Sluiten

Instructie voor thuisbloeddrukmeting

  1. Zorg dat u goed weet hoe uw bloeddrukmeter werkt.
  2. Doe elke ochtend 3 metingen in het eerste half uur na het opstaan, voordat u de medicijnen inneemt en voor het ontbijt. Doe elke avond 3 metingen voordat u naar bed gaat.  
  3. Vermijd, vooral tijdens het half uur voor de meting, zoveel mogelijk factoren die de bloeddruk beïnvloeden, zoals alcohol, roken/tabak, koffie en fysieke inspanningen. 
  4. Ga zitten op een stoel met uw rug tegen de rugleuning. Zorg dat uw voeten plat op de grond staan en uw benen niet gekruist zijn. Meet uw bloeddruk altijd in een rustige omgeving. 
  5. Doe de manchet (bloeddrukband) om uw ontblote bovenarm en zorg dat uw kleding niet knelt. Controleer of de onderrand van de manchet zich 2-3 centimeter boven de elleboogplooi bevindt. Leg de slang waarmee de manchet met het apparaat verbonden is aan de binnenkant van uw arm. 
  6. Laat uw arm rusten, bij voorkeur op de tafel of anders zo hoog (eventueel op kussen of stapeltje boeken) zodat het midden van de manchet ter hoogte van het midden van het borstbeen is (‘harthoogte’). Neem steeds dezelfde arm om te meten, zoals afgesproken met uw arts. 
  7. Wacht 5 minuten in deze houding voordat u gaat meten. 
  8. Vermijd spreken en bewegen tijdens het meten (ook tijdens het opblazen en ontluchten). 
  9. Doe 3 metingen en wacht tussen de metingen steeds 60 seconden.
  10. De eerste van de 3 metingen telt niet mee. Bereken van de andere 2 metingen het gemiddelde van de bovendrukken en van de onderdrukken. Schrijf deze getallen op onder vermelding van de datum en het tijdstip. 
     
Patiëntenzorg Behandelingen
Resultaten (853)

Filter