Werken bij Onze mensen aan het woord

Het Radboudumc als werkgever

Op deze pagina vertellen onze mensen wat werken bij het Radboudumc voor hen betekent. Wat het van ze vraagt en wat het hen oplevert. In veel gevallen lichten ze ook toe hoe ze bij het Radboudumc terecht zijn gekomen.

Vacatures

Bekijk hier al onze vacatures naar vacatures

Strategie Radboudumc persoonsgericht en innovatief

Werken in de patientenzorg


Olaf FLEX verpleegkundige

'Wat ik mooi vind is dat iedereen de patiënt hier wil geven wat hij nodig heeft of wat hij op dat moment wenst.'

lees meer

Olaf FLEX verpleegkundige

Mijn start bij het Radboudumc

'Na de middelbare school ben ik verpleegkunde in Zeeland gaan studeren. Ik ben gaan werken bij een ziekenhuis in de buurt. Na een tijdje merkte ik dat ik toch meer uitdaging zocht en meer wilde leren dan daar mogelijk was. Een academisch ziekenhuis leek mij de perfecte overstap. Ik heb toen verschillende academische ziekenhuizen bekeken. Op de website van het Radboudumc las ik veel over de persoonsgerichte en open cultuur. Ik dacht: dat sluit aan bij wie ik ben.

Het streven naar innovatie en kwaliteitsverbetering, waar het Radboudumc heel erg voor staat, heb ik in mijn stages en mijn vorige werk ook proberen te bereiken. Ik merkte dat ik dat heel leuk vond, maar het ook moeilijk vond om dat daar te bereiken. Van vrienden had ik daarnaast gehoord dat er bij het Radboudumc een open leerklimaat heerst. De combinatie van deze dingen heeft ervoor gezorgd dat ik ben gaan solliciteren.
Mijn eerste werkdag was niet aangekondigd. Ze wisten er op de afdeling niet van. Toch werd ik heel hartelijk ontvangen. Ze waren blij dat ik er was en ze wilden mij met alles helpen. Als ik iets niet wist kon ik altijd naar iemand op de afdeling toestappen. Dit voelde meteen heel goed.'

Werken als FLEX-verpleegkundige

'In eerste instantie wilde ik heel graag de opleiding tot kinderverpleegkundige gaan doen. Daar was toen helaas geen plek voor. Naast kinderverpleegkunde wist ik nog niet precies welk specialisme mij lag en wat ik leuk vond. Daar had ik tijdens mijn opleiding nog te weinig voor gezien. Daarom heb ik eerst voor een rol als FLEX-verpleegkundige gekozen. Omdat je als FLEX-verpleegkundige op verschillende afdelingen in het ziekenhuis werkt, kon ik overal een beetje rondkijken en uiteindelijk doorgroeien naar een bepaald specialisme.
Dat doorgroeien naar een bepaald specialisme is gelukt. Binnenkort ga ik beginnen op de kinderafdeling en hier de opleiding tot kinderverpleegkundige volgen. Daar heb ik veel zin in, maar tegelijkertijd is het ook heel snel gegaan. Ik had hier graag nog wat langer willen blijven.
De afgelopen maanden heb ik op veel verschillende afdelingen gewerkt. In het begin vond ik het lastig dat je niet elke dag in hetzelfde team werkt. Het omschakelen iedere keer is in het begin lastig, maar heeft me veel opgeleverd. Door te beginnen als FLEX-verpleegkundige heb ik als jong verpleegkundige direct veel gezien. Ik heb nu een beter beeld van wat er allemaal speelt in het ziekenhuis dan dat ik eerst had. Ik heb gezien wat ik als verpleegkundige allemaal kan doen en kan betekenen voor een patiënt.'

Verschillende rollen

'Momenteel werk ik op zes afdelingen in het ziekenhuis. Je begint als FLEX-verpleegkundige vaak met één of twee afdelingen en langzaam breid je dat uit, zodat je op steeds meer afdelingen in het ziekenhuis kunt werken. Van die zes afdelingen, werk ik het meest op de afdeling urologie en gynaecologie. Op sommige afdelingen heb ik een helpende rol, daar spring ik bij waar het nodig is. Mijn rol verschilt  per afdeling. Op de afdeling urologie en gynaecologie heb ik bijvoorbeeld wel mijn eigen patiënten waarover ik de verantwoordelijkheid draag.
Wat ik leuk vind is dat je als FLEX-verpleegkundige ook een signalerende rol hebt. Als je ziet dat iets op een afdeling niet werkt, kun je eens opperen: ‘Ik heb dit op een afdeling zo gezien, is het een idee om dat hier ook te proberen?’. Je leert op deze manier in korte tijd veel bij.'

Opkomen voor je patiënt
'Laatst was er een patiënt die naar het toilet moest, net toen de artsen visite wilde gaan lopen. Een arts gaf aan dat hij graag wilde beginnen. Ik vertelde dat er een patiënt eerst nog naar het toilet moest. Omdat ik de arts daarop attendeerde, kon die patiënt naar het toilet. De arts stond daar op dat moment even niet bij stil, maar toen ik dit de arts vertelde, was dit natuurlijk geen probleem. Ik vind het fijn dat dit hier kan. We spreken elkaar allemaal aan op iets als dat nodig is.
Wat ik mooi vind is dat iedereen de patiënt hier wil geven wat hij nodig heeft of waar hij op een bepaald moment naar wenst. Je merkt dat iedereen daaraan mee wil werken. Uiteraard binnen de grenzen van wat mogelijk is.
Ik had bijvoorbeeld een keer een patiënt die heel graag beneden een ijsje wilde gaan halen en naar de sneeuw wilde kijken. Dat kunnen wij niet doen, maar dat kun je wel via de vrijwilligersbalie regelen. Na lang gebeld te hebben was het gelukt om deze patiënt naar zijn ijsje en een raam te brengen om de sneeuw van dichtbij te bekijken. Je ziet dat patiënten dat waarderen en daarvan opleven. Daar haal ik veel voldoening uit. Het is heel fijn om in een ziekenhuis te werken met mensen die dezelfde insteek hebben als ik. We willen allemaal de beste en meest persoonsgerichte zorg bieden.'

Nannet bedrijfsarts en praktijkopleider

'De afgelopen jaren heb ik langdurige relaties opgebouwd, relaties met diepgang.'

lees meer

Nannet bedrijfsarts en praktijkopleider

Mijn start bij het Radboudumc

‘Al tijdens mijn studie in Leiden ontstond mijn belangstelling voor bedrijfsgeneeskunde, getriggerd door een enthousiast college van een bedrijfsarts. Niet de ziekte centraal, maar maatschappelijk functioneren. Niet alleen de spreekkamer, maar ook naar de werkvloer. Niet alleen het individu, maar ook de context.
Na een onderzoeksperiode bij Shell en de nodige werkervaring in de eerste en tweede lijn ben ik in Den Haag gestart als bedrijfsarts. Halverwege mijn opleiding ben ik verhuisd naar Nijmegen en gestart bij de interne arbodienst van het Radboudumc en de Radboud Universiteit. Ik kan hier werken op een academische campus en daar ook echt onderdeel van uitmaken.’
 

Steunpilaar

‘Als bedrijfsarts ben je niet alleen dokter voor de werknemer, maar ook adviseur van de organisatie. Om je rol goed te kunnen vervullen is het belangrijk dat je de organisatie goed kent. Die ruimte krijg je hier volop. Je bezoekt werkplekken, houd gesprekken met managers en werkt samen met collega’s van HR. Je bouwt hierdoor stevige relaties op en bent voor velen een steunpilaar.
Ik word blij als ik iemand tegenkom hier in huis die weer met plezier aan het werk is na een moeilijke periode. Even een blik van verstandhouding, een knipoog of een kort praatje:  ‘Weet je nog, toen we elkaar zagen in de spreekkamer?’.
Ook met leidinggevenden bouw je een band op. Samen aan de slag met uitdagingen. Als bedrijfsarts bij het Radboud hoor je er echt bij en word je gewaardeerd, zowel door de werknemer als door de organisatie.’
 

Alles in huis

‘Binnen onze arbodienst werken alle kerndeskundigen. Ook deskundigheid op biologische veiligheid, straling en milieu is vertegenwoordigd. Allemaal directe collega’s met wie je samen op kunt trekken.  Dat is niet alleen prettig, maar ook noodzakelijk.
Op onze campus hebben we te maken met een grote diversiteit aan functies en arbeidsrisico’s. Als bedrijfsarts kun je hier echt de volle breedte van je vak beoefenen en het is een mooie plek om het vak te leren. Ik heb hier geen stress van  files, alles is op loop- of fietsafstand. Sinds ruim een jaar ben ik praktijkopleider van een AIOS. In juni krijgen we er nog een tweede AIOS bij. Ik vind het leuk om de kennis en ervaring die ik heb opgebouwd te kunnen overdragen.
Er is ook ruimte voor extra uitdagingen. Zo doe ik veel op het gebied van infectiepreventie. En heb daardoor te maken met weer een heel ander netwerk van professionals, zoals microbiologen en infectiologen. Onderwijs, straling, klinische arbeidsgeneeskunde: allemaal onderwerpen waar we met de collega-bedrijfsartsen mee aan de slag zijn.’
 

Relaties met diepgang

‘De afgelopen jaren heb ik langdurige relaties opgebouwd, relaties met diepgang. Soms voel ik me zelfs een beetje huisarts van de organisatie. Neem iemand met een chronische aandoening. Samen zoeken we naar de beste manier om aan het werk te blijven. Als er een terugval is, kan een medewerker of een leidinggevende heel makkelijk bij me aankloppen. De drempel is laag. We kennen elkaar immers al goed. Zo kan ik snel de juiste dingen doen en echt iets betekenen voor de cliënt.’
 

Bijdragen vanuit betrokkenheid

‘Omdat ik heel nauw met mijn afdelingen in contact sta, hoor en zie ik veel. Zo trek ik bij de afdeling schoonmaak met diverse partijen op, en komen we gezamenlijk tot creatieve ideeën die bijdragen aan vitaliteit en werkplezier. Bij de afdeling neonatologie ben ik nauw betrokken geweest bij  infectiepreventie en werd daardoor medeauteur van een artikel dat net is ingediend. En zo komt er altijd weer iets nieuws. 
Onlangs heb ik met 3 collega’s op een zondagmiddag muziek gemaakt op enkele verpleegafdelingen van het Radboudumc. In het kader van het project ‘beter uit bed’. Daar hoef je geen bedrijfsarts voor te zijn, maar hier komt het op mijn pad en kan ik samen met collega’s ook nog op andere manieren bijdragen aan innovatieve en persoonsgerichte zorg. Dat zijn voor mij dingen die het werk hier echt mooi maken.‘
 
Ben jij na het lezen van mijn verhaal geïnteresseerd geraakt in werken als bedrijfsarts in het Radboudumc? Neem dan gerust contact met mij op een keer verder te praten. Je kunt mij bellen op 024-3615400. Of stuur een e-mail naar nannet.vandergeest@radboudumc.nl.  
 
Ben jij er nu al van overtuigd dat je mijn collega wil worden? Lees dan de vacaturetekst voor bedrijfsarts en solliciteer direct!



Inge verpleegkundige en voorzitter VAR

‘Nabijheid en échte aandacht kunnen veel betekenen voor een patiënt.’

lees meer

Inge verpleegkundige en voorzitter VAR

Mijn start bij het Radboudumc 

'Als kind wilde ik altijd kinderarts worden in de tropen. Door mijn overstap naar de havo op de middelbare school viel geneeskunde af. Toen ben ik mij gaan verdiepen in verpleegkunde. Wat mij aantrok aan verpleegkunde waren de vele mogelijkheden die het bood. 
Tijdens mijn studie hbo-v heb ik stage in het buitenland gelopen. Hierdoor had ik na mijn afstuderen nog vrij weinig ervaring in ziekenhuizen in Nederland. Ik wist al dat ik in een ziekenhuis wilde gaan werken, maar wat ik precies wilde gaan doen, wist ik nog niet. Omdat ik graag eerst meer ervaring op wilde doen, heb ik mij na mijn afstuderen aangemeld voor een traineetraject van de Radboud Health Academy. Dit traineetraject maakte het mogelijk om bij het Radboudumc op twee afdelingen tegelijk te werken: de afdeling Nefrologie en Interne Geneeskunde. Tijdens dit traineetraject kreeg ik net iets meer ondersteuning.

Ondersteuning bij de start

Ik denk dat het belangrijk is dat je als beginnend verpleegkundige goed wordt ondersteund. Het is een pittige baan waarin je met veel leed te maken krijgt. Dit kan lastig zijn, helemaal als je net bent begonnen. Het was fijn om daar één keer in de maand intervisie over te hebben. Met andere net beginnende verpleegkundigen bespraken we bepaalde praktijksituaties. Dit maakte mijn start veel makkelijker. Het heeft mij helpen groeien en ik stond hierdoor steviger in mijn schoenen.  
Daarnaast was het relatief vrijblijvend. Ik kende het academische ziekenhuis eigenlijk helemaal niet, maar omdat er hier zo veel ontwikkelingsmogelijkheden waren, trok het mij aan. Ik had de mogelijkheid om naar een andere afdeling door te gaan, maar er was ook ruimte om op de afdeling te blijven. Het beviel mij heel goed om op deze manier binnen te komen en op een later moment pas een ‘definitieve’ keuze te maken.'

Persoonlijke aandacht

'Inmiddels werk ik 7 jaar bij het Radboudumc. De eerste twee jaar dat ik werkte op de afdeling Interne Geneeskunde heb ik samen met een andere startende collega een project rondom de artsenvisite gedaan. Wij vonden dat de manier waarop de artsenvisite gedaan werd niet in overeenstemming was met de persoonsgerichte zorg die we als ziekenhuis willen geven. Van onze leidinggevenden kregen we de vrijbrief om daarmee aan de slag te gaan. Het proces van de artsenvisite hebben wij toen samen met artsen en verpleegkundigen aangepast. Sindsdien wordt er niet meer in de artsenkamer gepraat over de patiënt, maar bij het bed van de patiënt in afstemming met de patiënt. De patiënt wordt meegenomen als gesprekspartner (patient included). Zaken worden niet meer dubbel besproken en beleidsbeslissingen kunnen sámen met de patiënt worden genomen. Op deze manier maken we de zorg die we bieden persoonsgericht en betrekken we de patiënt bij de keuzes in zijn of haar behandeling. Ik denk dat die start ervoor heeft gezorgd dat ik daar nog steeds met heel veel plezier werk en ruimte voel om te innoveren.  

Voorzitterschap

Op een gegeven moment dacht ik: wat zal ik nou eens gaan doen? Zal ik me gaan specialiseren? Dit was twee jaar geleden. Ik besloot (tijdelijk) ontslag te nemen en ik ben in verschillende ziekenhuizen in Gambia gaan werken om zo mijn werkervaring uit te breiden.
Toen ik terugkwam op de afdeling Interne Geneeskunde, kwam er een vacature voor bestuurslid bij de VAR (Adviesraad Verpleegkundigen & Paramedici). Het intrigeerde me hoe de VAR functioneerde als verbinder tussen verpleegkundigen en paramedici richting de Raad van Bestuur. Ik realiseerde me dat we als verpleegkundigen niet automatisch vooraan zitten bij het nemen van beslissingen, dus er was nog veel winst te behalen in dat opzicht. Als grootste beroepsgroep zijn we onmisbaar in het nemen van besluiten. Verpleegkundigen weten als geen ander wat de juiste zorg op het juiste moment en plaats inhoudt.'

Praktijk én beleid

Als verpleegkundige weet je hoe beleid er in de praktijk uitziet. Daardoor zijn we een waardevolle gesprekspartner bij het formuleren van beleid. Een half jaar geleden kwam de functie van voorzitter vacant en ben ik voorzitter van de VAR geworden. Ik werk nu 20 uur per week als verpleegkundige op de afdeling en 12 uur als voorzitter van de VAR. De functie die ik nu heb is beleidsmatig, maar daarnaast ook nog heel praktisch. Ik zou het één niet zonder het ander kunnen. Ik zou niet fulltime VAR-voorzitter kunnen worden, want ik vind dat ik ook nog met ‘de poten in de klei’ moet staan. Anders kan ik nooit goed als een verbinder tussen de uitvoerders en de beleidsmakers staan.' 

Zingeving

'Als verpleegkundige kan ik er voor een patiënt zijn; ook als er sprake is van een uitzichtloze situatie. Wat de uitkomst ook zijn mag, of het nou wel of geen genezing is, nabijheid en échte aandacht kunnen veel betekenen voor een patiënt. 
Als VAR-voorzitter kan ik verpleegkundigen en paramedici mee laten denken én beslissen over beleidsmatige zaken. Bijvoorbeeld een project over persoonsgericht zorg of over een nieuw te bouwen verpleegafdeling. Verpleegkundigen kunnen ontzettend goed inschatten wat de patiënt nodig heeft. Samen willen we zoveel mogelijk kwaliteit van leven bieden aan de patiënt. Een verpleegkundige is onmisbaar daarin. Ik draag mijn vak dan ook met trots uit!' 



Roy Kinder IC verpleegkundige

'Als je verdriet niet weg kan nemen, dan is begeleiding in dat verdriet geven op zijn minst zo belangrijk.'

lees meer

Roy Kinder IC verpleegkundige

Mijn start bij het Radboudumc

'Inmiddels een jaar of 13 geleden, heb ik bij het Radboudumc gesolliciteerd op een BBL vacature. Dat hield in dat ik vier dagen hier ging werken en één dag naar school ging op het ROC. In die BBL opleiding heb ik een jaar ‘kinderstage gelopen’, zoals ze dat toen noemden. Je loopbaan wordt natuurlijk een beetje gevormd door stages en ik vond deze heel interessant. Vandaar dat ik daarna de kinderaantekening heb gehaald en twee jaar volwassen IC specialisatie heb gedaan om vervolgens nog twee jaar de Kinder IC specialisatie te volgen. En nu ben ik hier, op de KinderIC.'

Van schoonmaken naar verpleegkundige

'Mijn keuze voor de verpleegkunde komt door een vakantiebaantje dat ik had als interieurverzorger, hier bij het Radboudumc. Ik maakte vaak praatjes met patiënten op de gangen. Toen merkte ik al hoe leuk patiënten het vonden om gewoon even met iemand te praten en hoe makkelijk zij soms vertellen over hun ziekte. Dat was één van de voornaamste redenen waarom ik voor verpleegkunde heb gekozen vroeger.
Toen ik die knoop had doorgehakt, ben ik begonnen in een verpleegtehuis om mezelf persoonlijk en in het vakgebied te ontwikkelen. De academische zorg bleef ik interessant vinden. Ik heb uiteindelijk besloten om te solliciteren op de BBL vacature en zo geschiedde.'

De zorg van het Radboudumc

'Als ik nu terugkijk, zijn de keuzes voor academische zorg en voor het Radboudumc goed uitgepakt. Waar ik me bijvoorbeeld heel goed mee kan identificeren, is dat het Radboudumc de patiënt en de mensen daaromheen zoveel mogelijk wil meenemen als partner in de zorg. Ik laat in mijn werk de patiënt zoveel mogelijk bepalen hoe wij zijn of haar ziekte behandelen. Ik kan natuurlijk prima samen met een arts uitrollen wat we allemaal kunnen doen, maar het is niet mijn lichaam. Een patiënt moet in mijn ogen zelf bepalen waar de grenzen liggen en wat diegene kwaliteit van leven vindt. Dat is namelijk voor iedereen anders en zo moeten we dat ook benaderen. Deze invalshoek, in combinatie met de technologie en innovaties waar we op onze afdeling mee in aanraking komen, maakt werken op de KinderIC van het Radboudumc voor mij ontzettend gaaf.'

Betekenisvolle rol

'Sommige mensen leven hun leven in 80 jaar, anderen leven hun leven in 4 jaar. Het betekenisvolle aan het werk dat ik en mijn collega’s doen, is dat je van waarde kunt zijn in het begeleiden van een proces. En dat betekent niet dat dat proces altijd een positief einde heeft; het einde van zo’n proces kan ook het punt zijn dat iemands leven na 4 jaar ophoudt. Daar hebben wij ook niet altijd invloed op, helaas. 
Maar de betekenisvolle rol die je kan spelen in de verwerking van ouders, voor broertjes en zusjes die verder moeten met hun leven in de wetenschap dat hun broertje of zusje niet meer meedoet, dát is wat mijn werk voor mij betekenis geeft. Als je verdriet niet weg kan nemen, dan is begeleiding in dat verdriet geven op zijn minst zo belangrijk in het werk als verpleegkundige. Dat ik zo van betekenis kan zijn voor mensen, maakt dat ik trots ben op het werk dat ik doe.'

Yvonne wondzorgkundige

'De afdeling was zo enthousiast over de verbeterde kwaliteit van leven, dat we het uit de afdelingspot hebben betaald.'

lees meer

Yvonne wondzorgkundige

Meest kwetsbare moment

'Hoofd Hals Chirurgie kan behoorlijk verminkend zijn. Patiënten komen bij mij voor de verzorging van hun wonden. Ik leer ze op hun meest kwetsbare moment kennen. Zo was er een patiënt die een carcinoom achter zijn neus had. Hij onderging een grote operatie, waarbij zijn neus is verwijderd. Bij  deze ingreep plaatst de chirurg implantaten, waarop later een klikneus past. Ik denk altijd mee, hoe ze zich in die tussentijd kunnen vertonen. In eerste instantie breng ik het verband zo aan, dat het een neusvorm heeft. Dat maakt al dat mensen op straat minder gaan staren.'
 

Een 3D-neus

'De klikneus was echter geen succes. Door de vervolgbehandeling met Radiotherapie kreeg mijnheer ontstekingen rondom de implantaten. Vandaar dat ik hem weer vaker zag. Ook een plakneus, die hij elke dag met lijm moest aanbrengen, leverde problemen op. De huid trok pijnlijk, hij was moeilijker verstaanbaar, beperkt in zijn mimiek en bang dat de neus zou loslaten. Het aanbrengen van de plakneus is tijdrovend. En dan had hij net zijn neus afgedaan en dan kwam er bezoek. Bovendien ging de omliggende huid telkens kapot. “Heb je geen carnavalsneus, die ik op kan zetten?”, vroeg hij quasi serieus. Daar hebben ik samen met mijn collega’s van het 3D lab op doorgedacht. Kunnen we niet een neus aan een bril vastmaken? Zij hebben zijn neus aan de hand van de oude precies opgemeten, ook van binnen. Zo hebben we een eerste model gemaakt.'
 

Verbetering in kwaliteit van leven

'De man appte al na een week dat hij zó tevreden was. Hij zette de bril met neus elke avond op en soms zelfs ook al overdag. Toen zijn we verder gegaan, en hebben we er ook een opticien bij betrokken. Pascal van de Pol van het Centrum Bijzondere Tandheelkunde heeft op basis van het 3D-model een siliconenneus gemaakt. De patiënt is er zo blij mee. Als hij de bril opzet, valt de neus precies op de goede plek. Hij heeft geen last meer van wonden, omdat hij geen lijm meer op zijn huid hoeft te smeren.  Zo fijn, dat je het leven van deze patiënt zo een stukje draaglijker kunt maken. Helaas wordt het niet vergoed door de zorgverzekeraar, maar de afdeling was zo enthousiast over de verbeterde kwaliteit van leven, dat we het uit de afdelingspot hebben betaald.'


Ger verpleegkundig specialist kinder-IC

Zorgoverdracht aan ouders

'Soms kunnen kinderen met een chronische aandoening niet normaal zelfstandig ademen. Ze ademen via een tracheacanule, een buisje dat via een gaatje in de hals is ingebracht. Dat is voor hun ouders/verzorgers heel ingrijpend. Er mag niks misgaan, want dan krijgt het kind geen lucht en dat is levensbedreigend. Eigenlijk mogen ze hun kind geen moment uit het oog verliezen. In drie weken leren we de ouders twee keer per dag, één op één, hoe ze de canule moeten uitzuigen en vervangen en hoe te handelen bij noodsituaties.En dan nog ervoeren de ouders de overgang naar huis met deze zorg, alsof ze in het diepe werden gegooid. Regelmatig kwamen kinderen na ontslag snel weer terug op de IC.'

Kindergasthuis

'We hebben er nu een mooie oplossing voor gevonden. Kinderen gaan niet gelijk naar huis. Ze verblijven eerst nog met het hele gezin een week in Kindergasthuis “De Boeg” in Groesbeek, om hen sterker te maken voor de zorg thuis. Een verpleegkundige van de kinder-IC is 24/7 aanwezig om ouders daarbij te ondersteunen. Toen ik met het eerste gezin meeging, opende het mijn ogen. Al in de parkeergarage was het een uitdaging om de bewakings- en uitzuigapparatuur in de auto te plaatsen. Zodanig dat alles binnen handbereik staat in geval van nood.'

Alle aandacht voor ouders

'Hoe vervoer je drie kinderen waarvan één zo’n intensieve zorg nodig heeft. Ik besefte opeens dat wij die overgang naar huis veel te weinig aandacht hadden gegeven. Hoe ga je winkelen, hoe kun je koken? Zelfs naar het toilet gaan is een punt, want je mag het kind niet uit het oog verliezen. In De Boeg ervaren wij zelf ook wat een impact het heeft op een gezin om met zo’n ernstig ziek kind naar huis te gaan. Het heeft nu al onze aandacht om ouders en kind beter voor te bereiden op de transitie naar huis. Een faciliteit als kindergasthuis de Boeg als tussenstap naar huis is onbetaalbaar! Onder begeleiding kunnen ouders nu in een rustige omgeving sterker worden om de grote stap naar huis maken.'


Bas internist

‘Ik had deze man naar huis laten gaan.’

lees meer

Bas internist

Foute boel

'Vrijdagmiddag kwam er een patiënt op de verpleegafdeling. Hij had veel vocht in zijn benen en in de buikholte, en was benauwd. Foute boel, dachten mijn collega’s. Zeker toen hij vertelde dat hij in het verleden een melanoom (huidkanker, red.) had gehad. Wij vermoedden leverfalen als gevolg van een uitzaaiing en er was een punctie gepland voor maandag. De afdelingsarts gaf hem voorzichtig aan dat het er niet goed uitzag.
Zaterdagochtend had ik dienst en liep ik visite. Het leek wat beter met hem te gaan. Hij wilde heel graag nog even naar huis. Waarom ook niet, dacht ik. Er gebeurt het weekend verder toch niks en hij woont hier vlakbij. Kom zondag maar terug zeiden wij en eerder als het niet gaat.
Toen ik zondagavond thuis zat te eten, belde de assistent dat mijnheer door de familie weer was teruggebracht: ''De patiënt lijkt wel stervende.'' Ik ben halsoverkop naar het ziekenhuis gereden. "Ik had deze man niet naar huis mogen laten gaan'', spookte het door mijn hoofd.'

Als niks meer helpt

'Ik trof de patiënt ernstig benauwd aan, en zijn familie hevig van slag. Uit hun reactie kon ik opmaken dat hij aan hen nog niets had verteld van het eerdere gesprek van vrijdag. De waarden van het bloedgas waren zo slecht, dat de analist dacht dat het apparaat een fout had gemaakt. Ik wist genoeg. Deze man brengen we niet meer naar de IC, genezing is niet meer mogelijk. Ik moet hem zo snel mogelijk een comfortabeler gevoel geven. We besloten samen met hem en de familie om hem rustgevende medicatie te geven. Hij begon direct rustiger te ademen, waardoor de familie ook meer ontspande. Hij was nog een tijdje aanspreekbaar en viel toen in slaap.
Hij is diezelfde nacht overleden. Het teamgevoel was heel sterk deze avond bij deze onverwachtse, onvoorbereide gebeurtenis. We wilden het allemaal tot een waardig einde brengen. Ik was emotioneel, mijn gevoel overheerste dat ik niet zorgvuldig had gehandeld. Maar de familie bleek achteraf juist heel tevreden. En de patiënt heeft thuis nog een paar mooie uren gehad.'


Annet verpleegkundige

Annet vertelt over hoeveel impact kanker kan hebben op familieleden van de patiënt.

lees meer

Annet verpleegkundige

De vele zorgen

"Onze volwassen zoon is er helemaal klaar mee, met de vele zorgen over zijn zieke zus. Horen jullie dat vaker?” Deze vraag van een moeder bij de LATER-poli bleef maar door mijn hoofd spoken. Op de poli volgen we de zogenoemde survivors, die kanker hebben overleefd.'

Gevoelens uitspreken

''Horen jullie dat vaker… ?'' Deze vraag bleef me bezighouden. Hoe moeilijk moet het vaak zijn geweest voor al die familieleden. Er komen hier regelmatig volwassen broers en zussen van ex-kankerpatiënten over de vloer. Voor een studie naar late effecten, nodigen we hen uit als controlegroep. Heb jij “last” gehad van de ziekte van jouw zus, vroeg ik aan een vijftigjarige vrouw? Ze barstte spontaan in huilen uit. En verbaasde zich vervolgens over deze heftige reactie. Ze was het zich niet eens zo bewust, maar kennelijk had ze er wel degelijk onder geleden. Kunnen we hier iets mee, vroeg ik mij af.

We hebben een oproep gedaan voor een focusgesprek. Met acht broers en zussen zijn we om tafel gaan zitten. Het was voor hen zó waardevol. Ook al kun je de tijd niet terugdraaien, ze vonden erkenning en herkenning in de verhalen van anderen. Eigenlijk hadden ze er nooit zo openlijk over gesproken, ze schaamden zich voor de gevoelens die er in hun ogen niet mochten zijn. Want natuurlijk begrepen ze dat veel aandacht naar het zieke kind ging. Geen verwijten naar hun ouders, die kónden niet anders. Maar dat neemt niet weg dat ze er zelf wel last van hebben gehad: minder aandacht, verlatingsangst, te grote zelfstandigheid op jonge leeftijd. En ook zij leken te lijden aan de late gevolgen. Met de gemene deler dat ze bijvoorbeeld moeilijk voor zichzelf opkomen en geneigd zijn zichzelf weg te cijferen.

Eén deelnemer vertelde later, dat ze het ook met haar ouders had besproken. Haar moeder zei: ''Als ik daar was, wilde ik bij jou zijn en als ik bij jou was wilde ik daar zijn''. ''Had ze dat toen maar gezegd, dat had mij enorm geholpen'', was haar reactie. Ik ben blij dat we dit gedaan hebben, ook al zijn broers en zussen niet onze primaire doelgroep. Eén van de deelnemers wil een boek hierover gaan schrijven. En ze gaan een Facebookpagina aanmaken waar ze elkaar kunnen ''ontmoeten''. Ze staan niet meer alleen, ik vind het fijn dat we daar een stukje aan hebben kunnen bijdragen.'

Koen verpleegkundige

'Ik ben tevreden als ik nét dat beetje extra persoonsgerichte zorg heb kunnen leveren.'

lees meer

Koen verpleegkundige

Mijn start bij het Radboudumc

‘Aan de Saxion Hogeschool in Enschede heb ik hbo-v gestudeerd. De psychiatrie sprak me tijdens het keuzetraject aan, maar ik zag daar uiteindelijk te weinig doorgroeimogelijkheden voor mezelf. Die zag ik wel in een groot academisch ziekenhuis als het Radboudumc. Ik heb me aangemeld voor een meeloopdag bij Heelkunde en was direct enthousiast. Gelukkig was het enthousiasme wederzijds en kreeg ik al snel een vast contract. Omdat ik medewerker was bij het Radboudumc, kon ik meteen terecht in een guesthouse van de SSHN. Dit maakte de overstap gemakkelijk en zorgde ervoor dat ik me sneller thuis voelde in Nijmegen.’

Mijn werk als vaatverpleegkundige

‘Ik heb de verantwoordelijkheid over patiënten van de Vaatchirurgie. Ik houd van de diversiteit in mijn werk: van wondverzorging tot nazorg in gang zetten en van overleg met artsen tot gesprekken met naasten. Standaard verpleegkundige taken misschien, maar in mijn ogen echt met een bonus. Hier worden namelijk de heel specialistische, academische ingrepen gedaan. Daarnaast moet je als verpleegkundige natuurlijk overal inhoudelijk van op de hoogte zijn en weten wat dat van jouw zorg vraagt. Een patiënt die gedotterd is, heeft andere zorg nodig dan een patiënt bij wie amputatie van het been dreigt.’

Persoonlijke aandacht

‘Ik ben tevreden als ik niet alleen heb gedaan wat ik moest doen, maar ook nog tijd heb gehad voor nét dat beetje extra persoonsgerichte zorg. Natuurlijk hebben we protocollen nodig, maar die zijn niet zaligmakend. Soms helpt een ontspannen praatje, wat extra begeleiding of uitleg de patiënt enorm.’

Vertegenwoordiger van de patiënt

‘Ik houd ervan om nieuwe dingen te leren. Ik zoek bijvoorbeeld helemaal uit wat er tijdens een operatie is gedaan. In welk gebied is de patiënt geopereerd? Op welke lichaamsfuncties moet ik dus alert zijn? Die medische kennis draagt bij aan de klinische blik die ik van belang vind in mijn werk. Verder denk ik dat communicatie belangrijk is om het verpleegkundige vak goed te kunnen beoefenen. Het is nodig om de juiste vragen te stellen, maar bijvoorbeeld ook om voor de patiënt op te komen. Als verpleegkundige ben je de vertegenwoordiger van de patiënt.’

De weg naar mijn droombaan

‘Ik wil me blijven verdiepen in mijn vak en mijn blik verruimen. Daarom zit ik hier echt goed, want dat is precies wat bij het Radboudumc van je verwacht wordt. Er is dan ook voldoende ruimte en mogelijkheid voor die verdieping. Ik ben nu bijvoorbeeld bezig met de Generieke Module Intensief (GMI), van de vervolgopleiding Verpleegkunde Snijdende Specialismen (VSS) bij de Radboudumc Health Academy. Verder hebben alle verpleegkundigen een aandachtsgebied. Dat van mij is ‘de vitaal bedreigde patiënt’. Dat is niet zomaar. Ze weten wat mijn ambitie is: werken op de Intensive Care. Op deze manier helpt het Radboudumc me mijn droom te verwezenlijken.’

Werken als onderzoeker

Jakko arts-microbioloog

'Als ziekenhuis kun je achter de dijken blijven, maar je kunt ook zeggen dat het onze missie is om voor de wereld iets te betekenen.'

lees meer

Jakko arts-microbioloog

Mijn start bij het Radboudumc

'Tijdens mijn geneeskundestudie heb ik mijn coschappen bij het Radboudumc gelopen.  Door de manier waarop mij dingen werden gevraagd, merkte ik toen al dat het een echt academisch ziekenhuis is. Ik zag dat er werd nagedacht over waarom dingen op een bepaalde manier gedaan worden. Er werden zelfs wetenschappelijke artikelen bijgehaald. Wetenschap wordt hier gecombineerd met de beste patiëntenzorg.
Door mijn goede ervaring met het Radboudumc, wilde ik na mijn studie heel graag aan de slag bij het Radboudumc. Ik kreeg een baan als arts op de afdeling Longziekten op Dekkerswald. Hier kon ik arts zijn én wetenschappelijk onderzoek doen. De brug tussen wetenschappelijk onderzoek en patiëntenzorg heb ik altijd al ontzettend interessant gevonden, dus dat was voor mij toen een droombaan. Dekkerswald, Centrum voor Chronische Ziekten, is één van de locaties van het Radboudumc en was vroeger een categoraal ziekenhuis. Het is heel klein en vriendelijk. Als arts was het een heel veilige omgeving om te starten. Mooier dan dat kon gewoon niet.'
 

Zorg op maat

'Dat beeld wat ik als student van het Radboudumc had, is eigenlijk niet veranderd. Ik kijk nog steeds met heel veel bewondering naar hoe hier zorg wordt vormgegeven. Waarom ligt een patiënt in een bed als hij eigenlijk nog kan lopen? Dat de mensen hier dit soort vragen stellen fascineert mij. Er wordt niet alleen gekeken naar wat het protocol zegt, maar er wordt gekeken naar wat voor die ene patiënt het beste is. Dit zie ik dagelijks terug in de praktijk.
Als arts-microbioloog onderzoek ik wat de beste manier is om de patiënt te behandelen. In het laboratorium onderzoek ik samen met mijn collega’s welke bacterie een infectie veroorzaakt. Door dit te achterhalen kan ik een arts adviseren hoe een patiënt het beste behandeld kan worden. Als arts-microbioloog ben ik als het ware de schakel tussen het laboratorium en de artsen.' 
 

Het verschil kunnen maken door onderzoek

'Voor een aantal zeldzame infecties, die een beetje op tuberculose lijken, heb ik samen met collega’s jarenlang onderzoek gedaan naar wat de beste antibiotische behandeling is voor die infecties en hoe je die patiënten het beste kunt begeleiden. We hebben de behandeling van patiënten proberen te verbeteren door steeds een kleine aanpassing in de behandeling te doen. Om de zoveel jaar bekijken we de resultaten. We zien nu dat de uitkomsten van onze veranderende behandeling veel zijn beter geworden. Wij genezen nu veel meer patiënten dan voorheen. Samen met een heel breed team met mensen met heel veel verschillende achtergronden hebben wij dit bereikt. Dat is echt heel bijzonder om onderdeel van te zijn.'
 
 
Grensoverschrijdende missie
'Wat ik mooi vind aan werken in het Radboudumc, is dat er zijn geen duidelijke muren tussen afdelingen zijn. We weten elkaars expertise en elkaar als mens in dit ziekenhuis goed te vinden. Er heerst hier een cultuur waarin dit de norm is.
In dit ziekenhuis hoef je niet te werken aan ‘het grootste probleem van de wereld’. Je mag ook iets wat nu nog onoplosbaar doch klein is, oplosbaar maken. Hierdoor komen wij namelijk ook tot heel veel andere inzichten voor grotere problemen. Onderzoek hoeft niet alleen voor patiënten van het Radboudumc impact te hebben. Er wordt ook gekeken naar wat voor de wereld belangrijk is. Tuberculose is hier een voorbeeld van. In Nederland mag tuberculose dan misschien niet meer vaak voorkomen, in de rest van de wereld is het een heel groot probleem. Het komt vooral voor in gebieden waar de middelen er niet zijn om goed wetenschappelijk onderzoek te doen. Het Radboudumc stimuleert je om naar het wereldwijde plaatje te kijken. Als ziekenhuis kun je achter de dijken blijven, maar je kunt ook zeggen dat het onze missie is om voor de wereld iets te betekenen.'


Corina principal investigator

'Ik wil de jonge generatie wetenschappers inspireren.’

lees meer

Corina principal investigator

Mijn start bij het Radboudumc

'Ik groeide op in Duitsland en begon daar de studie Psychologie. Op mijn twintigste ging ik naar Londen. Daar rondde ik mijn studie Psychologie af en promoveerde aan het King’s College London (KCL) op het gebied van sociale, genetische en ontwikkelingspsychiatrie. Daarna zocht ik, ook buiten de grenzen, naar interessante projecten. Die vond ik in Nijmegen bij het Donders Instituut, waarmee collega’s van het KCL een samenwerkingsverband hebben. Hier loopt het voor mij zeer interessante NeuroIMAGE Project: een unieke case-control studie met wel 800 gezinnen met en zonder ADHD.'

Mijn werk als onderzoeker

'Mijn werk is heel divers. Daar houd ik van, want daardoor blijf ik mezelf ontwikkelen. Als onderzoeker bedenk ik bijvoorbeeld compleet nieuwe onderzoeken, vraag ik subsidies aan, bestudeer literatuur, analyseer data en schrijf papers. Natuurlijk geef ik ook lezingen over mijn onderzoek, zoals op internationale conferenties. Daarnaast verzorg ik bijvoorbeeld ook een module bij de master Cognitieve Neurowetenschappen en een keuzevak bij de bachelor Geneeskunde, waarbij ik veel regel: de voorbereiding, de coördinatie en de selectie van de lezingen en ik draag bij aan de toetsing. En als copromotor heb ik al verschillende promovendi begeleid.'

De wens van ouders vervullen

'Ik ben projectleider van een een mindfulness studie voor kinderen met ADHD en hun ouders: het MindChamp-project (MINDfulness for CHildren with ADHD and Mindful Parenting). Hierin onderzoeken we hoe mindfulness werkt en wat de klinische impact is. Het project is een samenwerking tussen Karakter, het Radboudumc, Radboud Universitair Centrum voor Mindfulness, en UvA Minds. Ik zie dat kinderen én ouders het leerzaam vinden om naar de trainingen te gaan. Ik vind het mooi dat ik aan een onderzoek kan werken dat aansluit bij de behoeftes van ouders. Er is veel belangstelling voor nieuwe behandelmethoden voor ADHD.'

Mijn hart volgen

'Soms moet je als je ‘nee’ als antwoord krijgt, doorgaan totdat je een ‘ja’ krijgt, desnoods op een onconventionele manier. Ik probeer altijd goed naar mijn hart te luisteren. Toen ik me opgaf voor een recente young investigator prijs, besloot ik niet te gaan voor het onderzoek met de grootste journal impact factor. In een onderzoek met de kleinere impact factor zat het nieuws én mijn hart. Ik denk dat dit er uiteindelijk voor heeft gezorgd dat ik de prijs heb gewonnen.'
 

Passie overdagen

'Ik wil bijdragen aan onderzoek naar geestelijke gezondheidszorg. Ik wil nog meer begrijpen over ADHD en het ontstaan ervan, op het niveau van genetica, omgevingsfactoren en neurobiologie, en ook bijdragen aan het vinden van nieuwe behandelingen voor ADHD. Daarnaast wil ik heel graag de jonge generatie wetenschappers inspireren. Een zaadje planten, al is het maar bij een paar mensen. Het Radboudumc steunt me in het bereiken van deze doelen onder andere door middel van het talentprogramma voor versnelde groei voor postdocs: het Galilei-traject.'

Cecile longarts

'Het mogen uitwerken van je eigen ideeën en strategieën is ontzettend motiverend.'

lees meer

Cecile longarts

Passie voor patiëntenzorg

'Sinds 2005 ben ik longarts op Dekkerswald. Dit is één van de locaties van het Radboudumc. Veel patiënten op Dekkerswald zijn afkomstig uit het buitenland en zijn migrant, asielzoeker of vluchteling. Daarnaast hebben we ook regelmatig verslaafden of psychiatrische patiënten. Persoonlijke aandacht vind ik heel belangrijk. Als deze mensen ziek worden kunnen ze wel een arm om hun schouder gebruiken. Ik kijk graag naar de mens als geheel, niet alleen maar naar de ziekte. Ik wil begrijpen wat het voor iemand betekent om hier twee maanden lang in isolatie opgesloten te zijn. Wanneer een patiënt geneest staan we erbij stil en kunnen we dit ook vieren.'

Puzzels oplossen

'Wat ik mooi vind aan mijn specialisme, is dat het veelzijdig is. Het bestaat uit een stuk fysiologie, een stuk handwerk én een denkwerk: longfuncties die geïnterpreteerd moeten worden,  kleine chirurgische ingrepen en bronchoscopieën. Met de labuitslagen, röntgenfoto’s en kweekuitslagen of biopsieën maken we elke keer weer de puzzel compleet. Dat puzzelen vind ik mooi. Het maakt het longartsenvak voor mij compleet en uitdagend.'

 
Vrijheid om te onderzoeken

'Na mijn geneeskundestudie heb ik mijn eerste arts-assistentschappen gedaan in een ziekenhuis voor tropische infectieziekten, longziekten en tuberculose in Paraguay. Deze periode heeft veel indruk gemaakt. Nadat ik gespecialiseerd ben in longziekten en tuberculose, ben ik na mijn promotieonderzoek bij het Radboudumc in 2013 weer terug gegaan naar Paraguay. Om dáár tuberculoseonderzoek naartoe te brengen: de dokters te leren hoe je onderzoek doet en onderzoekssamenwerkingsverbanden kunt opzetten. We proberen artsen in Paraguay te laten inzien dat onderzoek zoveel meer biedt dan alleen een leuke publicatie. Het geeft de mensen inzicht in de ziekte en daarnaast maakt het hen nieuwsgierig.
Na drie jaar onderzoek heb ik een EU-subsidieaanvraag geschreven omdat de plannen groter en groter werden. Deze aanvraag werd in juni 2018 gehonoreerd en in april 2019 ga ik als Principal Investigator van het consortium van start. Dit voelt als een kroon op mijn werk van de afgelopen jaren. Het mogen uitwerken van je eigen ideeën en strategieën is ontzettend motiverend. 
Ik ben de afdelingsleiding erg dankbaar voor het vertrouwen en de vrijheid die ik tot nu toe steeds gekregen heb om mijn plannen verder te ontwikkelen. Twee keer per jaar mocht ik gedurende 10 tot 15 dagen naar Paraguay. De Raad van Bestuur ben ik daarnaast ook dankbaar voor het ondertekenen van een officieel samenwerkingsverband met het ministerie van Volksgezondheid in Paraguay. Dit samenwerkingsverband heeft voor het verdere onderzoek echt deuren geopend!'

Trots op Dekkerswald

'Dekkerswald is een NFU erkend Tuberculose Expertise Centrum. Hier zijn we erg trots op. We hebben een fantastisch team met drie toegewijde longartsen, een verpleegkundig specialist en een heel mooi verpleegkundig team. Daarnaast zijn er vele andere specialismen uit het huis in het Expertise Centrum betrokken. Ondanks het feit dat de tuberculose incidentie in Nederland afneemt, groeit onze populatie patiënten en het aantal verwijzingen vanuit de rest van het land nog steeds.'

Inspirerend vooruitzicht

'Over drie jaar krijgt het Tuberculose Expertise Centrum op het Radboudumc terrein een nieuw paviljoen, een zogeheten High Level Infectie Unit. Hier is plek voor 15 tuberculose patiënten en patiënten met ernstige besmettelijke virale infecties zoals bijvoorbeeld Ebola. Fysiek zullen we dan veel dichter bij het Radboudumc zijn, maar we zullen nog steeds een geïsoleerde afdeling blijven waar we onze huidige Dekkerswaldse werkwijze zullen handhaven. In de High Level Infectie Unit zijn er 8 isolatiebedden en twee IC bedden en krijgen de andere 7 patiënten ook een eenpersoonskamer met uitzicht op een tuin. Dat we in de High Level Infectie Unit nog betere persoonsgerichte zorg kunnen gaan bieden is een inspirerend vooruitzicht waar ik graag onderdeel van uitmaak.'


Arjan onderzoeker Reumatologie

‘Ik zie nu pas wat de ziekte met de patiënt doet.’

lees meer

Arjan onderzoeker Reumatologie

De oorzaak achterhalen

‘Ik doe onderzoek naar sclerodermie, een zeldzame auto-immuunziekte waarbij de huid verhardt en verstrakt, soms raken ook de interne organen aangedaan. Ik probeer met experimenten te achterhalen waar het op celniveau misgaat. Hoe de verkeerde ruis in het afweersysteem ontstaat. Onze aanname is dat een bepaald
stofje de ziekte veroorzaakt. Ik analyseer onder meer huidbiopten, door er stofjes aan toe te voegen en wat daar uitkomt vergelijk ik met hoe de cellen van gezonde mensen reageren.'

Het nut van patiëntenparticipatie

'Bij onze afdeling Reumatische ziekten betrekken we steeds meer de patiënten bij het klinische en fundamentele onderzoek. Ik had eigenlijk nooit contact met patiënten, maar nu is Harrie Berkers op mijn pad gekomen. Hij is een type die de ziekte niet over zich heen laat komen, maar graag zelf de regie voert. Het klikte meteen. Hij zit nu eens per maand naast me in het lab. Het is voor hem biochemische abacadabra. Inhoudelijk heeft hij uiteraard weinig inbreng, maar hij ziet wel hoe ingewikkeld het is om tot die biochemische processen door te dringen. Ik vind het zo leuk om met hem samen te werken!'

Onderzoek simpel uitleggen

'Harrie is voor mij een belangrijk klankbord. Wij moeten ons onderzoek uitdragen aan subsidieverstrekkers en patiënten. Harrie dwingt mij met zijn lekenvragen om simpel uit te leggen waar ik mee bezig ben. Van vakjargon wordt niemand wijzer. Ik betrek hem bij het aanvragen van subsidies voor onderzoek. Harrie draagt zijn opgedane kennis over aan lotgenoten op de contactmiddagen van de patiëntenvereniging. We hebben daar ook al een paar keer samen een presentatie gehouden. Ik vind het zo goed, dat de patiëntenparticipatie ook de wereld van onderzoekers is binnen getreden. Ik zie nu pas wat de ziekte daadwerkelijk met patiënten doet en hoe belangrijk het onderzoek voor hen is. Want voor sclerodermie zijn nog maar weinig behandelmogelijkheden. Ik voel nu veel sterker waar ik het voor doe en dat motiveert enorm.'

Reinout infectioloog en hoogleraar

'Hiv hier of in Indonesië, een wereld van verschil'

lees meer

Reinout infectioloog en hoogleraar

Zelden behandeling

'Ik doe al bijna 20 jaar vanuit Radboudumc onderzoek naar hiv en tuberculose in Indonesië. Ik heb drie jaar in Bandung gewoond en ga nog steeds regelmatig naar Indonesië, onder andere voor begeleiding van promovendi. Het is zo’n wereld van verschil!
Hier in Nederland hebben circa 21.000 mensen hiv, waarvan meer dan 90 procent pillen gebruikt. Ik zie ze jaren achtereen op mijn spreekuur; de meesten hebben vrijwel geen klachten en zijn gewoon aan het werk. Dan Indonesië, daar hebben 613.000 mensen hiv, 0,4 procent van de bevolking. Slechts één op de zeven van hen heeft ooit behandeling gehad, maar vaak komt die te laat waardoor er veel mensen sterven.'

Onderzoek en voorlichting

'Ik doe momenteel onderzoek op Jakarta naar meningitis en andere herseninfecties. Het treft vaak jonge mensen, gemiddeld 28 jaar oud, waarvan de helft doodgaat. Ze komen op de eerste hulp van het ziekenhuis, vaak al in coma, of met verlammingsverschijnselen of epileptische aanvallen. De helft van hen heeft óók hiv. En het wrange is dat die diagnose vaak al eerder is gesteld. Je ziet dan bijvoorbeeld een jonge vader sterven, terwijl je weet dat hij die herseninfectie helemaal niet had hoeven krijgen, als hij eerder adequaat voor de hiv was behandeld. Dat grijpt mij enorm aan. Hoe krijgen we het voor elkaar dat deze patiënten toch op tijd een hiv-behandeling krijgen en voortzetten? Daarvoor zijn we nu in gesprek met dokters en patiënten in Jakarta. Een groep enthousiaste professionals bezoekt de patiënten thuis. Ze worden er met Indonesische hoffelijkheid in hun kleine huisjes ontvangen. Om voorlichting te geven en zicht te krijgen op de barrières.'


 

De schaamte voorbij

'In het islamitische Indonesië heerst er een stigma rondom hiv, het staat voor seks en drugs. Mensen komen daarom vaak pas naar het ziekenhuis als ze zo ziek zijn, dat ze niks meer te verliezen hebben. Ze zijn ook onwetend over de goede prognose met hiv-remmers. En de stad en het gezondheidssysteem zijn weerbarstig. Als mensen pillen krijgen, dan is dat telkens slechts voor een maand. Dat betekent dat ze elke maand weer met hun fysieke klachten door het drukke verkeer moeten komen, en uren wachten in een warme, bomvolle wachtruimte. Bang om herkend te worden met deze ziekte. Ik hoop dat deze mensen straks, net zoals mensen met hiv hier, een redelijk normaal leven kunnen leiden.'

Werken in het onderwijs

Odette stagiaire verpleegkunde

'Je wordt behandeld als medewerker, maar wel met de intensieve begeleiding voor een stagiair.'

lees meer

Odette stagiaire verpleegkunde

Mijn start bij het Radboudumc

'Ik ben bij het Radboudumc binnengekomen via een stage. In de eerste twee jaar van hbo verpleegkunde, krijg je door de HAN drie stageplekken op verschillende werkterreinen. Door puur toeval ben ik tijdens één van die drie stages bij het Radboudumc terecht gekomen. 
Daar was ik toen heel blij om, omdat mij de academische zorg heel uitdagend leek. Mijn eerste contact met het Radboudumc was nog veel eerder. Toen ik nog op de middelbare school zat en naar de open dag van de HAN ging, stond er ook een kraam van het Radboudumc. Mijn moeder, die ook verpleegkundige is, had me in de jaren daarvoor al enthousiast gemaakt voor werken in de verpleegkunde en voor academische zorg.'

Het Radboud Plus Traject 

'Tijdens deze open dag leerde ik over het Radboud Plus Traject van het Radboudumc. Dat is een traject dat je kunt volgen als je hbo verpleegkunde studeert aan de HAN, dat loopt via de Radboud Health Academy. Ik was direct enthousiast over het traject en heb in het eerste jaar van mijn opleiding hard gewerkt om de punten te halen die ik nodig zou hebben om ervoor  in aanmerking te komen.
Halverwege het tweede studiejaar kon ik solliciteren voor het Radboud Plus Traject. Ik werd daarna uitgenodigd voor een sollicitatiedag die bestond uit een groepsopdracht en een individueel gesprek. Aan de hand daarvan werd de keuze gemaakt. Ik zat bij de selectie! Dat leidde ook tot trots bij mijn moeder, die nog steeds tegen kennissen en collega’s zegt: 'Odette doet het Radboud Plus Traject!'. 
Vanaf dat moment was ik verzekerd van twee stages hier (waarvan ik nu de laatste loop) en kon ik aan de hand van verschillende workshops het traject deels zelf invullen. Zo heb ik een rondleiding door het mortuarium gehad en hebben we laatst gesproken over innovatie in de zorg.'

Leren bij het Radboudumc

'Op dit moment loop ik stage op de afdeling Heelkunde, bij abdominale en oncologische chirurgie. Het is een chirurgische afdeling. Er worden operaties uitgevoerd die nergens anders worden uitgevoerd. Mensen komen naar het Radboudumc voor specifiek die operatie, en ik mag voor en na de operaties voor die patiënten zorgen. Dat maakt dat ik het gevoel heb dat ik in de top van de Nederlandse zorg werk. Die uitdaging is ook echt iets wat ik zoek in mijn werk. 
Naast de uitdaging die ik hier in deze stage vind, vind ik ook de leercultuur die in het Radboudumc heerst heel fijn. Het is een ziekenhuis waar leren écht hoog in het vaandel staat. Er is ontzettend veel kennis over onderwijs aanwezig, dat merk ik in vergelijking met andere stageplekken. De mensen die ik tegen ben gekomen in mijn stages, weten waar ze het over hebben als het om opleiden gaat. Je wordt behandeld als medewerker, maar wel met de intensieve begeleiding voor een stagiair.'

De toekomst

'Je hebt studenten die altijd goede cijfers halen, maar daar was ik er niet perse één van. In mijn stage vind ik wél mijn uitdaging en haal ik ook goede beoordelingen. Dat maakt ook dat ik, voor nu, graag in de academische zorg en bij het Radboudumc zou blijven werken. Het is hier goed georganiseerd en daarnaast leer ik de dingen die ik wil leren. Zolang ik dat kan blijven doen en kan blijven groeien in mijn eigen vakgebied, zit ik goed op mijn plek.'


Jolanda kinderneuroloog

'In onderwijs emoties laten zien en voelen.'

lees meer

Jolanda kinderneuroloog

Een persoonlijke verhaal

‘Tijdens een hoorcollege over herseninfarcten liet ik een youtube-Ylmpje zien. Opeens begon een student ontzettend hard te huilen. Wat bleek, ze herkende de man op het filmpje. Hij had bij haar vader in het ziekenhuis gelegen, die ook getroffen was door een herseninfarct. Opeens kwamen bij haar de emoties van
toen in alle hevigheid boven. Ik stond even vertwijfeld. Wat moet ik nu doen? Ik ben naar haar toegelopen en vroeg of ze haar gevoelens wilde delen met de groep. Voor haar natuurlijk best spannend, zo onvoorbereid voor een volle collegezaal. Ze vertelde wat het met haar gedaan had. We hebben er wel een half uur over gepraat. Ik merkte dat het iedereen raakte. Daar kon mijn college niet aan tippen. De leerervaring van dit persoonlijke verhaal was voor de studenten vele malen groter.

De kracht van emoties

Daarom gebruik ik vaak persoonlijke verhalen van mijn studenten. Ik stel hen persoonlijke vragen en ik weet dat ze dat best spannend vinden. Laatst nog bij een werkgroep van coassistenten, waar het ging over fouten die dokters maken. Ik had een video daarover, maar ik vroeg of studenten zelf ervaringen hadden. Ook hier werd een student emotioneel over een incident waar ze zelf als coassistent bij betrokken was geweest en waar ze nog ontzettend mee zat. Waar ze over piekerde en waar ze slecht door sliep. Iedereen maakt helaas fouten. Zij
illustreerde zo mooi wat dat met je doet: de gevoelens van boosheid, schaamte en schuld. Er is voor studenten geen krachtigere manier om de stof te leren en onthouden, door juist emoties te laten zien en voelen.’

Werken in ondersteunde diensten


René adviseur sociale veiligheid

'De aanspreekcultuur zorgt ervoor dat er geen angstcultuur is.'

lees meer

René adviseur sociale veiligheid

Mijn start bij het Radboudumc

‘Toen ik op mijn 25e een auto-ongeluk kreeg, heb ik lange tijd in het ziekenhuis gelegen. Ik lag in het Canisius Wilhelmina Ziekenhuis, maar ik moest regelmatig naar het Radboudumc, omdat hier de benodigde specialismen waren om te herstellen. Ik moest maanden in het ziekenhuis blijven. Ik vond het eigenlijk wel een fijne omgeving en ik heb daar best wel goede herinneringen aan. Wat ik fijn vond, was de zorg en de respectvolle manier waarop verpleegkundigen met de patiënten omgingen. Niet alleen met de patiënten, maar ook met elkaar. Dit waren natuurlijk andere tijden, maar ik dacht toen al: als ik een keer de kans krijg om daar te gaan werken, doe ik het. Jaren later werd ik tijdens een skivakantie door mijn schoonvader gewezen op een vacature van het Radboudumc in een Nederlandse krant.  Volgens mij heb ik toen nog in de skilift naar het Radboudumc gebeld.’ 

Mensen zien ontwikkelen

‘Ik ben hier in 1999 begonnen als teamleider van de portiers en de recepties. Daarna ben ik teamleider beveiliging geweest, een paar jaar stafmedewerker en sinds 2014 ben ik Adviseur Sociale Veiligheid op de afdeling Beveiliging en Ontvangst. In deze rol netwerk ik door de hele organisatie. Ik kom overal: op de poli’s, verpleegafdelingen, kantoorafdelingen, laboratoria en de Radboud Universiteit. Eigenlijk heb ik overal wel advies gegeven en meegedacht over hoe we de beveiliging kunnen versterken. Als het gaat om ongewenst gedrag staat agressie bovenaan. Hier ben ik als het ware het aanspreekpunt voor. Samen met collega’s van verschillende afdelingen evalueer ik de incidenten.
Als afdelingen mijn adviesmaatregelen opvolgen in mijn huidige functie ben ik daar trots op. In de tijd dat ik hier werk heb ik mensen op de werkvloer zien veranderen, collega’s die zichzelf hebben versterkt. Deze collega’s heb ik dingen zien bereiken die ze zelf in het begin niet voor ogen hadden. Door hen op weg te helpen heb ik daar als adviseur een bijdrage aan kunnen leveren. Dat maakt me trots.’
 

Aanspreekcultuur

‘Op de afdelingen werken alle adviseurs en leidinggevenden aan hun persoonlijke ontwikkelplan. Hiervoor hebben we feedbacktrainingen gevolgd. Tijdens teamdagen hebben we deze feedback met elkaar gedeeld en nagedacht over onze persoonlijke ontwikkelwensen. Deze trainingen hebben me geleerd om het beste van mezelf te laten zien in relaties met collega’s.
Je moet er wel voor open staan om op je 54e te horen te krijgen dat je iets op een andere manier zou kunnen doen. Dit past bij de cultuur van het Radboudumc. Ook het aanspreken van elkaar op hoe je met elkaar omgaat. Deze aanspreekcultuur zorgt ervoor dat er geen angstcultuur is.’
 

Het ontzorgen van de zorg

‘Ons team is zich bewust van de kernprocessen in het ziekenhuis. Onze taak is om klaar te staan om te helpen wanneer het nodig is. Dat is heel dankbaar werk. Voor een beveiliger is dat bijvoorbeeld een collega helpen met een verwarde persoon op de Eerste Hulp om één uur ’s nachts. Een bedrijfshulpverlener zorgt ervoor dat personeel voorbereidt is op een mogelijke evacuatie. En de mesen van de meldkamer zijn 24/7 bereikbaar voor calamiteiten.
Die ontzorging, dat vind ik mooi. Omdat wij in nauw contact met de afdelingen staan is dat besef van ontzorgen heel groot.’

Tom secretarieel medewerker

‘Er is hier genoeg ruimte om je doelen te bereiken, ook als je ondersteuning nodig hebt.’

lees meer

Tom secretarieel medewerker

Mijn start bij het Radboudumc

'Aan het Rijn IJssel in Arnhem volgde ik de mbo-opleiding tot secretaresse op niveau 3 en 4. Mijn eindstage liep ik in het Radboudumc, op de afdeling Fysiotherapie Centraal. Na mijn stage heb ik een aantal jaren elders gewerkt. Toen ik daar geen contractverlening kreeg, polste ik toch weer eens bij het Radboudumc. Ik kon er gelukkig weer aan de slag als secretarieel medewerker op de afdeling Fysiotherapie Centraal. Daar ben ik nog steeds heel blij mee. Hier heb ik écht het gevoel dat ik mensen help.'

Mijn werk als secretarieel medewerker

'Geen dag is hetzelfde! Ik doe van alles voor collega’s en patiënten. Ik plan vooral de behandelafspraken in voor patiënten die specifieke fysiotherapie nodig hebben. Voor de therapeuten van de afdeling bied ik administratieve ondersteuning: ik verbind telefoontjes door, werk correspondentie uit en plan vervolgafspraken in. Daarnaast notuleer ik soms tijdens overleggen. De meeste patiënten die hier komen, hebben net een behandeling in het Radboudumc gehad en hebben fysiotherapie nodig. Soms krijg ik daardoor geëmotioneerde mensen aan de telefoon. Het voelt goed als ik dan een luisterend oor kan bieden en kan vertellen dat een behandeling gaat starten.'

Dienstverlenende rol

'Het is soms een hele puzzel om een gaatje te vinden in drukbezette agenda’s. Als het me dan toch lukt om een behandelafspraak te maken, de patiënt goed te informeren over de behandeling én de afspraak goed voor te bereiden voor de behandelaar, dan ben ik daar trots op.
Ik wil graag iets voor een ander kunnen betekenen. Dat inlevingsvermogen en dienstverlenende heb je nodig om dit werk goed en met plezier te kunnen doen. Daarnaast vind ik het leuk om te organiseren en overzicht te houden. Dat komt goed tot zijn recht bij het plannen van de afspraken. Vanwege mijn visuele beperking heb ik wat hulpmiddelen nodig bij programma’s zoals Word en Outlook, maar ik vind altijd een oplossing. Het Radboudumc denkt met mij mee en ondersteunt mij. Ik heb nu bijvoorbeeld vergrotingssoftware op mijn computer en een digitale loep op mijn bureau.'

Ambities bespreken tijdens ontwikkelgesprekken

'Ik heb nu een vast contract voor 20 uur per week, maar ik zou graag wat meer willen werken. Het liefst met meer verantwoordelijkheden. Het bespreken van dit soort zaken kan prima tijdens de ontwikkelgesprekken die ik met mijn leidinggevende heb. Daarnaast zou ik graag een cursus willen doen: medische terminologie. Dat kan ik hier in huis doen met mijn persoonlijk budget. Dat is een bedrag dat je jaarlijks krijgt om te besteden aan je ontwikkeling. Er is, kortom, genoeg ruimte in het Radboudumc om je doelen te bereiken. Ook als je ondersteuning nodig hebt, zoals bij mijn visuele beperking. Dat is voor mij nu zo goed geregeld dat mijn werkplek hier een voorbeeld voor anderen is geworden.'


Kelly Medewerker Steriele Medische Hulpmiddelen

'Het Radboudumc betaalt de uren die je werkt én de volledige opleiding.'

lees meer

Kelly Medewerker Steriele Medische Hulpmiddelen

Mijn start bij het Radboudumc

‘Vijf jaar geleden werkte ik in de detailhandel. Op internet kwam ik toen de vacature ‘Leerling Medewerker Steriele Medische Hulpmiddelen (MSMH)’ bij het Radboudumc tegen. Ik dacht: dat is iets wat mij leuk lijkt. Het ziekenhuis heb ik altijd al interessant gevonden, maar ik wilde niet in de directe patiëntenzorg werken. Ik ben vervolgens zonder enige ervaring met de opleiding tot MSMH begonnen. 
Iedere leerling die start, volgt de opleiding intern in deeltijd. Het Radboudumc betaalt de uren die je werkt én de volledige opleiding. Ik werkte drie dagen per week en ging één dag per week naar school. De dag dat ik naar school ging, de boeken en de reiskosten werden ook uitbetaald. Hier stond tegenover dat ik de twee jaar die daarop volgde moest blijven werken bij het Radboudumc. Intussen werk ik hier al vijf jaar. Dit bevalt mij nog steeds heel goed.’

Betaalde opleiding

'In de basis is het werk wat ik doe productiewerk. Door allerlei dingen buiten mijn vaste werkzaamheden op te pakken is mijn werk erg afwisselend. Na het afronden van mijn studie ben ik werkbegeleider geworden. Hier heb ik intern een training voor gevolgd. Alle nieuwe leerlingen die aangenomen worden en nog geen ervaring hebben, zoals ik ook binnenkwam, begeleid ik nu naar een gediplomeerd MSMH. 
Daarnaast heb ik de mogelijkheid gekregen om in mei weer een nieuwe opleiding te starten die aansluit op mijn huidige functie: kwaliteitsmanagement. Ik loop er soms tegenaan dat protocollen en werkinstructies niet altijd aansluiten op de praktijk. Toen had ik zoiets van: “als ik die opleiding kan doen, dan kan ik de brug slaan tussen de theorie en de praktijk”. 
Deze opleiding is extern, maar wordt deels betaald door het Radboudumc. Dat er hier zoveel mogelijk is, voelt heel erg goed en stimuleert mij. Niet al mijn collega’s hebben de behoefte een opleiding of training te volgen. Als je dit niet wil, dan is dat ook goed.’

Persoonlijke ontwikkeling

‘Voordat ik hier kwam werken had ik niet zoveel ervaring. Sinds ik hier werk heb ik de kans gekregen om interne trainingen en opleidingen te volgen en meer ervaring op te doen. Daarnaast heb ik een enorme persoonlijke ontwikkeling doorgemaakt. Dit komt door de kansen die ik heb gekregen en ook heb gepakt. Ik krijg vertrouwen van mijn leidinggevenden en mede daardoor ervaar ik het Radboudumc als een zeer goede werkgever. 
Voor MSMH’ers zijn er ontzettend veel vacatures. Ik kan bijna overal in Nederland gaan werken als ik dat zou willen. Juist omdat het Radboudumc zo goed in mij geïnvesteerd heeft, ben ik eerder geneigd om trouw te blijven aan waar ik zit. Ik ga voorlopig nergens heen.’


Rianne Applicatiespecialist

'Ik zou wel ergens anders heen kunnen, maar dan wordt het voor mij altijd minder dat wat het nu is.'

lees meer

Rianne Applicatiespecialist

Mijn start bij het Radboudumc

'Als je als patiënt in een ziekenhuis komt, is een dokter iemand die alles weet en waar je naar luistert. Ik was benieuwd naar hoe een groot ziekenhuis als het Radboudumc achter de schermen werkt. Ik was er al vrij snel achter dat ik in een commerciële organisatie niet gelukkig word. Ik doe graag dingen waar voor mij meer zingeving achter zit. Het is mooi dat ik hier wat kan doen dat bijdrage levert aan het welzijn van mensen.
Ik werk inmiddels 9,5 jaar bij het Radboudumc. Ik ben begonnen op de afdeling Zorgadministratie. Na drie jaar ben ik gedetacheerd bij het Epic project voor de implementatie van het Elektronisch Patienten Dossier (EPD). Omdat de zorg- en patiëntadministratie en belangrijk onderdeel van Epic is, sloot dit goed aan. Na afronding van dit project heb ik in 2014 de overstap gemaakt naar de afdeling Informatie Management. De grap is dat ik eerder altijd dacht: ik ga nooit in de ICT werken. Toch werk in nu in de ICT en dat doe ik met heel veel plezier!'
 

Mijn werk als applicatiespecialist

'Als applicatiespecialist Epic ben je betrokken bij het Elektronisch Patiënten Dossier (EPD) en de doorontwikkeling van het EPD. Hierin wordt alles vastgelegd rondom de patiënt. Van de persoonsgegevens van een patiënt tot alles wat er gebeurt tijdens een polibezoek, een opname of OK. Dit EPD hebben we vijf jaar geleden geïmplementeerd hier in het Radboudumc. Zo’n EPD vraagt om onderhoud. Dit komt omdat er steeds nieuwe functionaliteiten beschikbaar komen die we in het systeem bouwen. We kijken waar gebruikers behoefte aan hebben en hoe we dat het beste in een systeem kunnen zetten, zodat het makkelijk te gebruiken is. Daar gaat het uiteindelijk om.'
 

De overdracht van zorg

'Daarnaast ben ik betrokken bij een aantal projecten. Eén daarvan is ‘Overdracht van zorg’. Dit project staat in het teken van het overdragen van zorg vanuit het Radboudumc naar de regio. Dus naar de huisartsen, verpleeg-, verzorgingshuizen, thuiszorg, andere ziekenhuizen en vice versa. Ik heb bewust voor dit project gekozen, omdat ik het ontzettend belangrijk vind dat wij zorg goed overdragen. Dit heb ik altijd al heel belangrijk gevonden. Het zou ontzettend fijn zijn als er in de toekomst een landelijk EPD komt. Dit zou inzicht bieden in medische gegevens van een patiënt, waar een ander ziekenhuis op kan voortborduren. Het is voor mij echt een uitdagend project. Een uitstapje van mijn eigen functie eigenlijk.
Op onze afdeling is er ruimte voor zulke uitstapjes. Op het moment dat je bepaalde ambities heb kun je die bespreken met je leidinggevende. Als je dit aangeeft wordt er gekeken in hoeverre daarin invulling gegeven kan worden.'
 
 

Betaalde opleiding

'Ik doe nu de opleiding Post-hbo Bedrijfskunde aan de HAN. Dat zit qua niveau tussen hbo en universiteit in en duurt in totaal 16 maanden. Je leert in die maanden de algemene aspecten van bedrijfskunde, maar dan heel praktijkgericht. De opleiding wordt gedeeltelijk gefinancierd door het Radboudumc. Hier mag tijdens werktijd aan werken, omdat ik voor de opleiding ook analyses moet doen voor de afdeling.
Ik ben begonnen met deze opleiding door mijn oude leidinggevende. Hij heeft mijn worsteling meegemaakt toen ik besloot niet te solliciteren voor de functie als leidinggevende. Door mij hierop te wijzen heeft hij mij heel erg geholpen. Ik heb nog steeds de ambitie om ooit teamleider te worden, maar op toen ik functie vrijkwam was het nog te vroeg. Het is fijn om een goede basis te hebben. Na deze opleiding heb ik dat zeker.' 
 
 

Eén gezamenlijk doel

‘Als afdeling Informatiemanagement ondersteunen wij artsen en verpleegkundigen in hun werk zo goed mogelijk op ICT gebied, zodat zij zoveel mogelijk tijd overhouden voor de patiënt. Indirect spelen wij een belangrijke rol in de patiëntenzorg.  De ICT kan echter altijd beter. Het mooie is dat iedereen deze insteek heeft in ons ziekenhuis. Het kan áltijd beter.
Tegelijkertijd moet de gezondheidszorg betaalbaar blijven. Ook hierin speelt ICT een belangrijke rol. Als afdeling dragen we hier aan bij. Wat ik mooi vind is dat we als afdeling ontzettend hard werken, maar tegelijkertijd aandacht voor elkaar hebben. Iedereen is heel erg bezig om ervoor te zorgen dat iedereen lekker in z’n vel zit en dat je elkaar helpt en steunt wanneer dat nodig is. Zo zetten we met elkaar de schouders eronder.
In mijn ogen is het Radboudumc hét ziekenhuis dat op dit moment voorop loopt in de gezondheidszorg. Zeker als het om ICT gaat. Ik zou wel ergens anders heen kunnen, maar dan wordt het voor mij altijd minder dan wat het nu is. Voorlopig zit ik hier goed.’ 

Mary coördinator facilities OK

'Mijn loopbaan heb ik hier zelf vorm kunnen geven.'

lees meer

Mary coördinator facilities OK

Mijn start bij het Radboudumc

'Ik ben 37 jaar geleden begonnen als stafmedewerkster voeding bij het Radboudumc, in wat toen nog de 'centrale patiëntenkeuken' heette. Dan hebben we het over het jaar 1981, toen in het Radboudumc nog zelf patiëntenmaaltijden werden bereid. In ben inmiddels vijf jaar werkzaam als coördinator Facilities op de OK. Dit is mijn achtste baan in het Radboudumc. Toch hebben al die banen iets met elkaar te maken. Ik ben altijd facilitair bezig geweest.'
 

Ontzorgen door te faciliteren

'Door te faciliteren ontzorg ik het primaire proces. Dit past heel goed bij wie ik ben. Ik ben de oudste uit een gezin van zes en moeder van twee zonen. Ook in die ‘rollen’ ben ik continu aan het regelen en organiseren; aan het ontzorgen. In de loop der jaren ben ik hier steeds beter in geworden, zowel in mijn werk als thuis.
In een vorige functie heb ik bijvoorbeeld bij het IWOO, nu de Radboud Health Academy, gewerkt als Hoofd Onderwijsondersteuning.  Het IWOO overkoepelde de medische opleidingen. 
Eén van de leukste dingen die ik daar gedaan heb, was het organiseren van voorlichtingsdagen. We gingen toen bijna ten onder aan ons eigen succes;  er waren soms wel duizend mensen te gast! Als team moesten wij dat in goede banen leiden. Ik was zelf niet verantwoordelijk voor de inhoud van deze dagen, daar hielden mijn collega’s zich mee bezig. Ik was wederom bezig met het ontzorgen van dit primaire proces. Samen met mijn team ontving ik de gasten, maakte ik hen wegwijs en zorgde ik ervoor dat de catering goed geregeld was. En het aller belangrijkste: dat de bezoekers zich welkom voelden. Dat was geweldig om te doen. Zulke dagen waren ontzettend vermoeiend, maar als al die mensen tevreden de deur uitliepen gaf me dat heel veel energie en voldoening.'
 

Leider van je eigen loopbaan

'Naar die energie ben ik eigenlijk altijd op zoek geweest in mijn functies. Wanneer ik weer in een nieuwe levensfase terecht kwam, was ik vaak ook toe aan andere dingen. Toen mijn zonen uit huis gingen bijvoorbeeld, was ik weer toe aan iets anders op professioneel gebied. Dat heeft geleid tot deze functie, waarin ik continu voor nieuwe uitdagingen kom te staan. Mijn loopbaan heb ik hier zelf vorm kunnen geven. Mijn collega’s en leidinggevenden ondersteunen mij hierin, maar uiteindelijk moet ik het wel zelf doen.'
 

Werken op de OK

'In mijn huidige functie ben ik écht betrokken bij het primaire proces. Waar ik eerst opleidingsdagen faciliteerde, faciliteer ik nu ons OK-complex met 31 OK’s. Zo’n academische OK is net een klein bedrijf. Er komen patiënten binnen, ze worden geholpen en ze gaan weer terug naar een afdeling. Het feit dat je maar zo’n kort proces met patiënten doorloopt, betekent niet dat je niet betekenisvol kunt zijn. Dat zie je binnen het OK-complex ontzettend goed terug. 

Totale overgave

Als een patiënt hier binnen komt, geeft hij of zij zich volledig over. Je moet je kleren, je make-up, je sieraden, allemaal afdoen. En dan zeggen wij: ‘wij zorgen voor je’. Het feit dat ik onderdeel ben van dit hele proces door te ontzorgen, betekent ontzettend veel voor mij. Ik zorg ervoor dat mijn collega’s zich hier volledig kunnen focussen op hun specialisme. Het geeft me het gevoel dat ik, op mijn eigen manier, het verschil kan maken binnen ons OK-complex. Wij zijn een zeer belangrijk onderdeel van de organisatie. De afgelopen jaren zijn we nog professioneler geworden dan we al waren. Ik ben trots dat ik onderdeel ben van die groei.'

Femke bedrijfsleider Tandheelkunde

'Opeens stond onze verpleegkundige met een speentje bij ons thuis.'

lees meer

Femke bedrijfsleider Tandheelkunde

Een baby van 830 gram

'Ik ben hier na een zwangerschap van 25 weken en vijf dagen bevallen van Klaartje. Ze woog 830 gram en ging direct naar Neonatologie. Van tien uur ’s ochtends tot zes uur ’s avonds zat ik vier maanden bij haar bedje. We moesten de eerste week na haar geboorte ook nog een uitstapje van vier dagen naar Utrecht maken, omdat we in het Radboudumc geen kinderhartchirurgie meer hebben. Daar moest een bloedvat bij het hartje operatief worden gesloten. Klaartje ging er in de baby-ambulance naartoe, begeleid door een neonatoloog, en wij er met
de auto achteraan. Vanuit mijn vak en als bedrijfsleider heb ik er alle begrip voor dat je zorg doelmatig moet spreiden over Nederland, maar als patiënt voelt dat op dat moment toch even anders.'

Speciaal speentje

'Wij hebben de opname, de zorg en sfeer op Neonatologie als een warm bad ervaren. Na 4,5 maand opname konden we eindelijk naar huis. De hele afdeling stond ons uit te zwaaien. We vonden het best spannend. Opeens moet je het thuis allemaal alleen doen. Het lukte Klaartje bijvoorbeeld maar niet om uit de fles te
drinken, daarom kreeg ze nog sondevoeding. En wat me toen zo geraakt heeft, is dat er opeens een verpleegkundige van de Medium Care bij ons aan de deur stond, met een speentje. Ze kwam het speciaal brengen omdat ze het idee had dat dit specifieke speentje de oplossing voor het probleem zou zijn. En na twee
weken waren we thuis van de sondevoeding af en kon ze drinken uit de fles. Voor ons was dat zo’n belangrijke stap vooruit! Inmiddels is Klaartje 6 jaar. Ze doet het ontzettend goed, dankzij de zorg die ze in ons ziekenhuis gekregen heeft.'


Wouter beleidsadviseur duurzaamheid

'We zijn een van de meest innovatieve ziekenhuizen van Nederland.’

lees meer

Wouter beleidsadviseur duurzaamheid

Mijn start bij het Radboudumc 

‘Ik werk inmiddels 10 jaar bij het Radboudumc. Ik ben begonnen als administratief medewerker en ben vanuit daar doorgegroeid naar junior adviseur op een groot IT-project. Vervolgens intern gesolliciteerd op mijn huidige functie: beleidsadviseur duurzaamheid. 
Toen ik nog student Logistiek en Economie was, wist ik (nog) niet helemaal wat ik wilde. Via een stageplek ben ik binnengekomen bij het Radboudumc. Nu, 10 jaar en 3 functies later, ga ik nog steeds elke dag met plezier naar het werk bij dezelfde werkgever. Dat vind ik bijzonder.’

Trots op onze duurzaamheid

‘Duurzaamheid in de zorg is best nieuw. Je bent continu verkennend en innovatief bezig. Je loopt voor de troepen uit. Dat is heel spannend, maar tegelijkertijd heel gaaf. En over voldoening en trots gesproken: als je een artikel leest waarin staat dat het Radboudumc op het gebied van duurzaamheid tot de internationale top behoort, dan word ik blij. 
We zijn inmiddels onderdeel van een internationaal netwerk van bijna 30.000 ziekenhuizen en hebben in 2018 het grootste congres ter wereld rondom duurzaamheid naar Nijmegen gehaald. Dat zijn mijlpalen. Dat komt allemaal voort uit kleine stapjes die we samen zetten. Als dat allemaal in een keer tot uiting komt in bijvoorbeeld zo’n congres, dan denk ik: dat hebben we toch mooi voor elkaar gebokst!’

Persoonlijke ontwikkeling 

‘Ik heb mijn persoonlijk budget altijd besteed aan mijn eigen ontwikkeling. Ik ben naar internationale congressen geweest en heb er bijvoorbeeld mijn Master of Business Administration deels mee kunnen financieren. Als medewerker wordt je uitgedaagd om jezelf te blijven ontwikkelen, zodat ook de organisatie kan blijven ontwikkelen. 
Dat uit zich bijvoorbeeld ook in de Radboud manier van werken. Als je dat als externe leest, komt het misschien over als een soort ambitieuze gedragscode, maar ik heb altijd ervaren dat het gedrag van mijn managers en collega’s er echt mee overeenkomt. Vooral vanuit het betrokken zijn, merkte ik dat ik kon rekenen op aandacht en vertrouwen van mijn managers en collega’s. Ook als het over een eventuele stap naar een nieuwe functie ging.’

Pit en innovatiedrang

‘De stappen die je door dat vertrouwen kan zetten, zorgen ervoor dat je echt een eigen impact kan hebben. Toen ik hier 10 jaar geleden binnenkwam, was het Radboudumc heel anders. Nu zijn we een van de meest innovatieve ziekenhuizen van Nederland, zo niet daarbuiten. Dat komt niet alleen omdat we als organisatie goed hebben ingespeeld op de veranderingen in de zorgwereld, maar ook omdat we in een soort ‘ecosysteem’ zitten met grote bedrijven als bijvoorbeeld Philips en ASML. Er zit pit en innovatiedrang in deze organisatie, en dat blijft mij aanspreken. Dat maakt dat ik ook na 10 jaar iedere dag met energie naar mijn werk ga!’