recepten voordat uw kind naar huis mag.
- Na de operatie heeft uw kind meerdere buisjes die uit de wond steken. Via deze buisjes wordt urine afgevoerd, zodat de wond kan genezen. Deze buisjes worden elke dag gecontroleerd. Deze buisjes worden na 10 tot 14 dagen verwijderd. Dit kan zonder anesthesie.
- Omdat het bekken geopereerd is krijgt uw kind een speciaal zwachtel verband om de benen. Dit noemen we een zeemeerminnen verband. Dit verband zal 3 tot 4 weken na de operatie blijven zitten.
- De ingebrachte epiduraal katheter blijft ongeveer 3 dagen na de operatie in gebruik. Daarna is pijnstilling in de vorm van een drank of zetpil voldoende.
- Dagelijks wordt het verband gecontroleerd en gekeken of de urine via de splints en suprapubische katheter goed druppelt. De buisjes worden na 10-14 dagen verwijderd. Daar is geen anesthesie voor nodig. Dagelijks wordt gekeken naar het darmstoma. De kinder-stomaverpleegkundigen begeleidt u met het aanleren van de stomazorg.

Naar huis en contact
Vaak kan uw kind 3-4 weken na de operatie naar huis.
Contact opnemen
Neem contact op met het ziekenhuis als:
- De wond rood, warm of pijnlijk is
- Er bloed uit de wond komt
- De zwelling van de wond elke dag meer wordt
- Uw kind koorts krijgt (meer dan 38,5 graden) zonder een duidelijke reden
- De wond open gaat staan.
Binnen kantooruren neemt u contact op via de polikliniek Amalia kinderziekenhuis 024 361 44 15 of via het telefonisch spreekuur Amalia 024 369 87 85 / 024 369 87 86. Vraag naar de dienstdoende arts van het specialisme.
Buiten kantooruren neemt u contact op via het centrale nummer Radboudumc 024 361 11 11 of via de kinderverpleegafdeling 024 361 38 80.
Bij vragen die binnen 3 werkdagen beantwoord kunnen worden, kunt u een bericht sturen via mijnRadboud.
Controle
Eerste controle 3-4 weken na ontslag
Na ontslag uit het ziekenhuis krijgt u na 3 tot 4 weken een afspraak op de polikliniek. De kinderuroloog en kinderchirurg beoordelen dan het resultaat van de operatie(s).
Controle na 3 maanden en na 6 maanden
Als alles goed is gegaan, heeft u een tweede afspraak na 3 maanden en daarna na 6 maanden.
Jaarlijkse controle
Gemiddeld komt uw kind 1 keer per jaar op controle om te kijken hoe het gaat. Jullie hebben dan een afspraak bij de kinderuroloog, de kinderchirurg en de verpleegkundig specialisten van de kinderurologie en kinderchirurgie.
Extra controles
Controle bij de kinderneuroloog/kinderneurochirurg
Als uw kind ook wervelafwijkingen en/ of afwijkingen aan het ruggenmerg heeft zijn er ook controles bij de kinderneuroloog en/of kinderneurochirurg.
Kinderorthopeed
De eerste controle na de operatie bij de kinderorthopeed is na 3 maanden. Daarna volgt een controle als uw kind 3 jaar is en soms nog een controle op de leeftijd van 5 jaar. Vooraf wordt een bekkenfoto gemaakt. Bij afwijkingen aan de wervelkolom is het soms nodig om vaker op controle te komen. De orthopeed bespreekt dat met u.
Tweede operatie bij jongens
Over de tweede operatie
Bij een jongen is een tweede operatie nodig als hij tussen de 9 en 12 maanden oud is. Tijdens deze operatie wordt de plek van de zwellichamen hersteld en het laatste deel van de plasbuis. Hier wordt meestal de voorhuid voor gebruikt. Uw zoon zal dus na de operatie besneden zijn. Bij meisjes is een tweede operatie niet nodig.
Over de tweede operatie
Zindelijk worden
Zindelijk worden
Doordat de sluitspier niet goed is aangelegd, kan uw kind niet op een natuurlijke manier zindelijk worden. Extra behandelingen en operaties zijn nodig om minder urine te verliezen. De kinderuroloog bespreekt met u welke vervolgoperaties mogelijk zijn en op welke leeftijd deze meestal plaatsvinden.
De kinderchirurg bespreekt met u de mogelijkheden voor het herstel van het de anus en het eventueel stoppen van de darmstoma. Doordat de sluitspier van de anus niet goed is aangelegd, heeft uw kind vaak ongewild verlies van ontlasting na een herstel operatie van de anus.
Zindelijk worden
Begeleiding
De kinderpsycholoog helpt u en uw kind in de voorbereiding op operaties en behandelingen om meer zindelijk te worden. De kinderpsycholoog helpt u ook met de invloed die de aandoening heeft op uw gezin en uw kind.
lees meerBegeleiding
Kinderpsycholoog
Als uw kind cloacale extrofie heeft, heeft u misschien vragen over zindelijk worden en hoe het geslacht eruitziet. Doordat de sluitspieren ook aangedaan zijn, is zindelijk worden voor urine en ontlasting niet mogelijk op een natuurlijke manier. Daar zijn aanvullende behandelingen en operaties voor nodig. De kinderpsycholoog helpt u met het beantwoorden van deze vragen en helpt u en uw kind in de voorbereiding op operaties en handelingen die nodig zijn om meer zindelijk/droog te worden. Ook brengt de kinderpsycholoog uw gezinssituatie in beeld en de invloed die de aandoening heeft op uw gezin en uw kind. Hoe de begeleiding eruitziet, hangt af van uw wens en onze mogelijkheden.
Urotherapeut
De urotherapeut is gespecialiseerd in plasproblemen en geeft adviezen over plassen, optimale toilethouding en adviezen voor het drinken. Dit kan helpend zijn als de zindelijkheid niet vanzelf lukt of ter voorbereiding op een vervolgoperatie. Daarnaast kan de urotherapeut advies geven over verschillende soorten continentiemateriaal (luiers) en hiervoor een machtiging uitschrijven.
Kinderfysiotherapeut
De kinderfysiotherapeut is gespecialiseerd in de spieren van het bekken en beoordeeld in welke mate het gebruik van de bekkenspieren nog verbeteren kan bij het plassen en poepen.
Stomaverpleegkundige
De stomaverpleegkundige is gespecialiseerd in stoma’s en helpt met aanleren van de stomazorg en geeft advies over het juiste stoma materiaal.
Veel kinderen moeten gaandeweg hun jeugd leren om hun darm leeg te maken door dit te spoelen met water om zo de kans op verlies van ontlasting zo min mogelijk te maken. De verpleegkundig specialist, kinderfysiotherapeut en medisch psycholoog begeleiden u in dit proces.
Voorbereiden op de basisschool
Het is verstandig om bij het aanmelden van uw kind voor de basisschool al aan te geven dat uw kind geboren is met cloacale extrofie. Zindelijk zijn is dus niet vanzelfsprekend. Uw kind zal dus nog langere tijd afhankelijk zijn van bijvoorbeeld een luierbroekje. Mocht de school om uitleg vragen kan de verpleegkundig specialist een verklarende brief opstellen.
Vergoeding continentie hulpmiddelen voor uw kind
Soms heeft uw kind continentie hulpmiddelen nodig, zoals incontinentiemateriaal, katheters, stomamateriaal en andere hulpmiddelen. De vergoeding hiervan zit in de basisverzekering vanaf ongeveer 3 jaar als er een medische indicatie voor is.
naar paginaBehandeling en controles
Controle
Extra controles
Als u merkt dat uw kind de behoefte heeft om meer zindelijk/droog te worden voor urine, dan komt uw kind vaker op controle. Een operatie om minder urine te verliezen doen we meestal pas als uw kind de gevolgen van de operatie snapt en hier zelf aan toe is.
Operatie en begeleiding zindelijkheid
Operatie voor zindelijkheid
De sluitspieren zijn bij een cloacale extrofie anders aangelegd en werken minder goed ondanks herstel operatie(s). Er zijn dus aanvullende handelingen nodig.
lees meerOperatie voor zindelijkheid
De sluitspieren zijn bij kinderen met cloacale extrofie anders aangelegd. Ze werken daardoor minder goed, ook na eerdere hersteloperatie(s). Er zijn vaak extra handelingen nodig om meer zindelijk/droog te worden. Er zijn verschillende operaties mogelijk, zoals een verlenging van de plasbuis of een extra ondersteuning van de sluitspier. Soms moet dit gecombineerd worden met andere operaties van de blaas of urineleiders om dit mogelijk te maken. De kinderuroloog bespreekt dit met u.
Darmstoma
Omdat de anus en de darmen niet goed zijn aangelegd, is het belangrijk om net na de geboorte een darmstoma aan te leggen. De kinderchirurg bespreekt met u de mogelijkheden ten het opheffen van dit stoma. De sluitspier van de anus werkt meestal niet goed, na de herstel operatie kan uw kind nog ongewild ontlasting verliezen.
Veel kinderen moeten dus gaandeweg hun jeugd leren om hun darm leeg te maken door dit te spoelen met water om zo de kans op verlies van ontlasting zo min mogelijk te maken. De verpleegkundig specialist, kinderfysiotherapeut en medisch psycholoog begeleiden u in dit proces.
Voorbereiden blaas legen met een katheter
Voor de operatie leren we uw kind om de blaas leeg te maken met een katheter. Dit is een handeling waarbij een buisje via de plasbuis wordt ingebracht om de urine uit de blaas te halen.
lees meerVoorbereiden blaas legen met een katheter
Door de operatie kan uw kind vaak niet meer plassen op de natuurlijke manier. Uw kind leert dan plassen door meerdere keren per dag kortdurend een katheter in te brengen om zo de plas uit de blaas te laten lopen. We noemen dit intermitterend katheteriseren.
Pas als u en/of uw kind dit goed kan, wordt de operatie gepland. De verpleegkundig specialist, psycholoog en zo nodig de bekkenfysiotherapeut leren u en uw kind het katheteriseren.
Uitleg aan uw kind
In deze leeftijdsfase is de uitleg meer gericht op uw kind. Ook betrekken we uw kind meer bij de behandeling. Zo kan een eerste stap zijn dat uw kind leert zelf het luiermateriaal te verschonen of het darmstoma te verzorgen. Daarnaast helpen we uw kind bij het uitleg geven over de aandoening aan leeftijdsgenoten.
Begeleiding
De kinderpsycholoog helpt u en uw kind in de voorbereiding op operaties en behandelingen om meer zindelijk te worden. De kinderpsycholoog helpt u ook met de invloed die de aandoening heeft op uw gezin en uw kind.
lees meerBegeleiding
Kinderpsycholoog
Als uw kind cloacale extrofie heeft, heeft u misschien vragen over zindelijk worden en hoe het geslacht eruitziet. Doordat de sluitspieren ook aangedaan zijn, is zindelijk worden voor urine en ontlasting niet mogelijk op een natuurlijke manier. Daar zijn aanvullende behandelingen en operaties voor nodig. De kinderpsycholoog helpt u met het beantwoorden van deze vragen en helpt u en uw kind in de voorbereiding op operaties en handelingen die nodig zijn om meer zindelijk/droog te worden. Ook brengt de kinderpsycholoog uw gezinssituatie in beeld en de invloed die de aandoening heeft op uw gezin en uw kind. Hoe de begeleiding eruitziet, hangt af van uw wens en onze mogelijkheden.
Urotherapeut
De urotherapeut is gespecialiseerd in plasproblemen en geeft adviezen over plassen, optimale toilethouding en adviezen voor het drinken. Dit kan helpend zijn als de zindelijkheid niet vanzelf lukt of ter voorbereiding op een vervolgoperatie. Daarnaast kan de urotherapeut advies geven over verschillende soorten continentiemateriaal (luiers) en hiervoor een machtiging uitschrijven.
Kinderfysiotherapeut
De kinderfysiotherapeut is gespecialiseerd in de spieren van het bekken en beoordeeld in welke mate het gebruik van de bekkenspieren nog verbeteren kan bij het plassen en poepen.
Stomaverpleegkundige
De stomaverpleegkundige is gespecialiseerd in stoma’s en helpt met aanleren van de stomazorg en geeft advies over het juiste stoma materiaal.
Veel kinderen moeten gaandeweg hun jeugd leren om hun darm leeg te maken door dit te spoelen met water om zo de kans op verlies van ontlasting zo min mogelijk te maken. De verpleegkundig specialist, kinderfysiotherapeut en medisch psycholoog begeleiden u in dit proces.
Behandeling en controles
Uw kind beslist mee over de behandeling
Kinderen vanaf 12 jaar beslissen mee
Vanaf 12 jaar heeft uw kind (volgens de wet) meer inspraak in de behandeling en mag hij/zij zelf meebeslissen. Daarom spreken we vanaf nu uw kind aan. Natuurlijk blijven ouders betrokken bij de behandeling.
Kinderen vanaf 12 jaar beslissen mee
Controles en begeleiding
Meebelissen vanaf 12 jaar
Vanaf je 12e mag je zelf meebeslissen over jouw behandeling. Daarom zal de arts vaker vragen aan jou stellen, naast de vragen die hij/zij aan je ouders stelt. We kijken naar wat je zelf al weet en kunt en leren je wat je nog wilt weten. Als je het wil, mag je ook een keer een afspraak alleen met de arts of verpleegkundig specialist hebben. We vinden het wel belangrijk dat je ouders mee blijven komen.
Meebelissen vanaf 12 jaar
1 keer per jaar controle
Elk jaar kom je op controle bij de kinderuroloog, kinderchirurg en de verpleegkundig specialisten. Als je meer zindelijk/droog wil worden, dan kom je vaker op controle. We leren je hoe je je blaas moet legen met een katheter en hoe je je darm kunt spoelen.
lees meer1 keer per jaar controle
Elk jaar kom je op controle bij de kinderuroloog, kinderchirurg en de verpleegkundig specialisten. Als je meer zindelijk/droog wil worden, dan kom je vaker op controle.
Blaas legen met een katheter
Om helemaal zindelijk te worden is vaak een operatie nodig. Na de operatie lukt plassen niet meer zoals je gewend was. We leren je al voor de operatie hoe je je blaas leeg kunt maken met een katheter. Hierbij wordt via de plasbuis een buisje in de blaas gebracht om de urine uit de blaas te halen.
Nadat de blaas leeg is, wordt de katheter weer verwijderd tot de volgende 'plasbeurt'. We noemen dit 'intermitterend katheteriseren'. Als dit goed lukt wordt de operatie gepland.
Darm spoelen met water
De kinderchirurg bespreekt met jou want de mogelijkheden zijn om met het darmstoma te stoppen. Na een hersteloperatie van de anus kun je last houden van ongewild verlies van ontlasting. We leren jou hoe je je darm leeg maakt door te spelen met water, zodat je minder kans hebt om ontlasting te verliezen.
De verpleegkundig specialist, kinderfysiotherapeut en medisch psycholoog begeleiden dit traject
Transitie overgang naar 18 jaar
Vanaf 12 jaar start het transitieprogramma. Hierbij bereiden we jou voor op de overgang naar de volwassenenzorg. We leren je om zelfstandig om te gaan met jouw aandoening. Meer informatie vind je hier:
Kinderspycholoog
Met de psycholoog kun je praten over wat het betekent om cloacala extrofie te hebben.
lees meerKinderspycholoog
Een kinderpsycholoog is iemand die vraagt hoe het met je gaat en wat je denkt. Misschien ben je al eens (samen met je ouders) bij een psycholoog geweest. Als je 12 bent, ga je naar de middelbare school. Misschien zit je al wel op de middelbare school. In deze fase verandert er veel. Het kan dan fijn zijn om (opnieuw) een afspraak met een kinderpsycholoog te maken.
Met de psycholoog kun je praten over wat het betekent om geboren te zijn met cloacale extrofie. De psycholoog vraagt daarbij hoe het met je gaat, wat je denkt en wat het voor jou betekent om cloacale extrofie te hebben. Als jij dat fijn vindt, kun je (in overleg met je ouders) vaker met de psycholoog praten. Misschien heb je vragen over seksualiteit, dan kan de seksuoloog jou daar uitleg over geven.
Zelf beslissingen nemen vanaf 16 jaar
Vanaf je 16e mag je zelfstandig beslissingen nemen over de behandeling.
Overgang naar de volwassenenzorg
Vanaf je 18e ben je officieel volwassen. We dragen jouw behandeling geleidelijk aan over aan het team voor volwassenen. De exacte leeftijd waarop je helemaal overgaat verschilt per persoon. Meestal ben je dan tussen de 18 en 21 jaar.
lees meerOvergang naar de volwassenenzorg
Vanaf je 18e ben je officieel volwassen. We dragen jouw behandeling geleidelijk aan over aan het team voor volwassenen. De exacte leeftijd waarop je helemaal overgaat verschilt per persoon maar is meestal tussen de 18 en 21 jaar. De zorg voor jou ligt dan helemaal bij het team voor volwassenen. Voor die tijd zorgen we ervoor dat de urologen en verpleegkundig specialisten voor volwassenen weten wie jij bent en wat voor behandeling jij nodig hebt.
