Diagnosefase
Over de aandoening
Wat is het Loeys-Dietz syndroom (LDS)?
Het Loeys-Dietz syndroom (LDS) is een erfelijke aandoening van het bindweefsel. Dit kan klachten geven in meerdere organen in het lichaam, vooral in de grote bloedvaten, het skelet en de huid.
lees meerWat is het Loeys-Dietz syndroom (LDS)?
Het Loeys-Dietz syndroom (LDS) is een erfelijke aandoening van het bindweefsel. Bindweefsel geeft steun op veel plaatsen in het lichaam. Bij mensen met het LDS is het bindweefsel minder sterk. Dit kan klachten geven op meerdere plekken in het lichaam, vooral in het hart, de grote bloedvaten en het skelet. Vaak zijn mensen met LDS lang met lange armen, benen en vingers.
Het LDS komt naar schatting voor bij één op 50.000 mensen. De leeftijd waarop de diagnose wordt gesteld verschilt. Soms wordt de diagnose al bij baby’s gesteld, soms pas na het 60e levensjaar.
Als het LDS bij iemand is vastgesteld, wordt er vaak DNA-onderzoek bij familieleden gedaan om te kijken wie de aanleg heeft geërfd.
Vroegtijdige herkenning en behandeling van het LDS zijn belangrijk voor optimale zorg.
Oorzaak Loeys-Dietz syndroom
LDS wordt veroorzaakt door een foutje (mutatie) van de volgende genen: TGFBR1, TGFBR2, TGFB2, TGFB3, SMAD2, SMAD3.
Door een mutatie in één van deze genen verandert de structuur van het bindweefsel waardoor het minder steun biedt. Ook is hierdoor de groei van de botten anders, waardoor iemand vaak erg lang wordt en er skeletproblemen ontstaan.
Radboudumc-Maastricht UMC+ Expertisecentrum voor Marfan-syndroom en Aanverwante Aandoeningen
Het Radboudumc/MUMC+ is gespecialiseerd in het vaststellen en behandelen van (erfelijke) bindweefsel/vaataandoeningen bij kinderen en volwassenen. Het Radboudumc/MUMC+ is sinds 2016 erkend als landelijk Expertise Centrum onder de naam Marfan syndroom en aanverwante aandoeningen.
naar paginaLinks en patiëntenverenigingen
- Nederlandse vereniging voor Marfan en Loeys-Dietz syndroom patiënten en hun familieleden
- Internationale patiëntenvereniging met informatie voor patiënten en artsen (Engelstalig)
- Patiëntenvereniging voor patiënten die een aorta-dissectie hebben gehad en hun familieleden.
- Europese Referentie Netwerk voor LDS (grotendeels Engelstalig).
Kenmerken
Hart- en vaatproblemen
Eén van de belangrijkste verschijnselen bij LDS is een afwijking van de grote bloedvaten. Het grootste bloedvat in ons lichaam is de aorta. Omdat het bindweefsel slecht werkt, kan de aorta gaan wijder worden (dilateren of aneurysma vorming) en daardoor kwetsbaar worden. Als de aorta te wijd wordt kan hij scheuren (dissectie of ruptuur). Daarnaast kunnen bij LDS ook verwijdingen van andere slagaders optreden.
Vaak kronkelen de slagaders bij LDS. Dit heeft meestal geen medische gevolgen. Ook de hartkleppen kunnen minder goed werken en er kan sprake zijn van een aangeboren hartafwijking, zoals een gaatje tussen de hartboezems (atrium septum defect) of een afwijking aan een hartklep (bicuspide aortaklep).
Skelet- en bindweefsel kenmerken
Een kippenborst of trechterborst komt vaak voor bij Loeys Dietz syndroom. Ook een zijwaartse bocht in de ruggengraat (scoliose) komt voor.
Vaak zijn gewrichten te beweeglijk (hypermobiliteit). Platvoeten komen vaak voor. Artrose, vervroegde slijtage van de gewrichten, komt ook voor. Een klein deel van de mensen met LDS heeft een klompvoet of instabiele halswervels.
Overige kenmerken
Andere kenmerken die voor kunnen komen bij LDS zijn: een dunne huid, striae (strepen op de huid) en het snel krijgen van blauwe plekken en littekens die moeilijk genezen. Liesbreuken komen vaker voor, slaapapneu, longklachten (onder andere klaplong), bijziendheid, netvliesloslating en staar. Daarnaast hebben personen met LDS vaker maagdarm-klachten en allergische aandoeningen zoals astma, eczeem en allergische rhinitis (neusklachten).
Onderzoeken

Eerste onderzoeken
Om de diagnose voor een erfelijke vaat/bindweefsel aandoening te kunnen stellen is een gesprek met uw arts en onderzoek nodig.
lees meerAanvullend onderzoek
Als er tijdens uw bezoek geen reden is om aan een erfelijke vaat/bindweefsel aandoening te denken dan doen we meestal geen aanvullend onderzoek. Als er wel reden is voor aanvullend onderzoek dan zijn er verschillende mogelijkheden, afhankelijk van de verschijnselen die u heeft.
lees meerAanvullend onderzoek
Als er tijdens uw bezoek geen reden is om aan een erfelijke vaat/bindweefsel aandoening te denken dan doen we meestal geen aanvullend onderzoek.
Als er wel reden is voor aanvullend onderzoek dan zijn er verschillende mogelijkheden. Dit hangt af van de verschijnselen die u heeft.
Uw zorgverlener bespreekt dit met u.
- Er kan bloedonderzoek gedaan worden om in uw bloed te kijken naar veranderingen in het erfelijk materiaal (DNA-onderzoek).
- Met een echo van het hart/aorta wordt de hartklepfunctie onderzocht en de aorta diameters. Soms is het nodig om een MRI- of CT-scan te maken.
- De oogarts kan beoordelen of uw ogen kenmerken hebben die passen bij LDS.
Uw zorgverlener bespreekt de uitslagen van de onderzoeken met u in het uitslaggesprek.
Uitslaggesprek
Als u aanvullend onderzoek krijgt, dan volgt een uitslaggesprek als de resultaten binnen zijn. Dit kan op de polikliniek, via de telefoon of via beeldbellen. Uw zorgverlener bespreekt dan de uitkomsten van het onderzoek met u.
lees meerUitslaggesprek
Als u aanvullend onderzoek krijgt, dan volgt een uitslaggesprek als de resultaten binnen zijn. Dit kan op de polikliniek, via de telefoon of via beeldbellen. Uw zorgverlener bespreekt dan de uitkomsten van het onderzoek met u. Soms duurt het een paar maanden voordat alle uitslagen bekend zijn.
Het is ook mogelijk dat na de eerste onderzoeken al duidelijk is dat u een erfelijke bindweefsel/vaataandoening heeft. Uw zorgverlener bespreekt dan de diagnose met u en welke behandelingen mogelijk zijn.
Het kan ook zijn dat zelfs na aanvullend onderzoek het niet meteen duidelijk is of u een erfelijke bindweefsel/vaataandoening heeft. Soms zijn er dan meer onderzoeken nodig of een nieuwe controle over een tijdje.
Soms is nog verder onderzoek in uw familie nodig. De zorgverlener bespreekt dit met u. Na nieuwe onderzoeken volgen weer nieuwe uitslaggesprekken.
Behandelfase
Behandelmogelijkheden
Behandeling en controles
De behandeling van mensen met een erfelijke vaat/bindweefsel aandoening is gericht op het verminderen van klachten en het voorkomen van problemen. In ons Expertisecentrum werken verschillende artsen samen. De behandeling verschilt per persoon en hangt af van welke verschijnselen u heeft.
lees meerBehandeling en controles
De behandeling van mensen met een erfelijke vaat/bindweefsel aandoening is gericht op het verminderen van klachten en het voorkomen van problemen. In ons Expertisecentrum werken verschillende artsen samen. De behandeling verschilt per persoon en hangt af van welke verschijnselen u heeft.
Nadat de diagnose is gesteld, plannen we afspraken met u in voor vervolgafspraken op de polikliniek. Ook bekijken we wanneer er een nieuwe echo of CT-/MRI-scan nodig is.
De afspraken op de polikliniek van het Expertisecentrum voor Marfan en aanverwante aandoeningen worden gecoördineerd door de (kinder)cardioloog, klinisch geneticus en oogarts. Tijdens de controle-afspraken bespreken we uw klachten en persoonlijke situatie, doen we een lichamelijk onderzoek en vaak maken we ook een echo van de aorta. Soms worden aanvullende of andere onderzoeken gedaan.
Als het mogelijk is, plannen we die onderzoeken voorafgaand aan uw controle-afspraak. Uw behandelaar bepaalt welke onderzoeken nodig zijn en hoe vaak en beoordeelt of u medicatie nodig heeft of medicatie moet aanpassen.
Het is belangrijk dat uw bloeddruk regelmatig gecontroleerd wordt. Bijvoorbeeld bij bloeddrukverlagers als uit het onderzoek blijkt dat uw aorta verwijd is.
Afhankelijk van de uitslagen krijgt u advies over wanneer de volgende controle plaatsvindt, of u medicatie krijgt of moet aanpassen en welke andere adviezen voor u gelden. Bij een sterke vaatverwijding of bij een scheur in de vaten, overlegt het team samen met de chirurg of u een operatie nodig heeft.

Extra aandacht bij kinderen
Bij kinderen met een erfelijke vaat/bindweefsel aandoening hebben we extra aandacht voor de groei en de skeletkenmerken.
Andere specialismen
Afhankelijk van uw persoonlijke situatie kunnen ook andere zorgverleners worden betrokken.
lees meerAndere specialismen
Het hangt van uw klachten af of een afspraak bij de oogarts en orthopeed nodig is. Ook kunnen de revalidatiearts en psychosociaal medewerker worden betrokken. Afhankelijk van uw persoonlijke situatie kunnen ook andere zorgverleners worden betrokken.
Heeft u bijvoorbeeld een kinderwens of bent u zwanger, dan krijgt u vaak (extra) afspraken bij de cardioloog, gynaecoloog en klinisch geneticus.
Controles
In principe blijft u uw hele leven onder behandeling van het Expertisecentrum. Als er geen grote medische bijzonderheden of veranderingen zijn, vinden controles meestal eens per 1 a 2 jaar plaats.
Leven met Loeys-Dietz syndroom
Adviezen
Familieonderzoek
De diagnose LDS is bevestigd als er bij erfelijkheidsonderzoek (DNA onderzoek) een mutatie wordt gevonden in een van de genen (TGFBR1, TGFBR2, TGFB2, TGFB3, SMAD2, SMAD3). Als er deze mutatie is gevonden, kan er familieonderzoek plaatsvinden om te kijken of zij de aanleg hebben geërfd.
lees meerFamilieonderzoek
De diagnose LDS is bevestigd als er bij erfelijkheidsonderzoek (DNA onderzoek) een mutatie wordt gevonden in een van de genen (TGFBR1, TGFBR2, TGFB2, TGFB3, SMAD2, SMAD3). Als er deze mutatie is gevonden, kan er familieonderzoek plaatsvinden om te kijken of zij de aanleg hebben geërfd.
Familieleden kunnen zich hiervoor door hun huisarts laten verwijzen naar een klinisch geneticus. Voor alle familieleden met de mutatie geldt het advies om gecontroleerd te worden binnen het Expertisecentrum.

Kinderwens en zwangerschap
Als u een kinderwens heeft, is het belangrijk om dit met uw behandelaar te bespreken. Extra controle en begeleiding zijn nodig. Daarnaast kunt u de aandoening aan uw kinderen doorgeven.
lees meerKinderwens en zwangerschap
Als u een kinderwens heeft, is het belangrijk om dit met uw behandelaar te bespreken. Bij vrouwen met een erfelijke vaat/bindweefsel aandoening die zwanger willen worden, moet de aorta voor, tijdens en na de zwangerschap goed gecontroleerd worden. De zwangerschap wordt extra begeleid door de gynaecoloog en u maakt samen met de gynaecoloog een bevallingsplan.
Erfelijkheid
Er is een kans van 50% dat u de aanleg voor een erfelijke vaat/bindweefsel aandoening doorgeeft aan uw kinderen. Er zijn mogelijkheden om te voorkomen dat u deze aanleg doorgeeft, zoals met PGT (pre-implantatie genetische diagnostiek). Soms kan onderzoek tijdens de zwangerschap worden gedaan. Bij vragen hierover kunt u een afspraak maken met de klinisch geneticus.
Sporten
Als u geen vaatverwijding heeft, geldt bij sporten de volgende adviezen: (dynamische) sporten, waarbij uw hartslag en bloeddruk langzaam toeneemt, kunnen meestal veilig worden gedaan. Voorbeelden zijn zwemmen, (hard)lopen en fietsen. Belangrijk is dat u niet tot het uiterste gaat of zo snel of zo lang mogelijk wil sporten.
Alles wat makkelijk gaat en waarbij u nog een gesprek kunt voeren tijdens het sporten is prima.
Isometrische sporten (zoals push-ups, pull ups, zware gewichten tillen), intensieve sporten en contactsporten worden afgeraden, het gaat meestal om sporten waarbij u uw adem moet inhouden en uw lichaam stilstaat: zoals gewichtheffen en klimmen. Contactsporten worden afgeraden vanwege een hoger risico op blessures en druk op de borstkas.
Als u wel vaatverwijding heeft, is het goed met de cardioloog te bespreken welke sporten u wel of niet doen.
Expertisecentrum
Zeldzame aandoening
Zeldzame aandoening Loeys-Dietz syndroom
In een landelijk erkend expertisecentrum kunnen patiënten met een erfelijke vaat/bindweefsel aandoening terecht voor advies, onderzoek en behandeling. Deze aanvraag voor erkenning wordt door het Radboudumc ingediend bij het Ministerie van VWS.
lees meerZeldzame aandoening Loeys-Dietz syndroom
In een landelijk erkend expertisecentrum kunnen patiënten met een erfelijke vaat/bindweefsel aandoening terecht voor advies, onderzoek en behandeling. Deze aanvraag voor erkenning wordt door het Radboudumc ingediend bij het Ministerie van VWS.
Onze zorg en wetenschappelijk onderzoek
Patiënten kunnen terecht in het Radboudumc-Maastricht UMC+ Expertisecentrumvoor Marfan-syndroom en Aanverwante Aandoeningen. Zie voor diagnose en behandeling hierboven in het zorgpad.
Naar erfelijke vaat/bindweefsel aandoening wordt uitgebreid wetenschappelijk onderzoek gedaan.
Orphacodes van dit expertisecentrum
Zeldzame aandoeningen
Het Radboudumc beschikt over 39 Erkende Expertisecentra voor Zeldzame Aandoeningen (ECZA). Door kennis en kunde over de aandoeningen te bundelen in expertisecentra, kunt u beter en sneller worden behandeld.
naar pagina